GELOOF en LEVEN vzw



  
HOME

INHOUD

GELOOF EN LEVEN  (Inhoud Geloof en Leven 2007 nr. 1)

TERUG NAAR INHOUD       


 

- De wijsheid van het kind  A. Solzjenitsyn

- Voor een Europa met christelijke waarden

- Kardinaal Danneels steunt dit initiatief voor de Judeo-christelijke waarden

- Pauselijke oproep: weersta aan de secularisering

- Ik ben er kapot van (Hoe als christen de zorgen doorkomen?) Ben Van Vossel

- Als godsdienst een vloek wordt

- Paus Johannes-Paulus II over het terrorisme

- Christenen: gist in de wereld (Paus Paulus VI)

- Kerk Redemptoristen in Leuven dicht

- gebed van overgave

- Ite ad Joseph. Sebastian Viaene

- Lucas in Padua? (2) Samenstelling: Ben Van Vossel

- Condoomcampagne naar 12/13-jarigen

- Duitse afdeling ‘Kerk in nood’ laat naam Oostpriesterhulp vallen

- Maria-Kefasgemeenschap op Brussel-Allerheiligen 2006

- Brussel Allerheiligen 2006  Een verslag

- De christen: vriend van de arme   (Andrea Riccardi, St.-Egidius)

- Gezegend zij God

- De Jezusdynastie

- Lied: Heer Jezus, maak uw Naam (t+m: Ben Van Vossel)

- iconen schilderen voor beginners

- In de vrede van de Heer

- De eerste missievlucht naar Kongo (28) Jozef Boon cssr

   TERUG NAAR INHOUDSOVERZICHT       


DE WIJSHEID VAN HET KIND 

A. Solzjenitsyn

  

Hoe gemakkelijk is het voor mij

met U te leven, Heer.

Hoe gemakkelijk is het voor mij

in U te geloven.

Wanneer ik twijfels toelaat

of mijn verstand het opgeeft,

wanneer de knapste koppen

niet verder kijken dan tot vanavond

en niet weten wat men morgen moet doen…

dan zendt U mij

een onomstotelijke zekerheid

dat U bestaat

en dat U er voor zult zorgen

dat niet alle wegen tot het goede

worden afgesloten.

    EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


EEN ‘ONZEVADER’ OP DE MIDDAG

Bidden voor een Europa met christelijke waarden

  

Oproep van ‘Europa voor Christus’

Hoewel het christendom voor Europa van een zodanig grote betekenis geweest is, moeten we vaststellen dat christenen en christelijke waarden in de politiek en in de maatschappij meer en meer over het hoofd gezien worden. Het initiatief “Europa voor Christus” wil met de steun van verschillende christelijke personaliteiten in heel Europa daaraan iets doen.

Europees gebedsinitiatief

‘Europa voor Christus’ is inderdaad een Europees initiatief om christenen van alle strekkingen moed in te spreken en zelfvertrouwen te geven. Het initiatief wil mensen samenbrengen om elke dag te bidden voor een Europa dat gedragen wordt door christelijke waarden. De initiatiefnemers nodigen concreet iedereen uit om ‘s middags, samen met duizenden andere Europeanen, hiervoor het Onzevader te bidden. “Europa voor Christus” wil ook informatie aanbieden als hulp bij de persoonlijke vorming rond thema’s die betrekking hebben op het christen zijn en de maatschappij. Dit gebeurt ondermeer door het verspreiden van een nieuwsbrief - ook in het Nederlands - via internet. ‘Europa voor Christus’ nodigt gelovigen van harte uit om samen met hun gebedsgroep, gemeenschap of organisatie deel te nemen aan deze gebedsactie.

  

Praktisch

Belangstellenden kunnen via website:  

http://www.europe4christ.net/index.php?id=36&L=8

het ‘Europa voor Christus’-charter ondertekenen. Ze ontvangen dan ook elke maand de Nederlandstalige nieuwsbrief. Ze vinden er ook alle informatie over het initiatief.

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


  

EUROPEES ZEEWATER ZONDER ZOUT  

Kardinaal Godfried Danneels 
steunt het initiatief ‘Europa voor Christus’  

“Zich afvragen wat Europa zou zijn zonder het christendom, is zich afvragen wat het zeewater zou zijn zonder zout. Het is een feit dat de Europese beschaving zonder christenen en zonder christendom niet zou zijn wat ze is. Het christendom is als wortel van Europa niet enkel een spirituele erfenis voor haar. De christenen in Europa hebben ook een verantwoordelijkheid. De Europese waarden zijn voor een groot deel judeo-christelijke waarden. Voor een deel zijn ze geseculariseerd. Afgesneden van hun transcendente bron die God en Christus is, verliezen ze hun bron en hun steun. Ze riskeren dode planeten te worden, gescheiden van hun moederplaneet. Weliswaar bewonderenswaardig om te bekijken, maar zonder vuur dreigen onze waarden waanzinnig te worden. Op deze wijze kan het christendom degenereren tot individualisme, de liefde en de vrede puur pacifisme worden. Hoelang kunnen de geseculariseerde joods-christelijke waarden overleven zonder aangetast te worden?  Dat het project “Europa voor Christus” moge bijdragen tot het terugvinden van de bron, die Christus is.”

+ Godfried Kardinaal Danneels

Aartsbisschop van Mechelen-Brussel

Brussel, februari 2006

(Gepubliceerd in europe4christ.net bij ‘Groetwoorden van Prominenten’)

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


PAUSELIJKE OPROEP: WEERSTA AAN DE SECULARISERING  

“Italië heeft het getuigenis van de christenen nodig”zei paus Benedictus XVI op het einde van de vierde nationale conventie van de Italiaanse katholieke kerk. De paus stelde dat hij erg blij was de bijeenkomst te kunnen bijwonen. Het centrale thema luidde: ‘Getuigen van de Verrezen Christus’.

