GELOOF en LEVEN vzw



  
HOME

INHOUD

           GELOOF EN LEVEN  Jg 115 (2011) nr. 4

  

   NAAR INHOUDSOVERZICHT       Editoriaal   red.           II

Thuis bij de mensen  Kerstbezinning    121

Red Kerstmis   Anna uit Polen    123

Altijd dicht bij jou     bvv        125

De rijkdom van de iconen  Yvan Lauwers    126

Geen gedwongen bekeringen Kerknet     129
Bio-ethiek in Frankrijk  Kerknet     130
Mataiotijs        Wat is waardevol?131
Leer ons bidden   Naar Henri Caffarel   133

Het Jezusgebed             136

Banalisering   vd sexualiteit    Benedictus XVI    139

Kinderloos        uit: www.gezinspastoraal  140

In de vrede van de Heer (p.O.De Spiegeleer / Mw. Griet Blom) 141

Een priester sterft     p. Oscar De Spiegeleer   142

Chinese Kerk    Kerknet/Zenith Dinsdag, 19 juli 2011  144

Euthanasie?       Naar Kard. J. Meismer in ‘Die Welt) 145

Onderscheiding   (1)Ben Van Vossel     146

De Lijkwade van Turijn  (1)Ben Van Vossel    151

Alle liefde waardig     Naar het Credo      155

Priestercelibaat   Naar Kard. W. Brandmüller 156

De mantel van Sint Maarten Ben Debeer       157

Lachedingen       III

Inhoudstafel       IV

  

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       


THUIS BIJ DE MENSEN  
(Geboorte van Christus)

  

Groot mysterie in uiterste eenvoud

Sint Alfonsus de Liguori had een grote verering voor het mysterie van Jezus’ Menswording en Geboorte. Niet voor niets is een van zijn liederen nog altijd gekend in Italië :

 Tu scendi dalle stelle, o Re del cielo,

 e vieni in una grotta al freddo e al gelo.

 O Bambino mio divino,

 io ti vedo qui a tremar…

"Gij daalt neer van bij de sterren, o hemelkoning

en Gij komt in een koude, ijzige grot.

O mijn goddelijk Kindje

ik zie u daar beven van de kou…"

In het 'Kindje in de kribbe' erkende hij het Mensgeworden Woord, de Zoon van de levende God. Erkende hij zijn Heer en hemelse Koning. En dat goddelijk Kind zag hij in de kribbe, in de kou… Hij staat daarmee heel dicht bij ons eigen kerstlied: “Hoe leit dit kindeke hier in de kou, ziet eens hoe alle zijn ledekens beven, ziet eens hoe dat het beeft en kreit van rouw…” Vanuit dat menselijk gevoel van medelijden komt men – zo hoopte Alfonsus - tot de bezinning over het grote mysterie van de Menswording en de Geboorte van onze Heer: “Zozeer heeft God de wereld liefgehad dat Hij zijn enige Zoon heeft gezonden” om voor ons de weg naar het geluk weer open te leggen. Die ongelooflijke stap vanuit zijn goddelijke majesteit naar ons toe, kleine, zondige mensen.   

Het menselijke in het christelijk mysterie

Het is voor vele mensen zo moeilijk te begrijpen dat het christelijk mysterie zich heeft uitgedrukt, zich belichaamd en verwezenlijkt heeft in en doorheen heel menselijke gebeurtenissen en daden. Het ware christendom heeft niets van doen met esoterisme en mysteriegodsdiensten. Daar legt Johannes in zijn evangelie en brieven de nadruk op. Het Woord is vlees geworden. We hebben Hem gezien en aangeraakt. Geen gnosticisme of een 'Christus met een schijnlichaam'.

Het treft me ook hoe ontroerend menselijk de Kerk over Jezus en Maria en Jozef spreekt op het feest van het heilig Gezin. In de Morgenhymne van het Getijdenboek (brevier) op dit Feest van de heilige Familie valt het op hoe het verheven goddelijke thuiskomt bij gewone mensen.

Met eenvoudige woorden wordt het christelijk mysterie opgenomen en vloeien het goddelijke en menselijke over in elkaar:

O Licht dat van de hemel daalt en elke sterveling omstraalt,

o Jezus, kind van ‘t eerst begin, in een gelukkig huisgezin.

Gods Zoon, de Eniggeborene van de Vader, God uit God, Licht uit Licht, ware God uit de ware God… wordt mensenkind in een eenvoudig huisgezin. En lees dan verder hoe menselijk teder Maria met die verheven Zoon omgaat:

Maria, in genade groot, die ’t Kindje koestert op uw schoot,

en, als het dorst heeft, laaft en voedt en kust en liefelijk behoedt.

De trouw en de verantwoordelijke opdracht van Jozef (zoals van elke vader) worden ook onderlijnd:

Gij, Jozef uit het oud geslacht, houdt bij de Jonkvrouw trouw de wacht,

gij zijt het die het goddelijk Kind zijn vader noemt, als vader mint.

                

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       



RED KERSTMIS   

Anna uit Polen  Een getuigenis n.a.v. Kerstmis 2010  

(Ingezonden naar de Oasegemeenschap-Gent)

  

Ik werk in een internationale onderneming. Dezer dagen krijgen alle medewerkers de traditionele wensen. Helaas bevatten ze geen ‘Zalig Kerstmis’ meer, maar bijvoorbeeld “Beste wensen voor een veilig en gezond vakantieseizoen!” op een kaartje met een hybride Sinterklaas (Coca-Cola-achtig) en Boeddha in typische yoga-houding. Tegelijk werden vele reeds opgezette kerstbomen uit onze kantoren verwijderd en vervangen door een enkele grote boom in het midden van de campus. Wat is er aan de hand?

Volgens de waarden en de filosofie van onze onderneming zijn we allemaal verplicht om culturele, nationale en religieuze verschillen tussen onze collega’s te respecteren en daarom worden we aangemoedigd om bv. wensen naar India te sturen voor het Diwalifeest, naar Israël voor Chanoeka, naar de VS voor Thanksgiving Day en naar de Emiraten voor het einde van de Ramadan. Dus, waarom mogen we in het bedrijf, waar waarschijnlijk meer dan de helft van de werknemers christenen zijn, elkaar geen zalig Kerstmis meer wensen? Onze collega’s uit India hebben geen enkel probleem om ons ‘Zalig Kerstmis’ of zelfs ‘Gelukkige verjaardag kindje Jezus’ te wensen.