In zijn toespraak verwees paus Benedictus XVI naar het begin van de bijeenkomst, waar toen al benadrukt werd dat ook Italië niet ontkomt aan de secularisering. Italië wordt door een nieuwe golf van ‘Verlichting en laïcisme’ overspoeld. Die nieuwe cultuur, die tot een nieuwe manier van leven is uitgegroeid, propageert dat alleen wat ervaarbaar en berekenbaar is enige waarde bezit. “God blijft uitgesloten uit de cultuur en het openbare leven en het geloof in Hem wordt steeds moeilijker, terwijl we in een wereld leven die we als ons eigen werk beschouwen.” Tegelijk constateerde de paus een radicale reductie van de mens, die als een eenvoudig product van de natuur beschouwd wordt, niet echt vrij is en als elk ander dier moet behandeld worden. “Ethiek wordt terug geleid tot de uitersten van relativisme en utilitarisme, met uitsluiting van elk moreel principe dat geldig en verplichtend is.” De paus herhaalde dat een dergelijke cultuur niet alleen een radicale breuk betekent met het christendom, maar ook met de religieuze en morele tradities van de mensheid. “Die cultuur is niet in staat tot een echte dialoog met andere culturen en heeft geen antwoorden op de fundamentele vragen naar zin en inrichting van ons leven.” Daarom wordt deze cultuur ook gekenmerkt door een grote nood en heeft die tevens een grote nood aan hoop.   

Nieuwe evangelisatie

De paus noemde de bijeenkomst een nieuwe etappe in de uitvoering van de besluiten van het Tweede Vaticaans Concilie en een weg naar de evangelisatie, die het geloof en het zaad daarvan bij de Italiaanse bevolking levendig moet houden. Hij onderstreepte het belang van het doopsel en riep Italiaanse gelovigen op om positieve en overtuigende antwoorden te geven op de vragen en verwachtingen van mensen. Niemand mag de band tussen geloof en het alledaagse leven afwijzen. Tegelijk riep hij hen op de secularisering te weerstaan en zich voor christelijke waarden in de politiek in te zetten. Tot slot verwees hij naar de almaar toenemende technische mogelijkheden, maar stelde tegelijk vast dat men er op moreel vlak niet in dezelfde mate op vooruit is gegaan.

(Naar Kerknet Vlaanderen 20/10/2006)

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      

IK BEN ER KAPOT VAN

Ben Van Vossel

Onrustgevoelens

Sint Augustinus heeft in zijn “Belijdenissen” een woord neergepend dat heel bekend is gebleven: “Onrustig is mijn hart totdat het rust in U, Heer”.  Een woord met diepe betekenissen op godsdienstig en antropologisch en mystiek vlak. Maar als ons hart onrustig is, kunnen er allerlei oorzaken zijn en ook allerlei hulpmiddelen om daaraan te verhelpen. Velerlei oorzaken, inderdaad. Zijn het lichamelijke oorzaken, iets met de bloedsomloop, een hartprobleem, hormonen die wat in de war zijn geraakt, schildklier bv… dan hebben dokters en specialisten een heel arsenaal eventuele medicamenten of behandelingen voorradig.

We hebben natuurlijk stilaan geleerd ons eens af te vragen of dat lichamelijk lijden ook geen psychosociale oorzaken heeft… En dan moet u toch nog even verder lezen.

De onrust in ons hart kan te maken hebben met problemen die zich voor ons stellen. Overigens zijn dat wel eens ingebeelde problemen of een psychologisch ziektebeeld waarbij eventueel een goede psycholoog of psychiater wat kan helpen. Misschien zijn we zelf al begonnen met slaappillen, kalmerende middelen enz.  Misschien boden die een stukje oplossing...

De zorgen nemen alle vreugde uit mij weg

De problemen kunnen echter ook te maken hebben met allerlei omstandigheden in ons persoonlijk leven, ons gezinsleven, ons professioneel leven; ernstige zorgen over onze financies, rond gedwongen werkeloosheid, rond mogelijke ziekte, rond de kinderen, een kind aan de drugs…  Je hoort wel eens zeggen: “Ik ga er mee slapen en sta er mee op”. Met die zorgen. Met die problemen. Als die problemen te maken hebben met je persoonlijke relaties, of een heel persoonlijke problematiek, kunnen zij zwaar wegen op jou, op je innerlijke vrede. Je verliest je vreugde, je bent de innerlijke vrede kwijt. Je beeldt je in wat er allemaal nog verkeerd kan lopen, bovenop hetgeen nu al vierkant draait; hoe gaat het zich verder ontwikkelen? Je slaapt niet goed, je loopt zenuwachtig tijdens de dag, je zou het liefst eens goed uitwenen, ‘was het allemaal maar achter de rug!’, ‘kon dat eindelijk maar eens veranderen!’, ‘is hier dan niets aan te doen?’.   

Mijn God, waarom verlaat Gij mij?

Ik zat me af te vragen of ik dat woord van Augustinus hier toch ook niet bij mag betrekken: “Onrustig is mijn hart, totdat het rust in U, Heer”. Je kunt het een profanatie vinden voor zo’n diep-existentieel woord. Maar de problemen waarover ik het had kunnen een mens echt kapot maken, het bestaan (de existentie) van een mens tot een hel maken, een bijna niet te dragen lijden dag in dag uit. God is echt niet zo wereldvreemd dat Hij zich van ons niets aantrekt. Hij blijft niet vreemd aan wat wij meemaken. O ja, ik weet het: je roept, je smeekt, je bidt… en … er gebeurt niets! Je vertrouwen op God raakt geschokt. “God, waarom luister je niet? Hoor en verhoor toch mijn bidden! Houd Gij uw oren gesloten voor mij? Ziet Gij niet de ellende waarin ik moet leven? Hoort Gij mijn zuchten en smeken niet?”

Ik weet niet of u zich herkent in deze zinnen, maar zo baden de mensen van het Oude Godsvolk. In de psalmen kan je dat alles lezen.

Wij verwachten dat God iets gaat doen aan de omstandigheden, aan de zaken die volgens ons zijn misgelopen. Misschien doet Hij dat. Misschien niet. Doet Hij dan niets? Wil Hij dan niets doen?   

Een geestelijke cardioloog

Jawel. God wil wel iets doen. Hij wil iets doen aan onszelf, in onszelf. Wij hadden het over een onrustig hart. Hij wil iets doen aan ons hart. Maar juist zoals een bij cardioloog, moeten wij Hem ons hart dan ook toevertrouwen. Het met vertrouwen Hem in handen geven. Hoe doen we dat? (Want dit lijkt nu toch wel alleen maar wat vrome praat).