Ik kom uit Polen, waar we het communisme 44 jaar ervaren hebben. Hoewel de communisten probeerden ‘Sinterklaas’ door ‘Vadertje Vorst’ te vervangen (wat niet lukte), respecteerden ze kerstbomen, twee vrije kerstdagen, kerstliederen, kaartjes met het kindje Jezus enz. En nu woon ik in Zwitserland - een vooral christelijk land - dat voor mij ook het symbool voor het succesvol samenleven van verschillende religies en talen is (bv. op de markt in Basel stonden de kerstboom en de Chanoeka Menora samen de laatste dagen) en ... nu voel ik me gediscrimineerd! Dit is precies een gril van de geschiedenis...

Laten we gewoon ‘Zalig Kerstmis’ antwoorden op elke ‘seizoensgebonden begroeting’ die we ontvangen. Laten we gebruik maken van de juiste kaartjes bij het verzenden van wenskaarten aan onze collega’s, klanten en vrienden! En laten we praten met anderen, dat we ons kerstmis niet laten afnemen!

Laten we bereid zijn om het echte kerstmis te redden! Anders zullen we binnen enkele jaren een ‘seizoensgebonden boom’ in plaats van een ‘kerstboom’, ‘sneeuwseizoenliederen’ in plaats van ‘kerstliederen’ en een afschuwelijke hybride van Sinterklaas met Boeddha in plaats van een heilige bisschop hebben. Wilt u uw kinderen door dit monster laten bezoeken? Brrrrrrrrrrrr....

Ik wens u allen gezegende kerstdagen!" Anna.

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       

  



GEWELD IN ONZE STEDEN   

Peter Vande Vyvere  (Tertio 29 juni 2011)

  

Agressie tegen homofielen is verwerpelijk, maar misschien is er meer aan de hand..

  

“Het probleem van geweld in onze steden is haast voor het volle pond te wijten aan armoede, slecht migrantenbeleid en het roesmiddelengebruik dat daarmee samenhangt. Dat zijn complexe maatschappelijke problemen, waar campagnes tegen homofobie helaas niets aan zullen veranderen. Opnieuw erg selectief, die ergernis.”

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       

  

GOD, ALTIJD DICHT BIJ JOU

  

Met dank aan radio 2

Ik zit voor de nieuwsberichten vaak op Radio 2 omdat ik op mijn wat geaccidenteerde portatief-radio Radio 1 gewoonlijk niet helder kan ontvangen en bovendien kan ik dan gemakkelijk overschakelen naar Radio Maria. Voor het nieuws Radio 2 dus, met het gekende kenwijsje: “Radio Twee, altijd dicht bij jou!” Ik zat dat airtje deze morgen nog wat na te neuriën toen ik me realiseerde hoe onnozel dat eigenlijk was.

De mensen van de radio zijn natuurlijk niet altijd dicht bij mij. Maar goed ook, want het lawaai van hun radio zou ik niet altijd om mij heen willen hebben. Ik realiseerde me vooral hoe er niettemin Iemand is die ook zegt: Ik ben altijd bij jou.

Pasen heeft dit jaar mijn hart geraakt. Sterker dan andere jaren. Het intredelied van lang geleden klonk als volgt: “Resurrexi et adhuc tecum sum. Ik ben verrezen en nog ben ik bij jou!” Of zoals Mattheüs een woord optekende van de verrezen Jezus: “Ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding der wereld.” (Mt 28,20)

  

Blij met Zijn nabijheid

Pasen en de nabijheid van de verrezen Heer kan zo’n diepe vreugde geven. Hij is er, Hij is nabij, Hij is reddend nabij. Het was ook al de Naam waarmee God zich in het Oude Testament aan Mozes en het Joodse volk openbaarde: “Ik ben Hij die er is (om jullie te helpen)”. “Zoals een mantel om mij heen geslagen, zo is mijn God…” Ik hoop dat ik binnenkort nog eens een muziekje tegen het lijf mag lopen dat klinkt zoals dat van ‘Radio twee, altijd dicht bij jou’, maar dan met de woorden: ‘Ik ben uw God, altijd dicht bij jou!’ En dan moet ieder van ons als antwoord maar een eigen liedje maken, zoals het Magnificat van Maria (het was vandaag het bezoek van Maria aan haar nicht Elisabet), waarin we onze vreugde uitzingen naar God toe, omdat Hij een nabije God is, die liefde is, die op onze kleinheid neerziet en ons verheft tot zijn kinderen… Enne, wie geen liedje zingen kan, die moet er maar eentje fluiten, of gewoon wat dansen voor de Heer, of een bloempje zetten bij een icoon of bij het Heilig Sacrament… Kwestie van wat creatief erkentelijk te zijn. Blij met zijn nabijheid. Altijd dicht bij jou! Heer-lijk!

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       

  

DE RIJKDOM VAN DE ICONEN   

 Yvan Lauwers

  

Yvan Lauwers schildert al vele jaren. In allerlei stijl en grootte en met gebruik van verschillende materialen. Zijn interesse voor iconen dateert van een kwarteeuw geleden maar pas sedert enige maanden legt hij zich toe op de traditionele techniek van het schrijven van iconen.

  

Ontmoeting met iconen ...

Het is vijfentwintig jaar geleden, dat ik voor het eerst in contact ben gekomen met iconen en Byzantijnse liturgie in Chevetogne, waar ik  als toerist een bezoek bracht aan het monasterium. Het werd voor mij een religieuze openbaring, een openbaring ook van een onuitgesproken (onverwachte? overweldigende?) schoonheid. Wat mij opviel toen ik de kerk binnenstapte waren de ongelooflijk mooie fresco’s op de muren, de prachtige kleuren, de strakke sobere figuren met transparante lichte gelaatsuitdrukking, de iconostase (beeldenwand) met afbeeldingen van Christus, Maria, de apostelen, de aartsvaders en de feesticonen.

  

Diepte van de iconen

Iconen zijn van een aparte schoonheid en toch zo ondoorgrondelijk. Het is juist dit mysterie wat de iconen boeiend maakt. Waarom zijn ze eigenlijk zo anders als gewone schilderijen?

Eerst en vooral is het een aparte techniek van schilderen, met eigeel en pigment.