Als je ’s morgens opstaat (maar je mag er natuurlijk reeds mee beginnen wanneer je ’s nachts wakker ligt) zeg je aan God dat je Hem kiest als de Heer van je leven. “Ik vertrouw je heel mijn leven toe. Ik geef U heel mijn leven in handen.”

Stilaan besef je dat ‘heel mijn leven’ ook gaat over ‘mijn zorgen, mijn problemen, mijn angsten’. In dat woord “Ik vertrouw U heel mijn leven toe”, steekt dus ook de belofte (die je stilaan tracht waar te maken, echt tracht in praktijk te brengen) dat jij niet alles wil oplossen (je hebt trouwens al ondervonden dat je er niets kunt aan veranderen; alleen maar van wakker liggen en onrustig van lopen). Je vertrouwt Hem dus ook die problemen toe, en al die zorgen en angsten. Maar je moet niet vragen: los die nu op, verander de situatie, verander die personen door wie die problemen komen (verander ze in de richting die ik zou willen of … desnoods op een andere manier). Je moet niet vragen: neem die onrust uit me weg, geef dat ik wat kan slapen, geef dat ik die onrustige gedachten wat uit mijn hoofd kan zetten, geef dat die onrustgevoelens rond mijn hart en in mijn zenuwen wat tot stilstand komen…   

Ik geef het op. Over naar U

Ik denk dat we dat alles aan God moeten overlaten. We moeten de zaken dieper aanpakken (en dan bedoel ik nog niet onze inspanning om wat overeen te komen met mensen, om zelf niet tezeer verhangen te zijn aan geld en goed, om zelf wat meer medemens te zijn, al eens vergeving te vragen, nieuwe kansen te geven enz.). De zaken dieper aanvatten heeft op de eerste plaats te maken met die keuze voor God: Hem erkennen als onze Heer, onze oorsprong. Hem alles in handen geven. Ons niet meer willen bemoeien met het oplossen van zaken die niet op te lossen zijn. Onze tijd en energie niet steken in onze onrust en angsten. Maar die onrust, die angsten die in ons leven, aan God geven. “Heer, hier, ik geef het op. Ik geef u mijn onrustig hart, ik geef U mijn hele bestaan. Ik wil als een kind voor uw aangezicht leven en vanuit uw bevestiging, vanuit uw overgrote liefde voor mij wil ik me midden de mensen begeven, ga ik weer de situaties aan waarin ik mij onrustig voel, de relaties die mij angstig maken. Ik kijk niet zozeer naar de reacties van mensen, ik weet mij door U gesteund, ik voel uw hand op mijn schouder. Ik laat uw vrede in mijn hart binnenvloeien (ik zeg nog niet direct binnenstromen, dat klinkt wat te plots, dat klinkt wat te hevig voor dat kleine, flauwe straaltje zon dat mijn hart binnenschijnt)”.   

Revalidatieoefeningen

In de nachtelijke uren bidt je het Jezusgebed, telkens en telkens weer: “Heer Jezus, Zoon van God, ontferm U over mij; Heer Jezus, Zoon van God, Redder, ontferm U over mij, zondaar”… En in de dag ga je – telkens en telkens weer – naar Hem, de Bron van leven, mijn Vader, mijn Herder, mijn Leidsman. Jezus sprak woorden die God tot ons blijft zeggen: “Komt allen tot Mij die uitgeput zijt en onder lasten gebukt, en Ik zal u rust en verlichting schenken” (Mt.11,28).  Dit moet voor u een van die ‘Meesterwoorden’ worden die je leven behoeden voor moedeloosheid en troosteloosheid. Naar de Heer gaan, naar zijn ogen opkijken in plaats van naar alles wat u onrustig maakt en dat je voortdurend zit te overdenken en te herkauwen. Kijk op naar Hem. Probeer het. Leer het. Dwing jezelf er toe. Zelfs al blijven de omstandigheden waarin je leeft onveranderd, toch zul je spoedig kunnen bidden met psalm 131 (ik citeer hem met de tussenzangantifoon uit de liturgie van de maandag van de 31 ste week van de even jaren):   

Bij U, Heer, ben ik veilig

bescherm mij in uw vrede.

Mijn hart is niet hoogmoedig, Heer,

mijn ogen kijken niet verwaand.

Ik streef ook niet naar grote daden,

hoger dan ik reiken kan.

De stormen zijn bedaard in mij

en vredig is mijn geest.

Zoals een kind op moeders schoot,

zo veilig voel ik mij.

Zoek, Israël (volk van God), uw toevlucht bij de Heer

van nu af voor altijd.

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


ALS GODSDIENST EEN VLOEK WORDT

  

In bepaalde voor het Westen ongezellige toepassingen (waarmee ik niet de steeds maar duurdere aardolie bedoel maar eerder het terrorisme waar heel wat onschuldige mensen als slachtoffer vallen en de angst waaronder tallozen anderen leven) vertoont zich een gelaat van de Islam dat een vloek werpt op een godsdienst die heel wat verheven en menspromoverende aspecten heeft. Ook het christendom heeft zo zijn historische schandvlekken zoals de inquisitie, jodenvervolging, godsdiensttoorlogen...   

In de terroristische (zelf-)moordaanslagen op vaak onschuldige personen valt een donkere schaduw over de Islam en over een heel deel van de wereld. Maar eigenlijk is het geen vloek over de Islam in het algemeen. Deze vloek is een vloek over die bepaalde vorm van fundamentalisme. Deze vloek heeft zijn wortels in het misprijzen voor concrete mensen en concrete mensenlevens. Deze – meestal onschuldige - mensenlevens moeten zogenaamd wijken voor de eer van God en de eer van de Islam. Die eer van God en de Islam wil men dan herstellen door een hoop mensen stuk te maken. Het diepe misprijzen voor het leven van die concrete mensen die men daar vernietigt (het leven van de dader zelf en van al zijn slachtoffers, die hij niet kent evenmin als hun familie, hun echtgenoten en kinderen) is een slag in het gelaat van God zelf! Zoals Joden en Christenen geloven Moslims dat alle mensen uit Gods hand gekomen zijn, Hij is de Schepper, de Enige;  al die mensen zijn door Hem gewild zijn en bemind, voor hen heeft Hij het heil bedoeld.

Christenen hebben ook erge dingen gedaan. Heidense regimes zoals het fascisme en communisme (die nog altijd hun vereerders hebben) hebben afschuwelijke misdaden begaan tegen grote bevolkingsgroepen.  

 

Als vandaag nog mensen rondlopen die ‘in de naam van God’ een hoop mensen naar het leven staan omdat zijzelf een bedreigend teken willen stellen naar de boeman ‘het Westen’, ‘de andersdenkende Sjiiet of Soenniet’, de ‘ongelovige’ en dit ‘in de naam van God’, ‘voor de eer van God’… dan overtreedt hij een fundamenteel punt waar – ik spreek hier als gelovige – God een lijn heeft getrokken. Die lijn is maar stilaan duidelijk geworden aan de mensen. Het is een lijn die bijvoorbeeld terug te vinden is in het verhaal van Abraham (Ibrahim) die van God zijn enig kind (Isaak) moet offeren als teken van zijn vertrouwen op Gods belofte. Uiteindelijk houdt een engel van de Heer dan hand van Ibrahim tegen: “Ik vroeg dit maar om je geloof te testen”. Ofschoon in de Schrift heel andere en ook gruwelijke zaken verhaald worden, kunnen we hier toch iets aflezen van: eigenlijk vraagt God geen mensenoffers, zoals de Moloch aan wie mensen hun kinderen offerden. “Gruwels” worden die afgoden genoemd, want God gruwt ervan en een goedgeaard mens ook. In een van de scheppingsverhalen wordt gezegd dat God de mens maakte naar zijn beeld en gelijkenis. “De” mens. Ieder mens. Wie gaat zich zo aan God gelijk maken dat hij ‘in Naam van God’ die mensen, die ook gemaakt zijn naar het beeld van God, gaat doden? God wenst dat niet! God wil dat niet! God verbiedt dat ten stelligste!  

(Lees hierna: Joannes-Paulus II over het terrorisme)

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


  

JOANNES PAULUS II OVER HET TERRORISME  

Voor de viering van de werelddag van de vrede (1 januari 2002) schreef paus Joannes-Paulus II een boodschap: “Er is geen vrede zonder rechtvaardigheid, er is geen rechtvaardigheid zonder vergeving”. Het was niet zo ver na de dramatische gebeurtenissen van 11 september 2001 met de duizenden slachtoffers van de terroristische aanslagen op de twin-towers in New York.

“Sedertdien is de mensheid in de hele wereld zich met een nieuwe intensiteit bewust geworden van de kwetsbaarheid van elkeen en is zij de toekomst beginnen tegemoet te zien met een tot dan toe ongekend gevoelen van diepe vrees”.  

  

De boodschap van vorige paus is een scherpe analyse van de oorzaken en aanleidingen voor het terrorisme, ook van de uitwegen uit de verziekte situatie waartoe het geleid heeft.  Maar zij bevat ook een vlijmscherpe veroordeling van het terrorisme, des te meer omdat het soms zogenaamd gebeurd ‘in naam van God’.

“Terwijl zij hun aanhangers als wapens lanceren tegen weerloze personen die het gevaar niet kennen, brengen deze terroristische organisaties het doodsinstinct dat hen voedt op een ontstellende manier tot uiting. Het terrorisme ontstaat uit de haat en brengt de vereenzaming voort, het wantrouwen en het terugplooien op zichzelf. Het geweld vergroot het geweld, in een tragische spiraal die zelfs de nieuwe generatie meetrekt zodat deze de haat erft die de voorafgaande generaties heeft verdeeld. Het terrorisme heeft als fundament het misprijzen voor het menselijk leven. Daarom juist is het niet enkel aan de oorsprong van onduldbare misdaden, maar het vormt op zichzelf, doordat het grijpt naar de terreur als politieke en economische strategie, een waarachtige misdaad tegen de mensheid”.   

Er bestaat daarom ook een recht om zich te verdedigen tegen het terrorisme, maar dat recht moet ook weer beantwoorden aan morele en gerechtelijke regels zowel in de keuze van de objectieven als in deze van de middelen…

Naar het einde van zijn Boodschap toe zegt de paus dat hij de vertegenwoordigers van de wereldgodsdiensten uitnodigde om op 24 januari (2002) naar Assisi te komen, de stad van sint Franciscus, om te bidden voor de vrede … opdat “de almachtige God van ons een instrument van zijn vrede zou maken”. Het was werkelijk een profetische uitnodiging die diepe indruk heeft gemaakt toentertijd, maar die nog altijd niet bij machte is om het terrorisme een definitief halt toe te roepen.   

De paus eindigde zijn oproep met de woorden: “Dat op deze Dag van de Vrede een vuriger gebed moge opstijgen uit het hart van elke gelovige voor alle slachtoffers van het terrorisme, voor hun tragisch getroffen families, en voor alle volkeren die nog voortdurend gekwetst en ontsteld worden door het terrorisme en de oorlog! Dat van de lichtstraal van ons gebed zelfs zij niet worden uitgesloten die God en de mens zwaar beledigen door deze meedogenloze daden: dat zij zouden inkeren in zichzelf en zich rekenschap geven van het kwaad dat zij aanrichten; dat zij zich aldus gedreven voelen om te verzaken aan elke wil tot geweld en om vergeving te vragen! Moge de mensenfamilie in deze tumultueuze tijden de ware en duurzame vrede vinden, deze vrede die enkel kan geboren worden uit de ontmoeting van gerechtigheid en barmhartigheid”.


      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


CHRISTENEN: GIST IN DEZE WERELD  

“Wat de ziel is in het lichaam, dat zijn de christenen in de wereld, in deze wereld van Europa. O, zeker, zoals in de tijd van Diognetus moeten zij hun getuigenis geven onder armoedige omstandigheden, midden onbegrip, midden tegenspraak, ja, zelfs in vervolging. Maar indien hun gist de nederigheid van het evangelie heeft, dan heeft het er ook heel zijn hevigheid van, het is drager van heil voor het geheel”. (Paus Paulus VI tot de Europese bisschoppen 18 okt. 1975).