Maar het houdt ook verband met het inhoudelijke. Dit heeft ermee te maken dat wij westerlingen een andere gevoelswereld hebben. De icoon wordt niet geschilderd maar geschreven. Men kan de iconen niet echt vatten, als men ze niet bekijkt vanuit de wereld waar ze thuis horen namelijk het Oosten en de geloofsbeleving van de christenen daar. Iconen laten ons kijken naar het gezicht van God. We leren Zijn schoonheid zien en ervaren in het gezicht van zijn heiligen. De belangrijkste iconen hebben een vaste plaats op de beeldenwand. Dit kan eventueel in een volgend artikel besproken worden. De iconen betekenen dus meer dan de heiligenbeelden in het Westen. Ze zijn de werkelijke aanwezigheid. Op die manier wordt de icoon een venster op de hemel. De iconen zijn een wereld van ongekende geestelijke schoonheid. Iconen zijn de wegwijzers op de weg naar het eeuwig lichtend paradijs.

  

Iconenverering

Als ik nu mijn innerlijke beleving bij de verering van de icoon probeer te verwoorden, dan voel ik mij als iemand die bij een bron komt om zich te verfrissen. Ik heb deel aan de andere werkelijkheid met heel mijn zijn, mijn bestaan. Ik buig voor de icoon en ervaar iets dat groter is dan mezelf. Ik maak het teken van het kruis voor de icoon. Ik raak de icoon aan en kus haar. Ik ben bereid me vol geloof en liefde met die kracht te verenigen die vanuit de icoon spreekt. De icoon is voor mij het heilzame en genezende. De traditie van het icoon schrijven en de noodzakelijke wijding van de icoon, benadrukken het eigen leven van de icoon. Als men oog in oog met de icoon staat is het de icoon die het eerste naar de gelovige kijkt. Zij betekent immers levende aanwezigheid.

  

Iconen schrijven

Na al die jaren van kijken, voelen, beleven en bidden wil ik mij nu pas wagen om te leren iconen schrijven, met de techniek eigen aan het icoonschrijven namelijk met eigeel, met respect voor de iconografie daaraan verbonden. De icoon is tot gebed geworden lijn en kleur. Het is met de nodige schroom en bewust van de moeilijkheden die icoonschrijven met zich meebrengt, dat ik me wil wagen om een icoon te schrijven. Ik heb het geluk een icooncursus voor beginners te kunnen volgen in de Fraterniteit van Maria, Groot Begijnhof 19, B- 9040 Sint- Amandsberg. Ik bid de Heer dat Hij mijn hand mag leiden om iconen te schrijven naar Zijn wil.

                

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       



GEDWONGEN BEKERINGEN  

Kerknet Woensdag, 29 juni 2011 en WCC en Domradio

  

De Wereldraad van Kerken (Genève, vertegenwoordigd door dr Olav Fykse Tveit), het Vaticaan (Kardinaal Jean-Louis Tauran) en de wereldwijde Evangelische Alliantie (dr Geoff Tunnicliffe) raakten het in een manifest eens over een serie vuistregels voor christelijke verkondiging en bekering in een multireligieuze wereld. Samen vertegenwoordigen zij 90% van de christenen wereldwijd.  

  

Proselitisme

Aan de overeenkomst, waarin het respect voor mensen centraal staat, ging vijf jaar onderhandeling vooraf. De tekst is oriënterend betreffende evangelisering en bekering. Hij biedt meteen ook een antwoord op de beschuldiging van christelijk proselitisme in landen als India, Algerije en het orthodoxe Rusland. “Tegelijk onderstrepen wij dat de verkondiging tot het wezen van de Kerk behoort”, luidt het in het voorwoord.

  

Respect voor andere godsdiensten

Een eerste deel van het manifest belicht de Bijbelse basis voor de verkondiging en beklemtoont dat bekering uiteindelijk het werk is van de Heilige geest. Daarna volgen twaalf principes voor de christelijke verkondiging, onder wie nederigheid en de afwijzing van dwang en geweld. Het derde deel geeft enkele aanbevelingen voor christenen, Kerken en zendingsorganisaties zoals het respect voor andere godsdiensten.

  

Verlossing

Secretaris van de Wereldraad van Kerken Olav Fykse Tveit zei tijdens de voorstelling dat christenen bij hun verkondigingsarbeid in het verleden te vaak zondigden tegen de naastenliefde. De christelijke Kerken belijden nu samen dat niemand onder dwang mag worden bekeerd. Kardinaal Jean-Louis Tauran benadrukt dat christenen een boodschap van verlossing willen verkondigen: “Kerken hebben de plicht om te verkondigen, maar ook om de dialoog aan te gaan. Wij hopen dat ook islamitische leiders van deze richtlijnen op de hoogte worden gesteld.”

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       


  

BIO-ETHIEK IN FRANKRIJK   

Bericht uit KerkNet/RadVaticaan 28 juni 2011

  

De Franse bisschoppen reageren tevreden op de uiteindelijk gestemde wet over bio-ethiek. Onderzoek en experimenten met menselijke embryo’s blijven immers verboden en slechts in strikte en wel omschreven gevallen worden uitzonderingen toegestaan. Dat zei bisschop Bernard Podvin maandagavond aan ‘Radio Vaticaan’.

De Franse senaat drong aanvankelijk aan op een verregaande liberalisering van het onderzoek op menselijke embryo’s. Volgens bisschop Bernard Podvin, de woordvoerder van de Franse bisschoppen, sluit de nieuwe wet homoseksuele paren uit van kunstmatige bevruchting. “Prenatale diagnostiek, waarbij embryo’s op genetische afwijkingen worden onderzocht, wordt slechts uitzonderlijk toegestaan. De katholieke Kerk is tevreden met dit resultaat. Wij zetten ons al verschillende jaren in voor aanpassingen. Wij zijn de volksvertegenwoordigers erkentelijk omdat zij de dialoog zijn aangegaan en verstandig handelden. Wij zijn er ons goed van bewust dat bio-ethiek een ernstig en heikel politiek thema is.” Bisschop Bernard Podvin zegt nog dat het de taak is van de katholieke Kerk om het leven van elke mens te beschermen. “Dat is nog sterker het geval bij de bescherming van het ongeboren leven.”

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       


MATAIOTIJS   

Wat is nu eigenlijk echt waardevol?