      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


KERK REDEMPTORISTEN TE LEUVEN DICHT  

LEUVEN (naar Kerknet/RKnieuws.net 17/11/2006) - Op zondag 26 november 2006 werd de kerk van de paters redemptoristen aan de Brabançonnestraat in Leuven definitief gesloten. De bediening van de kerk werd 60 jaar lang “(als broeder-koster, later als voorganger) ter harte genomen door pater Frans Schenk. De sluiting is een gevolg van de fusie van de Vlaamse redemptoristen met hun Nederlandse, Duitse en Zwitserse confraters in augustus 2005. Deze fusie brengt op korte en middellange termijn ingrijpende veranderingen met zich mee, vooral in Vlaanderen. De sluiting van de kerk in Leuven is daar een van. Het klooster te Leuven, voornamelijk een bejaardentehuis, blijft voorlopig wel bestaan. (In 2013 werd alles afgebroken en verhuisde de communiteit naar een zorgcentrum te Heist op den Berg; de kerk moet blijven staan als interbellum-monument)


      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


GEBED VAN OVERGAVE  

Neem en ontvang, o Heer,

geheel mijn leven,

mijn wil,

mijn verstand,

mijn geheugen,

mijn gevoelens,

mijn lichaam,

mijn verlangens,

mijn plannen,

mijn vrijheid,

mijn hart,

deze dag

en mijn toekomst …

Beschik over alles

zoals Gij het wilt

want alles is het Uwe.

Geef mij uw genade en liefde

die zijn mij genoeg.

Amen.

(Handgeschreven tekst op keerzijde van prentje

met icoon ‘Abraham die Gods belofte ontvangt’)

    EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      

  

ITE AD JOSEPH 

(Ga tot Jozef)  

Sebastian Viaene en huisgenoten

 

Ik ben 18 jaar. Ik studeer multimedia en communicatietechnieken. Ik doe het graag omdat het tegelijk zowat mijn hobby is. Maar daarover wil ik jullie vandaag niet vertellen. Wél over een toch wat ongewoon iets dat elke maand plaatsgrijpt in onze voortuin. Nee, niet een of ander buitenaards fenomeen, maar een samenkomst van ons gezin en wat buurtbewoners, en zelfs enkele mensen vanuit naburige dorpen. Zonder veel omhaal komen zij bidden bij een beeld van Sint Jozef dat zich sinds jaar en dag in onze tuin bevindt. Waarom dat daar gekomen is vertel ik jullie straks.   

Even situeren

We wonen in een relatief stille buurt. Hoewel, waar is het nu nog stil? Je moet er - zoals overal elders - opletten voor auto’s die voorbijkomen, niet zoveel, maar het is niet meer een weg zoals wellicht in vroeger tijden toen trage boerenkarren voorbij sjokten, ‘langzaamaan en niet te snel’, zoals in het liedje van Vermandere, ‘Djak, djak, ju, djak, m’n peird’. Evenwel... als je in onze achtertuin staat, dan zie je alleen maar velden en akkers. Dus toch de boerenbuiten. Een ervaring apart. Met een heldere hemel daarboven, of een grijze koepel of op andere dagen voortjagende wolken…   

Een maandelijkse samenkomst

Maar elke 19e van de maand tegen 19u30 zie je een paar mensen toekomen in onze voortuin. Wij hebben ondertussen wat stoelen buitengezet. Daar komt nog iemand. En daar x en y.  Een kort woord van onthaal. Er wordt eigenlijk niet zoveel gesproken. En bij slecht weer, zul je vragen? Dan doet onze garage en/of carport dienst als gebedsruimte. ’t Is dan wel niet onder de ruime hemelkoepel, maar, ook in een garage kunnen mensen samenkomen, in Jezus’ Naam, net zoals de eerste christenen samenkwamen “in een of ander huis”. Wij hebben natuurlijk onze kerken tegenwoordig. Maar het is goed, denk ik toch, dat gelovige mensen ook tussendoor al eens samenkomen ‘in Jezus’ Naam’.   

Wat gebeurt er dan op zo’n avond?

Eigenlijk is dat heel eenvoudig. Het is een samenvoeging van een rozenhoedje en gebeden tot St. Jozef die we in een boekje gebundeld hebben. Voor we beginnen, vragen we aan de aanwezigen of er speciale intenties zijn en daar wijden we dan een tientje aan. Zo bidden we voor elk tientje mogelijks voor de genezing van een zieke, voor het huisgezin, om een bijzondere genade, om zuiverheid, voor de Heilige Kerk, voor een zalige dood, enz. We hebben zo een 25-tal gebeden verzameld. Na het rozenhoedje bidden we dan nog de litanie van de H. Jozef  en we besluiten het gebedsmoment met een lied ter ere van St. Jozef

Hoe dat nu eigenlijk allemaal begonnen is?  

Uit dankbaarheid hebben mijn ouders een kapelletje gebouwd ter ere van St. Jozef, op wiens voorspraak ze al veel zaken bekomen hadden door hem te aanroepen. Bij de inzegening, op 19 maart 1990, waren zo’n kleine 100 mensen aanwezig en verschillenden van hen uitten de wens om regelmatig samen te komen om te bidden tot St. Jozef.  Daaraan gevolg gevend besloten mijn ouders om elke 19e van de maand samen te komen en zo gaat dit al  ruim 16 jaar door. De bedankingsplaatjes bij de kapel tonen aan dat samen bidden tot Sint Jozef  ook zijn vruchten afwerpt. Nu en dan gebeurt het zelfs dat ze vanuit het gebuurte komen vragen of ze geen noveen tot de H. Jozef mogen komen doen met hun familie of vrienden voor een of andere intentie

Of er ook kinderen bij zijn op die avonden?

Zeker en vast. We hebben de gewoonte dat het de aanwezige kinderen zijn die een tientje voorbidden als ze dit wensen.   

Waarom Sint Jozef?