  

Pater Emile Goffinet wou eens origineel doen en liet ons als examen een korte Griekse tekst vertalen (uit het Oude Testament dan nog) die als volgt begon: “Mataiotijs mataiotijtoon ho panta mataiotijs.” We konden er geen kop aan krijgen want we kenden het Griekse woord mataiotijs niet; sommigen meenden zelfs dat het een grapje was vanwege de nochtans heel ernstige leraar. Dus moest pater Goffinet ons er zelf de vertaling van geven. Het bleek dat mataiotijs ‘ijdelheid’, leegheid, dwaasheid… betekende, je leven bouwen op iets dat niet blijft, dat geen diepe waarde in zich bevat… Het woord kwam uit een Bijbelboek, het boek Prediker: ‘IJdelheid der ijdelheden en alles is ijdelheid’… Geen echt opbeurende boodschap.

Van een oud-tante kreeg ik ooit eens een oud en beduimeld boekje dat in het eerste hoofdstuk het ook had over de ene ijdelheid na de andere. Het was een boekje van Thomas van Veldeken (Thomas a Kempis). Ik laat u even mee genieten van het indringende inzicht van onze volksgenoot die, gedurende eeuwen, over heel de wereld gelezen werd.

Al zou je de hele Bijbel van buiten kennen

en de woorden van elke filosoof:

wat zou dit alles u baten

zonder de liefde van God en zijn genade?

‘IJdelheid der ijdelheden en alles is ijdelheid’,

behalve ‘God te beminnen en Hem alleen te dienen’.

Dit is de hoogste wijsheid:

de wereld gering te schatten,

en zo naar het Rijk der hemelen te streven.

IJdelheid is het daarom:

rijkdom te zoeken die eens zal vergaan,

en dààrop zijn hoop te stellen.

IJdelheid is het ook:

te streven naar eer en zich hoog te willen verheffen.

IJdelheid is het:

de lusten van het vlees te volgen,

en iets te begeren waarvoor men hiernamaals zwaar moet worden gestraft.

IJdelheid is het:

een lang leven te wensen,

en aan een rechtschapen leven weinig aandacht te schenken.

IJdelheid is het:

alleen op het huidige leven te letten,

en niet zijn blik op de toekomst te richten.

IJdelheid is het:

lief te hebben wat vliegensvlug voorbijgaat,

en zich niet dààrheen te spoeden

waar eeuwige vreugde ons wacht.

De weg die de "Navolging van Christus" daarom van bij het begin aangeeft is het woord van Jezus zelf: “Wie Mij volgt, wandelt niet in duisternis.” Daarom, zegt de Navolging, moet ons hoogste streven dus zijn: het leven van Jezus Christus te overwegen. Dan leren we het ware leven en de echte werkelijkheid aanschouwelijk kennen.

Maar aan dit tweede punt voegt hij onmiddellijk toe: ‘Wie de woorden van Christus ten volle wil verstaan en er smaak in wil vinden: hij tracht geheel zijn leven aan Hem gelijkvormig te maken’. Dat is pas de echte "Navolging van Christus" en betekent dat we in 'de echte' werkelijkheid gaan leven.

De ‘Navolging van Christus’ heeft dus duidelijk haar naam niet gestolen en het navolgen van de Heer blijft voor ieder van ons een dagelijkse opdracht. Eraan beginnen dus of er consequent mee doorgaan!

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       


  

LEER ONS BIDDEN

  Naar Henri Caffarel

  

Jezus leert ons bidden

Op een keer was Hij ergens aan het bidden. Toen Hij ophield, zei een van zijn leerlingen tot Hem: ‘Heer, leer ons bidden, zoals Johannes het ook aan zijn leerlingen geleerd heeft.’ (Lk.11,1)

’t Kwam uit de grond van hun hart toen de apostelen het aan Jezus vroegen. Het is trouwens goed om de aangegeven context tot ons te laten spreken. Jezus was aan het bidden. Luidop, zoals het de gewoonte was bij die gelovige mensen? Of was Hij in stilte in gesprek met zijn hemelse Vader? En toen Hij uit die ontmoeting kwam, kreeg Hij die vraag. ‘Heer, leer ons bidden’. Hij zal hun dan het ‘Onze Vader’ leren. Vertrouwvolle omgang met de Vader. Lofprijzing. Verlangen dat God overal erkend en bemind zou worden. Dat zijn verlangen overal zou gebeuren, zodat alles in harmonie zou zijn. En dan komen smekingen om wat een mens nodig heeft, een vraag om vergeving, om nooit gescheiden te geraken van God en te kunnen weerstaan aan het kwaad. Een prachtig gebed! De apostelen hebben het aan de Jezusgemeenschap doorgegeven… Vooral het voornemen om zelf ook vergiffenis te schenken aan medemensen, want anders zal God ook ons niet vergeven…

  

De H. Geest bidt in ons

De apostel Paulus was een man die na zijn ommekeer sterk door Jezus gegrepen was en bezield door de Geest. Hij zegt niet zonder reden: “Evenzo komt de Geest onze zwakheid te hulp. Want wij weten niet eens hoe wij behoren te bidden, maar de Geest zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen.” (Rom.8,26) Als we bidden mogen we erop rekenen dat de heilige Geest ons in dat gebed ondersteunt.

Heilige Geest, leer mij spreken tot mijn Heer

en leer mij luist’ren en doen wat Hij mij leert;

breng zijn woord in herinnering

en laat mijn hart bij Hem zijn als ik zing.

Kom, heilige Geest, kom, heilige Geest.

  

Jezus’ gebed in ons

In zijn boekje “Het inwendig gebed” gaat pater Caffarel nog een stapje dichter bij Jezus staan. Het christelijk gebed is immers op de eerste plaats het werk van de Heer. Caffarel verwijst naar een aantal teksten uit het Nieuw Testament waar die eerste christenen Jezus in zich aanwezig wisten. “Gij kunt toch van uzelf getuigen dat Christus in u is?” (2 Kor. 13,5); “Ikzelf leef niet meer, Christus is het die leeft in mij” (Gal. 2,20). Het zijn woorden van Paulus. Als Christus in ons leeft, dan bidt Hij ook in ons, zegt Caffarel.  En daarom nodigt hij ons uit om ons gebed te verenigen met Jezus’ gebed. Jezus is de vlam, wij zijn als het ware de olie van het olielampje. Wij moeten ons dan wel ter beschikking stellen opdat Jezus’ gebed in ons kan trillen. Caffarel schuift enige houdingen naar voor die in feite steun verlenen aan dat gebed van Jezus.

  

1° Permanente keuze!

Het zaadje van Jezus’ bidden veronderstelt een zekere vruchtbare grond. Ik moet mij dan ook heel mijn leven inspannen om mijn drijfveren en zorgen, mijn verlangens en plannen naar de Heer toe te brengen en ondergeschikt te maken aan dat ene grote: de ontmoeting met Jezus, de nabijheid van Jezus, de relatie met Jezus, wonend in mij. Het is dan ook een goede manier van doen dat we tijdens onze bezigheden of ons op weg zijn vaak even contact hebben met de Heer. “Heer, ben ik goed bezig?” “Zegen de personen die ik ga ontmoeten.” “Help me de goede houding of de goede woorden te vinden als ik thuiskom of tijdens het gesprek.”

  

2° Gezond voedsel nemen!

Jezus’ bidden in mij moet ik ondersteunen door vaak te lezen in het Woord van God (heb de H.Schrift vlakbij), door Hem te ontmoeten in de sacramenten, door contact met niet-geseculariseerde, gelovige christenen, en door alles wat de kerk ons aanbiedt om een echt geestelijk en tegelijk geëngageerd christen te worden. Waar zoek ik dat? Dit alles is ook weer ‘zorgen voor goede grond’ voor Jezus’ gebed in mij.

  

3° Je helemaal ter beschikking stellen!

Heer, aanvaard mijn hart, mijn verstand, mijn lichaam alles wat dienstbaar kan zijn voor Uw gebed in mij.

  

4° Jezus bekijken en beluisteren!

Met mijn verstand ga ik na hoe Jezus bad, hoe Hij sprak met de Vader en luisterde, welke gedachten en gevoelens leefden er dan in Hem, en hoe werd zijn leven er door bezield ?… En tenslotte:   

5° Instemmen met Jezus’ gebed!

Ik wil Jezus laten bidden in mij. Het is een daad van de wil. “Heer, ik wil instemmen met uw gebed in mij. Ik geloof dat Gij in mij bidt, ook al ervaar ik het maar zelden. Laat Uw gebed mijn gebed zijn”.

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       

  


  

HET JEZUSGEBED

  

Het "gebed des Heren" is aan ieder christen welbekend: het Onze Vader dat Jezus aan zijn leerlingen leerde toen ze Hem vroegen om hen te leren bidden zoals Johannes de Doper het geleerd had aan zijn volgelingen.

In de Oosterse kerk spreekt men echter ook over het ‘Jezusgebed’. En daarmee wordt niet het ‘Onze Vader’ bedoeld, maar een korte aanroeping: “Heer, Jezus Christus, Zoon van God, ontferm U over mij, zondaar” (of: wees mij, zondaar, genadig). Dit is dus niet zoals in bovenstaand artikel het gebed van Jezus in mij, maar een kort gebed tot Jezus. Het doet denken aan twee passages uit het evangelie, waarin ook vanuit een noodsituatie of een besef van zondigheid geroepen wordt om ontferming. Enerzijds een tekst uit Lk.18,13 “… de tollenaar bleef op een afstand en wilde zelfs niet zijn ogen opheffen naar de hemel; maar hij klopte zich op de borst, en zei: God wees mij, zondaar, genadig.” En anderzijds een tekst uit Lukas 18,35-38:  “Toen Jezus Jericho naderde, zat er langs de weg een blinde te bedelen. Hij hoorde veel volk voorbijtrekken en vroeg wat er te doen was. Men vertelde hem dat Jezus de Nazoreeër voorbijging. Nu begon hij te roepen: ‘Jezus, Zoon van David, heb medelijden met mij!’” Twee korte evangelische teksten die sterk gelijken op het zogenaamde ‘Jezusgebed’.

  

Steeds bidden

Op zeker ogenblik spoorde Jezus zijn volgelingen aan om voortdurend te bidden en … te bidden met vertrouwen. Het was als het ware een opdracht van de Heer: “dat zij steeds moesten bidden en daarin niet versagen.” (Lk.18,1)

Jezus bedoelde daar dat men aan God alles en nog wat mocht vragen, maar ook dat men het met volharding moest vragen en het niet te vlug opgeven… In de geschiedenis van de christelijke spiritualiteit (en reeds in de Paulusbrieven o.a. Ef.6,18 en 1Tess.5,17) is men het evenwel als ideaal gaan zien dat men altijd op God gericht moest zijn en dat het voortdurend gebed toch wel een geëigende hulp is om “met God te wandelen”.

Welnu, in het overbekende boekje “De ware verhalen van een Russische Pelgrim” wordt ons een eenvoudige man opgevoerd die graag in voortdurend gebed wil zijn. Stilaan leert hij van biddende mensen hoe je je hart tot voortdurend gebed kan brengen juist door het hierboven genoemde ‘Jezusgebed’ voortdurend te herhalen; na enige tijd  gaat dat gebed in je hart weerklinken, zonder dat je er heel bewust toe besluit te gaan bidden. Natuurlijk is dit niet gewoon een techniekje, zoals je telkens en telkens een liedje zou herhalen dat dan daarna voortdurend in je opkomt. Het Jezusgebed heeft immers een diepe inhoud en die moet je je eerst en vooral met je geest en je hart bewust worden.

- Heer

Je erkent Jezus als de Heer van je leven. Als je christen bent, dan laat je Jezus het hoge woord voeren. Je luistert naar Hem, je gehoorzaamt Hem, je doet wat Hij vraagt. Je laat Hem echt de Heer zijn in je leven.

- Jezus

Jezus betekent: 'Redder'. Je erkent dat Jezus jou gered heeft en dat niemand anders jouw leven echt op zo’n niveau kan brengen dat je bevrijd wordt van zonde en schuld en dat je leven Gods welbehagen heeft en eeuwige toekomst krijgt. Dat wordt reeds aan Jozef geopenbaard: “Zij (Maria) zal een zoon ter wereld brengen die gij 'Jezus' moet noemen, want Hij zal zijn volk 'redden' uit hun zonden.” (Mattheus 1,21) Na Jezus’ dood en verrijzenis zal Petrus voor de hoge Raad en de Hogepriesters getuigen: “Bij niemand anders is dan ook de redding te vinden en geen andere Naam onder de hemel is aan de mensen gegeven waarin wij 'gered' moeten worden.” (Handelingen van de apostelen 4,12)

- Christus

‘Christos’ (Grieks) betekent de 'gezalfde' en is de vertaling van het Hebreeuwse ‘masjiach’ (Yeshua HaMashiach - Jezus de Messias, zingen de Messiaanse Joden, die Jezus erkennen als Messias en Zoon van God). De zalving werd in het Oude Testament vaak gebruikt om iemand te bestemmen tot een bepaalde dienst ten overstaan van het volk of in de liturgie (priesters, koningen, profeten). Het houdt in feite in dat men uitverkoren wordt door God en bestemd en toegerust voor die bepaalde dienst. De ‘Messias’ was dan ook degene die bij uitstek werd uitverkoren door God en voorbestemd om vanwege God een grote rol te vervullen in het heil dat God voor zijn volk in petto had. In het Nieuw Testament wordt Jezus dan ook met recht dè Messias genoemd, dè Christus, de gezondene en gezalfde vanwege God om heil te brengen.