Ja, dat kon natuurlijk ook wel een andere heilige zijn, of Maria, of een beeld van Jezus. Maar het is dus Sint Jozef. Hij vormde met Jezus en Maria het heilig gezin van Nazaret. Hij heeft over Maria en Jezus gewaakt. Hij heeft zich door de heilige Geest laten leiden om zich in te passen in het plan van God. Hij heeft zich laten leiden om Jezus en Maria te beschermen en er voor te zorgen, op reis, op de vlucht...  Als Jezus zich bezeerde of als kind te vermoeid was, dan nam Jozef Hem in zijn sterke werkmansarmen en droeg hem naar huis. Jozef, de timmerman van Nazaret, die de zware deuren maakte voor de huizen en die scharnieren in de juiste vorm wist te krijgen vanuit een stuk ijzer… Hij moest dus voor heel wat practische problemen een oplossing zoeken. Je kan je hem goed inbeelden in zijn werkplaats en hoe hij het afgewerkte naar de mensen uit de buurt bracht.  Naar hem keek de jonge Jezus op, naar die sterke vader. Van hem leerde Jezus de psalmen en de verhalen uit hun Joodse geschiedenis: hoe Jahwe-God zijn volk begeleid had, hoe Hij het ook vermaande en het al eens liet ervaren wat er gebeurde wanneer het God in de steek liet. Ja, die 40 jaar in de woestijn, en die ballingschap…  Vooral die lange psalm (119) over Gods wet en voorschriften gaf aan hoe belangrijk het was van je leven in te richten volgens Gods verlangen, Gods wet.  

Jozef, dagelijks omgeven door Jezus en Maria. Ook dat moet  een speciale ervaring geweest zijn. Wij kunnen ons dat misschien wel wat inbeelden voor onszelf, maar Hij zag die twee dagelijks bij zich.   

Al deze zaken doen ons Jozef zien als iemand die ook bezorgd is om de materiële dingen waarmee een gewoon gezin te maken krijgt. Hij kan ons ook helpen om in de aanwezigheid van Jezus en zijn Moeder te leven. Wat een zegen!

En men aanroept hem ook als de patroon van de goede dood. De traditie heeft ons overgeleverd hoe hij gestorven is, omgeven door Jezus en Maria. Ik vraag me af of het Weesgegroet daarom ook niet eindigt met die woorden: ‘bid voor ons, arme zondaars, nu en in het uur van onze dood’; samen met Jezus heeft Maria gebeden voor Jozef toen hij stervend was.

Maar ik vermoed dat voor mijn ouders vooral die practische zorgen van Jozef binnen het gezin van Nazaret de doorslag hebben gegeven bij hun devotie voor hem. De heilige Jozef wordt speciaal vereerd in de maand Maart. Zijn feestdag valt op 19 maart. Op 1 mei wordt hij vereerd als Jozef de arbeider.

  

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


  

CONDOOMCAMPAGNE NAAR 12/13-JARIGEN  

We zijn wel al wat gewoon op het vlak van ministers die hun verantwoordelijkheid nemen op het vlak van seksuele voorlichting en preventie  van abortus, seksueel overdraagbare ziekten, ongewenste tienerzwangerschappen e.d.. Soms hebben we wel de bedenking: is dit nu de geschikte manier? Zoals met de campagne van enige jaren terug: eerst bla bla, dan boem boem. Herinnert u het zich nog? Nogal cru, maar volgens de minister (Mieke Vogels?) en haar raadgevers de enige manier om de geviseerde groepen (jonge homoseksuelen, drugverslaafden) te bereiken. De rest van de jongeren moet dan ook maar die ongemanierde publiciteitscampagnes over zich laten komen. Okay, dan sluiten we daar maar onze ogen over.   

Een volgende minister dus maar zijn ding laten doen. Rudy Demotte, minister van Volksgezondheid kwam met een nieuwe condoomcampagne, nu naar 12/13-jarigen. Prachtig zeg!

Of zijn daar soms toch vragen bij? Want ik las een ingezonden brief van dokter Luc Kiebooms (in De Standaard van 13/11/2006 ‘Een condoom met een gaatje’) waarin hij vaststelt dat “de nieuwe aanbevelingen van de abortuscommissie straal genegeerd worden”.  Dat is natuurlijk niet zo slim en niet netjes. Hij stelt een lelijke vraag: “… is het een zoveelste toegeving aan de industrie, met name de latexindustrie? Die is maar al te blij dat met ons belastingsgeld haar omzet wordt gegarandeerd en gratis publiciteit gemaakt wordt voor haar (twijfelachtige) producten”. Dat ‘twijfelachtig’ zet hij tussen haakjes erbij omdat bij “consistent gebruikt, het risico op aidsbesmetting gemiddeld voor 85 procent vermindert. Dat betekent dat condoomgebruik met een HIV-besmette partner nog steeds 15 procent risico op overdracht van de dodelijke ziekte betekent. Nog lager is de bescherming van het condoom voor andere soa’s, maximaal 50%”.  Door deze campagne zonder ethische waarden aan te reiken, wordt het geslachtsleven gereduceerd tot een onbeheersbare drift en wordt verkrachting (want dat is nog steeds de seksuele gemeenschap tot 14 jaar) en aanranding op de zedelijkheid (tot 16 jaar) in zekere zin uit de strafwet gehaald. Blijkbaar staan wij nog altijd onder invloed van “maatschappelijke stromingen die schadelijk blijken te zijn zowel voor de lichamelijke als voor de geestelijke gezondheid van de bevolking”.

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      

BRUSSEL ALLERHEILIGEN 2006  

Verslag van een deelnemer N.N.

Eén van hart en geest

’t Was enige dagen na Allerheiligen dat we met een groep van de Maria-Kefasgemeenschap vanuit Gent aankwamen in het Noordstation te Brussel. De tram (met een verkeerd nummer) stond ons nog op te wachten zodat ook nog enige leden uit West-Vlaanderen ‘hun tram niet misten’. Tot aan de ‘Miroir’ ofte ‘De Spiegel’. Dat was dan de halte vlakbij het redemptoristenklooster in Jette. De paters hadden hun beste beentje voorgezet en heel wat ruimte en zelfs slaapplaatsen voorzien. Je zou je dat enige jaren terug niet kunnen indenken. P. Ives De Mey had voor ieder van ons reeds een rugzakje weten te bemachtigen dat alle deelnemers aan het congres ontvingen; daarin een warme sjaal (praktisch voor de latere pleinevangelisatie waar het niet erg warm was). Met achterlating van onze bagage trokken we   ‘full speed’ naar de basiliek, want we kregen het bericht dat Francine nog maar met moeite een deel plaatsen wist vrij te houden voor ons in de basiliek. Bezweet namen we onze plaatsen in en begroetten er enige andere leden van de Gemeenschap Maria-Kefas die reeds vorige dagen hadden deelgenomen aan het congres en voor de logistiek van de Gemeenschap hadden gezorgd. We leerden het gebruik van de hoofdtelefoons (voor de simultaanvertaling, want er werd aan de micro nogal geswitched tussen verschillende talen. Vooraan zong een koortje wat rustige liederen en hymnen, Frans, Latijn en soms een woordje Nederlands. De melodieën van Taizé leenden zich goed voor de samenzang. De basiliek van Koekelberg was ondertussen volgelopen. Het werd stil. De lauden, het liturgisch morgengebed, begonnen. Hierbij kwam het Nederlands goed aan bod. Het was mooi, verinnerlijkend. Eén grote lofprijzing van God terwijl in de voorbeden de wereldwijde noden niet vergeten werden.   