- Ontferm U over mij

Wat kan je als kleine mens anders doen dan God loven en danken en… smeken, vragen om hulp en vergeving. Er zit iets vernederends aan vast, maar het is in feite ook een daad van Godsverering: het erkennen dat God hulp en heil wil brengen, dat Hij alleen in staat is je te genezen en te bevrijden.

- Zondaar

Bovendien is God de enige die ons tot in de wortels van ons bestaan kan genezen, kan vergeven en nieuw maken. Hij aanvaardt ons met heel ons wezen. Dat heeft Hij overduidelijk getoond in Jezus. Daarom wenden wij ons tot Jezus, de Redder en gezondene van God, Zoon van God, opdat Hij zich over ons, zondaars, zou ontfermen.

  

Kort en goed?

Jaren gelden was ik aan het waken bij vader die in de laatste maanden vóór zijn sterven voor korte tijd in het U.Z.Gent verbleef. Midden in de nacht schrok hij wakker. "Ben, zei hij, nu dacht ik dat ik doodging, en 't is raar, het enige dat ik nog kon zeggen was: 'Mijn Jezus. Barmhartigheid'".

Dit schietgebedje dat we op de voorzijde van zijn gedachtenisprentje hebben laten drukken, was een gebedje dat men ons vroeger op school ook aangeleerd had. Het is in feite het gebed dat de goede moordenaar tot Jezus richtte. Het is het 'Jezusgebed' in het kort.

  

Een groot geschenk

Waarom is het ‘Jezusgebed’ zo’n groot geschenk? Het is een geschenk voor wie wel wil bidden, maar niet goed bidden kan, te moe is of zo overstelpt met allerlei gedachten (al is het geen ersatzmiddel om te ontsnappen aan het geduldig wachten op God door mensen die zich op het contemplatieve gebed toeleggen).

Het is ook een geweldig hulpmiddel voor mensen die een druk bestaan hebben; de drukte van de arbeidsdag (waarbij ik ook insluit de drukte van een huisgezin en de talrijke taken die daar bij komen kijken)… Het Jezusgebed brengt ons in de nabijheid van de Heer, we brengen de taken die we doen, de gesprekken die we hebben ook bij de Heer, levend in ons hart.  Moge dit gebed voor velen van ons het gebed van ons hart worden…

Heer, Jezus Christus, Zoon van God, ontferm U over mij, zondaar.

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       


  

  

BANALISERING VAN DE SEXUALITEIT

Paus Joannes-Paulus II (18 oktober 2002)

  

Op zoveel vlakken en langs zoveel kanalen wordt de seksualiteit gebanaliseerd. Paus Joannes Paulus II vond dat een groot gevaar voor de evenwichtige ontplooiing van kinderen en jonge mensen. Een attentiepunt.

“De banalisering van de seksualiteit in een van erotiek verzadigde samenleving en het ontbreken van een verwijzing naar ethische beginselen kunnen het leven van de kinderen, de opgroeiende jeugd en de jongeren verwoesten, omdat dit alles hun ontwikkeling naar een verantwoordelijke, rijpe liefde en de harmonische ontwikkeling van hun persoonlijkheid in de weg staat.”

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       



KINDERLOOS   

uit: www.gezinspastoraal

  

Tien tips om goed om te gaan met de ongewilde kinderloosheid van vrienden of familieleden:

1. 20 % van de koppels heeft vruchtbaarheidsproblemen. Wees dus voorzichtig met opmerkingen als ‘Enne, nog niets op komst?’ of ‘Zorg maar dat er tegen volgend jaar een kindje is!’. Door dergelijke opmerkingen zien heel wat koppels huizenhoog op tegen nieuwjaarsrecepties en familiefeestjes.

 2. Flauwe grappen over de potentie van het koppel (‘Zal ik er eens een tekening bij maken?’ of ‘Moet ik eens langskomen?’) zijn niet grappig. Ze doen alleen maar pijn.

 3. Iets heel anders is het als je belangstellend (niet nieuwsgierig) informeert of een koppel graag kinderen wil. Doe dit niet in de drukte, maar in alle intimiteit, zodat het koppel een eerlijk antwoord kan geven.

 4. Probeer het probleem niet op te lossen. Mijd opmerkingen als ‘Dan doe je toch gewoon IVF’ of ‘Het is omdat jullie er te veel aan denken. Bij mijn buurvrouw was het ook zo. Zodra ze het opgaf, was ze zwanger.’ Deze ‘oplossing’ geeft jou misschien een goed gevoel, maar niet de mensen die midden in de situatie zitten. Het lijkt dan alsof je hun verdriet niet erkent.

 5. Vestig ook niet de aandacht op de voordelen van kinderloos zijn. Wie vergeefs naar kinderen verlangt, zou maar wat graag zijn vrije tijd, reizen en goede nachtrust opgeven voor een baby.

 6. Vergeet de man niet. Vaak gaat alle aandacht naar de vrouw, en informeert niemand naar de pijn van de man die vader zou willen worden.

 7. Troosten is eenvoudig. Je moet alleen maar vol begrip en respect luisteren, een belangstellende vraag stellen (Heb je al een arts geraadpleegd? Maken jullie nog een kans? Hoe gaat het met je man/vrouw? Kunnen jullie er samen over praten? Hebben jullie voldoende afleiding, of gaat alle aandacht naar dit probleem? Is er iets wat jullie opvrolijkt, om er niet de hele tijd mee bezig te zijn?, …), zeggen dat je met hen meeleeft, en hen het beste wensen. Als je het koppel goed kent, kun je hen oprecht vertellen dat je hen ervaart als ‘vruchtbare’ mensen (zeg hen wat ze betekenen in de vriendengroep, familie, parochie, voor jou …). Maar als je dat allemaal niet ziet zitten, is een luisterend oor echt genoeg!

 8. Beschouw mensen zonder kinderen niet als een altijd beschikbare baby-oppas voor jouw kroost. Alvorens een ongewenst kinderloos paar in staat is om de kinderen van andere mensen in hun hart en armen te sluiten, hebben ze vaak een lange, zware verwerkingsweg achter de rug.

 9. Beschouw mensen zonder kinderen niet als mensen die automatisch de zwaarste taken dragen in familie of vriendenkring (organisatie van feestjes, zorg voor een ouder familielid, …). Vaak zullen ze meer dan hun deel opnemen, maar zij hebben ook het recht om dat niet te doen.

 10. Er zijn voor ongewild kinderloze koppels veel pijnlijke momenten in een jaar: Moederdag, Vaderdag, Kerstavond, Nieuwjaar, Sinterklaas, Doopsel, Communie en Vormsel van neefjes en nichtjes… Laat hen merken dat je zo blij bent dat ze erbij zijn. Laat hen merken dat je oog hebt voor de pijn, die ze, naast vreugde om het feest, in zich dragen. Dat kan wonderen doen.

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       

  

EEN PRIESTER STERFT

Gedachtenisprentje van (en door) Pater Oscar De Spiegeleer, Vlaamse redemptorist  (+ 4 juli 2011)

  

    God, mijn Vader en Moeder, dit is het meest beslissende uur in mijn leven: mijn ontmoeting met U. Nu gaan de laatste grenzen open, nu kom ik definitief thuis. Mijn ademloos heimwee heeft in U een blijvende woning gevonden.

    En toch… Ik wil eerlijk zijn. Ik heb naar dit moment niet verlangd. Ik heb geweldig graag geleefd. Door te sterven moest ik alles loslaten, alles wat mij zo voelbaar en tastbaar nabij was, om het ongekende binnen te gaan. Daar ben ik bang voor geweest. Daarom, genees mij nu van mijn angsten en twijfels, van al mijn kwellende gedachten… en laat mij in diepe vrede in U geborgen zijn.

    Niettemin dank ik U voor het heerlijke leven dat ik van U gekregen heb, voor de intense vreugden die ik zo dikwijls mocht genieten, voor de warme vriendschap van zovele mensen… maar vooral dank ik U voor de gave van mijn vader en mijn moeder. Zij hebben de grootste stempel op mijn leven gedrukt. Wat ik geweest ben, was ik grotendeels door hen. Ik dank vooral moeder om haar liefdevolle bescherming waarmee ze mij is blijven omringen, ook na haar dood. Ik was immers haar jongste. Ik hoop nu opnieuw bij haar te mogen thuiskomen lijk vroeger.

    Ik dank U ook om de genade van mijn Priesterschap. Het was Uw keuze over mijn leven, want ikzelf heb daar nooit durven aan denken. Ik weet wie ik ben: een arme zwakke mens, tot op de dag van mijn sterven. Daarom ben ik altijd verwonderd geweest dat Gij mij geroepen hebt voor iets dat mij zo te boven ging. Toch ben ik ontzaglijk blij omdat Gij, doorheen de broosheid en de armoede van mijn persoon, U hebt kunnen meedelen aan zo velen van Uw mensenkinderen. Die duizenden ontmoetingen in de loop van mijn leven, hebben mij soms zoveel vreugde gegeven en zo dankbaar gestemd. Blijf ze allen achtervolgen met Uw goddelijke aandacht, laat hen wonen in Uw vriendschap en doe hen proeven hoe innig Gij ze allen liefhebt.

  

    Ik dank U ook voor de vele lieve mensen die mij diep genegen waren en met wie ik een inniger relatie had. Hun vriendschap heeft mij gelukkig gemaakt en mij vele kanten van het leven beter helpen dragen. Zij hebben mij vooral beter priester helpen zijn en mij gestimuleerd om de liefde in mijn leven altijd voorrang te geven. Het doet mij dan ook pijn hen te moeten achterlaten. Ik vraag U: laat mij op een zichtbare manier bij hen aanwezig blijven, vooral bij hen die Gij mij als geschenk gegeven hebt.

    Dierbare familie, misschien heb ik te weinig aandacht gegeven aan U. Ons specifieke leven verwijdert ons gemakkelijk van elkaar. Toch draag ik U allen in mijn hart en zal ik vanuit Gods Aanwezigheid U nabij blijven.

    Het kloosterleven is voor mij vaak een zwaar kruis geweest en toch betreur ik niets. Ook die pijn heeft zijn betekenis gehad. Zij heeft mij anders gemaakt en de eenzaamheid van zovele mensen beter doen begrijpen.

    Lieve God, Gij zijt het Grote Raadsel geweest van mijn leven. Het gordijn is nu opengeschoven. Ik hoop dat ik mag zien…

Ik verdien niets, niets. Ik heb alleen mijn lege handen… maar wees mij, arme zondaar, genadig. Gij zijt de Enige Ingewijde van gans mijn leven. Wees ook voor mij onvoorstelbare liefde; daarvoor wil ik U eeuwig dankbaar zijn.

    Gij die dit gelezen hebt, ik denk aan U. Wil af en toe voor mij eens bidden. Ik zal Uw naam in herinnering brengen bij Hem die U liefheeft.

Pater Oscar De Spiegeleer

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       

  



CHINESE KERK

Kerknet/Zenith Dinsdag, 19 juli 2011

  

    Nog maar net heeft de paus de zonder instemming van Rome gewijde bisschop van Shantou geëxcommuniceerd of Peking maakt zich alweer op voor een nieuwe onwettige bisschopswijding. “De Chinese autoriteiten hebben laten weten dat de wijdingen van bisschoppen doorgaan zoals gepland. Na de drie jongste onwettige wijdingen de afgelopen maanden, zal eerstdaags een nieuwe bisschop voor het bisdom Harbin, in het noorden van het land, gewijd worden”, bericht het persagentschap Églises d’Asie.

Het zou gaan om Joseph Yue Fusheng, die al enkele jaren ‘administrator’ is van het bisdom. Volgens Églises d’Asie gaat het om een protégé van de overheid die in december vorig jaar in Peking is aangesteld tot een van de vice-presidenten van de Patriottische Katholieke Vereniging. Hij is onlangs tot bisschop van Harbin verkozen. Rome heeft hem toen meteen laten weten dat zijn kandidatuur door de paus niet werd aanvaard.