Een Rabijn, een Moslima, een Christen

Een Joodse (vervang-)rabijn sprak ons over het gebed van de Joodse gelovigen, die zelfs in de Shoah (het Naziplan tot de totale vernietiging van het Joodse volk) zich tot God wisten te richten. Na hem kwam een moslima aan het woord, de ondervoorzitster van de moslimexecutieve. Zij wist naar voor te brengen hoe het ‘salam’ (vrede) de hoofdtoon en –bedoeling is van het bidden tot de ene God, in verbondenheid met Mohammed, hun profeet.

Daarna bracht Enzo Bianchi, de oprichter van de gemeenschap in Bose over het bidden van de christen. Er werd al meteen een averechtse visie van het gebed naar voor geschoven: wij menen vaak dat het bidden spreken is met God, maar dan slaan we wel iets over, namelijk: het luisteren. God is er het eerst. Hoor Israël! Zijn woord van liefde, van vrede, zijn richtinggevend en soms vermanend woord mag ons hart eerst raken en dan mag ons gebed (om ontferming, om kracht, dankbaarheid en lofprijzing) en ons leven (van dienstbaarheid aan God en de mensen) het antwoord zijn op Gods spreken.   

Geestelijk en lichamelijk voedsel

Een eucharistieviering met een paar mensen of een kleine gemeenschap kan zijn charme hebben, maar een viering met zo’n tweeduizend mensen in een overvolle basiliek, met mooie gezangen, met meer dan honderd priesters, een aantal kardinalen en bisschoppen geeft ook een sterk gevoel van samenzijn rond de Heer en samen gesterkt worden door zijn aanwezigheid. De communie nam veel tijd in beslag maar het stoorde niet.

Na de viering (onderweg duwde een groepje jonge christenen ons een mooie Paternoster / rozenhoedje in de hand) trokken we op weg naar ‘La Sagesse’ (De Wijsheid of Sophia), nog zo’n grote school tussen de basiliek en het Redemptoristenklooster; we kregen wel de indruk dat in Vlaanderen de schoolgebouwen iets properder waren. Spaghetti en een desertje. We waren er content mee en konden er weer tegenaan.  Op dus naar een of ander atelier waar je een uiteenzetting kon horen of/en wat van gedachten wisselen over een of ander onderwerp.  

  

Gebed en verzoening in het gezin

Rond 5 uur waren we terug in het redemptoristenklooster voor een koffie en een uur eucharistische aanbidding. Na het avondmaal werd de kerk wat gereedgezet voor het avondgebeuren. Enige liederen bracht ons in de stemming. We luisterden naar een ontroerend getuigenis van Jean-Pierre en Bea over verzoening in het gezin, tussen ouders en kinderen, tussen echtgenoten. Voorbeden en een litaniegebed sloten daarbij aan. Daarop volgde een inspirerend getuigenis (van Marc en Marijke Deckers, die een van de vorige dagen hun getuigenis hadden mogen brengen in de overvolle basiliek) over het gezinsgebed van ouders en heel het gezin. Opnieuw enige voorbeden met litaniegebed.  P. Ives gaf een diepgaande bezinning rond het roepen op God vanuit onze menselijke noden maar ook vanuit het besef dat Hij niet ver van ons vandaan is, soms slaapt hij alleen maar in ons bootje zoals tijdens de storm op het meer…

Er was daarna ruim de tijd tot aanbidding, tot het ontvangen van het sacrament van de verzoening en ook kon je voor jou laten bidden bij enige kleine teams van de Gemeenschap om innerlijke genezing, vernieuwing van je huwelijksengagement, licht bij het opvoeden van de kinderen… Enige lofliederen en het Salve Regina (Wij begroeten U, Maria onze Moeder) besloten de eenvoudige maar doorleefde gebedsavond. Natuurlijk verjaarde er iemand van de Gemeenschap en dus kwam er na de viering een glaasje wijn op tafel. Maar lang opblijven was er niet bij. De dag was vermoeiend en morgen volgde er een andere.   

Goed Nieuws bij het frietkraam

Zaterdagvoormiddag gingen we evangeliseren op het marktplein voor de kerk. Eerst namen we een tijd van aanbidding opdat we de Heer de kans zouden geven zelf het eigenlijke werk te doen om harten van mensen te raken. Na enig zoekwerk op de markt kwamen we in een hoek te staan, tegenover een frietkraam dat aanvankelijk gesloten was maar na enige liederen van ons klein koortje toch openging. Een man sleurde zakken en zakken geschilde aardappelen naar het frietkraam. De grote Maria-icoon van de Moeder Gods van Vladimir werd op de grond gezet (zodat de voorbijgangers direct zien dat we geen getuigen van Jehova zijn of een of andere protestantse sekte) en een klein koortje van de Gemeenschap begon liederen te zingen onder begeleiding van een gitaar en tamboerijn. De andere leden van de Gemeenschap verspreidden zich twee aan twee (een die bad en een die het woord zou voeren in het nederlands of ‘en français’).

Een heel aantal mensen wenste geen strooibriefje aan te nemen, nogal wat anderen feliciteerden ons en wensten dat we dit al eens meer zouden doen. Met sommigen hadden we een langer gesprek wanneer zij ook hun verhaal deden en wij vanuit ons christen zijn ook iets in het midden konden brengen. Na anderhalf uur stopten we deze pleinevangelisatie en gingen we terug naar het Magdalenaklooster.   