    “Voor de wijding van de bisschop van Harbin zal Peking zo goed als zeker de ‘officiële’ – en door Rome erkende – bisschop van Shenyang, mgr. Paul Pei Junmin, inschakelen”, schrijft Eglise d’Asie. “Ook deze bisschop werd in december immers ‘verkozen’ tot vice-president van de Patriottische Vereniging. Hij zal moeten blijk geven van een bijzonder sterke vastberadenheid om zich niet te laten dwingen aanwezig te zijn in Harbin voor de wijdingsplechtigheid. Maar hij zal daarbij zonder twijfel gesteund worden door zijn priesters, die pal achter hem zijn gaan staan toen hij weigerde naar Shantou te gaan voor de bisschopswijding op donderdag 14 juli. Waarnemers in Hongkong noemen dit een bemoedigende reactie.      

    In de context van de gespannen situatie van de laatste maanden wordt zo goed als elke katholiek in China gedwongen kleur te bekennen. En toch kan men vaststellen dat zowel gelovigen als priesters desondanks de moed hebben om geen contact te hebben met bisschoppen die gewijd zijn zonder toestemming van Rome en zich daarmee buiten de universele Kerk hebben geplaatst.”

De situatie van de katholieke christenen in China doet sterk denken aan vele Rooms-katholieken in Vlaanderen die de relatie met Rome op de eerste plaats stelden tijdens de bezetting door de Franse republiek .

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       

  

EUTHANASIE?

Naar Kard. Joachim Meisner in ‘Die Welt’ van 12 maart 2011  

en ‘Information’ van ‘Freundeskreis Maria Goretti e.V.’, mei 2011, s. 22.

  

In een artikel in ‘Die Welt’ onderlijnt Joachim kardinaal Meisner dat ‘Actieve stervenshulp’ (bedoeld is ‘actieve euthanasie’, waarbij iemand rechtstreeks gedood wordt) een perversie is van het christelijke denken.

Meer en meer oudere mensen zijn op hulp en begeleiding aangewezen, zegt de Keulse aartsbisschop. Hiermee samenhangend hebben er steeds meer niet enkel schrik voor ziekte en lijden, maar vooral hiervoor dat ze anderen tot last zouden zijn. Dàt is de achtergrond van de debatten over de stervenshulp. Met een soort morele argumenten wordt actieve stervenshulp opgevoerd als ‘verlossing’, ‘daad van barmhartigheid’, en dit is een “perversie van het christelijke denken”, omdat er geen sprake meer is van de Ethiek van het lijden of van “heilbrengend lijden” (‘Salvifici dolores’ – encycliek van Johannes-Paulus II over het lijden).  Kardinaal Meisner bekritiseert de Duitse artsenkamer die naar ‘verschillende en gedifferentieerde individuele opvattingen in een pluralistische samenleving’ verwees. Dit is “zuiver relativisme” (= alles is zogenaamd evenwaardig) en heeft niets meer te maken met het ethos van de arts. Relativisme brengt willekeur voort. Met de actieve stervenshulp wordt ook de menselijkheid gedood. Daartegen redt “de palliatieve zorg en de stervensbegeleiding, de waarde van het geschapene”. Actieve stervenshulp volgt daarentegen de logica van de dood, aldus de Keulse kardinaal.

                   

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       

  

ALLE LIEFDE WAARDIG

  

Hij bestond in goddelijke majesteit

en heeft Gods heilsplan in vervulling doen gaan:

kwetsbare vrucht in Maria’s schoot,

pasgeborene in de kribbe.

Ravottend kind in Nazareth,

jongeman, door Johannes gedoopt in de Jordaan,

rondtrekkende rabbi en profeet.

zieken genezend en met gezag sprekend over Gods koninkrijk;

in doodsstrijd in de hof van Getsemane,

door Judas verraden, door Petrus verloochend,

door het sanhedrin aangeklaagd en door Pilatus veroordeeld,

gegeseld en met doorntakken gekroond,

stervend aan een kruis,

dood, begraven in de lijkwade in het nieuwe graf…

verrezen Heer!

Ziet, Ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding der wereld. (Mt.28,20b)

  

                  

EINDE VAN DIT ARTIKEL

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER       


PRIESTERCELIBAAT   

Kard. W. Brandmüller in F.A.Z. (26 januari 2011)

  

Nog vóór het memorandum van een aantal Duitse theologen, die zich uitspraken voor de afschaffing van het verplichte priestercelibaat, was er in januari van dit jaar reeds een publieke vraag van 8 katholieke CDU-politiekers (christendemocraten!) aan de Duitse bisschoppen om zich in te zetten voor de toelating tot het priesterschap voor gehuwden althans binnen een eigen Duitse context. Zij deden die stap zogenaamd uit bezorgdheid voor de afname van priesterroepingen maar in feite betekende dit een zoveelste aanval tegen het priestercelibaat. Omwille van hun politieke invloed reageerde kardinaal Walter Brandmüller dan ook publiek in de ‘Frankfurter Allgemeinen Zeitung’ van 26 januari 2011.

Nadat hij de vraag stelt of die ‘specialisten’ ook een uitleg hebben voor het krimpende aantal kerkbezoekers en gelovigen die de sacramenten ontvangen, komt hij daarna ter zake met het gegeven dat deze politiekers een levensvorm in vraag stellen die door een overgroot aantal priesters doordacht en uit vrije wil genomen werd en trouw beleefd wordt. In de anti-celibaatsinitiatieven ziet hij een verdere bedoeling om tot een ‘andere kerk’ te komen en hij maakt duidelijk dat de verwerping van het priestercelibaat ook een belediging is van Jezus Christus, de Zoon van God. Hij steunt deze uitspraak hierop: dat de priesters zich ‘niets anders dan de levenswijze van de Meester eigen maken’. De kardinaal voert verder aan dat volgens duidelijke studies het celibaat op apostolische traditie berust: hoewel aanvankelijk zeker gehuwde mannen gewijd werden, hebben dezen vanaf de dag van de wijding wel het gezinsleven maar niet de echtelijke gemeenschap voortgezet.


   EINDE VAN DIT ARTIKEL

   EINDE VAN DIT NUMMER 2011/4

       INHOUD VAN DE SITE         NAAR TOP VAN DIT NUMMER