Gezinsmarkt

Ongeveer gelijktijdig met onze Gezinsmarkt was er de maandelijkse samenkomst voor gebed en processie met het beeld van O.L.Vrouw van Fatima waar p. Jules Coveliers de grote animator bij is. Een paar honderd mensen, van elke ouderdom en van heel wat nationaliteiten namen deel aan die processie die om 15.30 u. uit de kerk vertrok voor de toewijding aan Maria in de basiliek van Koekelberg.

Na het middagmaal begonnen we al in het kloosterpand (de rondgang op de benedenverdieping) de stand voor de markt gereed te zetten:  gezinsgebed, relatievorming (‘Jij en Ik: een wonder’), boekenstand, gezinsgebed, een lokaal voor de poppenkast enz.  Er kwam niet zoveel volk opzetten tenzij zo’n halfuur voordat de Fatimaprocessie ging beginnen; dan was het vrij druk. Daarna waren het afzonderlijke echtparen en soms eens een gezin met kinderen. Buiten aan de kerk en aan de ingang van het klooster werd er door leden van de Maria-Kefasgemeenschap koffie geschonken en koekjes aangeboden, zodat er ook gelegenheid was om te delen rond ‘het christelijk gezin’.  In de kerk hadden we een stand van de Maria-Kefasgemeenschap; daar konden we wat uitleg geven over de Gemeenschap aan de hand van een PowerPoint diapresentatie.  Een aantal gezinnen hebben we zo kunnen bemoedigen en wat inspiratie geven voor het verder beleven van hun huwelijks- en gezinsleven. Het was onze kleine bijdrage aan het grote evangelisatiecongres van Brussel Allerheiligen 2006.

Moe en wat te laat wegens een Duitse stroompanne arriveerden we met de trein in Gent net even nadat de opruimploeg daar met de auto’s was aangekomen.

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


DE CHRISTEN, VRIEND VAN DE ARME

Andrea Riccardi
Sint-Egidiusgemeenschap

In de eerste grote  toespraak van het Evangeliesatiecongres Brussel-Allerheiligen 2006, waaraan vele duizenden personen uit  België, Europa en elders deelnamen, pleitte Andrea (in Italië is dat een mannennaam) Riccardi, Stichter van de Sant’Egidiogemeenschap, voor een bondgenootschap met de armen. Aan de meer dan 3000 congressisten getuigde hij dat hij zich in 1968 liet interpelleren door het woord van Christus in het Evangelie van Matteus (25,40): “Wat ge aan de kleinsten gedaan hebt, dat heb je ook aan mij gedaan.” Vanaf dan zou de stichter van de Sint-Egidiusgemeenschap niets anders meer doen dan op zoek te gaan naar de allerarmsten.  

De arme: een persoon

Andrea Riccardi onderstreepte dat de arme meer is dan een sociaal of politiek probleem: “Hij is in de eerste plaats een persoon”. Men ontdekt de arme een beetje zoals men God ontdekt in het gebed: dat vraagt tijd en ervaring. Men kan armen volgens hem ook moeilijk een etiket opkleven: zo zijn er in Rome migranten uit Zuid-Italië, maar evenzeer bejaarden, gehandicapten, vreemdelingen, mensen die op straat leven, en de zieken.

“De arme benaderen is hem natuurlijk de hulp bieden die hij nodig heeft, maar het is ook en vooral hem vriendschap bieden en hem uit de eenzaamheid halen waarin de armoede hem bracht (..) Een christen is iemand die een arme als vriend heeft.” Verder benadrukte hij dat de armen ons in de diepte evangeliseren: “Tussen de armen en onszelf ontstaat er een diepe relatie die men niet kan beredeneren in termen van geven of krijgen”. Zich inspirerend op de profeet Sefanja (2,3): “zoek de nederigheid : misschien zal je in veiligheid zijn op de dag van de Heer”,  riep Riccardi ten slotte op tot een verbond tussen de nederigen en de armen, want in de “nederigheid groeit de broederlijkheid met de armen.”

   EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


GEZEGEND ZIJ GOD

  

Gezegend zij God.

Gezegend zij zijn heilige Naam.

Gezegend zij Jezus Christus, waarachtig God en waarachtig mens.

Gezegend zij de Naam van Jezus.

Gezegend zij zijn heilig Hart.

Gezegend zij zijn kostbaar Bloed.

Gezegend zij Jezus in het allerheiligste Sacrament.

Gezegend zij de heilige Geest, de vertrooster en Bijstand.

Gezegend zij de hoogverheven Moeder Gods, de allerheiligste Maagd Maria.

Gezegend zij haar heilige en onbevlekte Ontvangenis.

Gezegend zij haar glorierijke Opneming ten hemel.

Gezegend zij de Naam van Maria, Maagd en Moeder.

Gezegend zij de heilige Jozef, haar zeer zuivere bruidegom.

Gezegend zij God in zijn engelen en in zijn heiligen.

      EINDE VAN DIT ARTIKEL  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD      


HEER JEZUS

t+m: Ben Van Vossel)

Heer Jezus,

maak uw Naam tot het licht van mijn ogen

de warmte om mijn hart;

laat zijn klank mij bekoren

en als ik soms, verward,

and’re namen fluister

en hun lied beluister:

trek mijn hart en mijn geest,

heel mijn wezen, Heer Jezus tot U.   

Heer Jezus,

klinken stemmen van valse profeten

of reik ik naar de waan

en geluk langs and’re wegen

leg diep in mij uw Naam

wil mijn oog verlichten

en mijn schreden richten:

trek mijn hart en mijn geest,

heel mijn wezen, Heer Jezus tot U.   

Heer Jezus,

gij alleen geeft mijn leven zijn waarde,

Gij maakte het voor God

tot een kostbare parel;

geen zilver en geen goud

maar uw eigen leven

hebt Gij voor mij gegeven:

trek mijn hart en mijn geest,

heel mijn wezen, Heer Jezus tot u.

      EINDE VAN DIT ARTIKEL

EINDE VAN DIT NUMMER 2007_1  

  TERUG NAAR TOP         TERUG NAAR INHOUD