GELOOF en LEVEN vzw



  
HOME

INHOUD

GELOOF EN LEVEN 2014 nr 3


Hij is bij u (2)    bvv     81

Fraterniteit van Maria Cursus 20 Ben Van Vossel    83

Bidden in het gezin   Medjugorje 2014    87

Bid Bid Bid    Medjugorje 2014    87

Het gelaat van Jezus (Gebed) George Gernaert    88

Religieus erfgoed op het Web Th. Borgermans Kerknet   89

Gooi de deuren open!   Paus Franciscus    90

First things first !  Cantalamesa    92

Boerenkrijg in het Waasland (9) Luc de Brant    95

Vervolging christenen  I.Media april 2014   98

Onze overledenen (Raymond Debeir cssr)  Red.    98

God spreekt nu   Magda De Wilde    99

Lijdensweg van Pastoor M. Cop Internet + Thesis    100

Pausbezoek aan Jordanië  Custodie H. Land   105

Hello Belgica!   Bij persbericht    106

De stoel. Hoe bidden?  Tekst pps    107

Oud worden vandaag  ingez. p. J. Buyens   109

Groei katholieke kerk  Kerknet     110

The Passion & Medugorje (2) Vervolg     111

Wereldjongerendagen Krakau Persbericht    114

Gebedsavond   bvv     115

Zalige Idesbald van Duinen Dom Niardus    119




HIJ IS BIJ U (2)

bvv


In ons vorig nummer hebben we aan de hand van een diapresentatie (althans de tekst ervan) laten aanvoelen dat – meer dan we denken – God in contact treedt met ons en ons volgt op onze weg door het leven. “Ik ben er.” “Ik ben er voor u.” Dàt was het antwoord dat Mozes meekreeg toen Hij bij de brandende braamstruik vroeg wie die God wel was die hem zond om het Joodse volk weg te voeren uit het slavenhuis naar het Beloofde Land. “Zeg hen: ‘Ik ben er’.”

In dit stukje hier laten we aanvoelen dat God ons inderdaad niet in de steek laat. Integendeel, Hij is met ons begaan is en wil ons leiden op de -voor ons- beste weg.  Hoe kunnen wij zijn verlangen ontdekken, waarvan we geloven dat het voor ons de weg naar het geluk is, de weg naar nauwere vriendschap met God?


We willen daartoe ge-woon eens zien hoe pater Piet Van Bree-men - die als Jezuïet goed bekend was met de onderscheidingsmethode van de H. Ignatius -  dit aan zijn retraitanten leerde. Hij gaf aan die mensen – gedurende 30 dagen – telkens een evangelietekst waarbij hij ook wat commentaar gaf. Daar moesten ze dan een dag mee op weg, en ermee in gebed gaan. En op het einde van dat gebed moesten ze een kwartiertje nemen om zich af te vragen: Waar was ik bij de Heer? En waar was ik niet bij de Heer? Dat ze ondertussen heel verstrooid waren enz. dat was niet van belang. Maar waar heeft de Heer mij aangesproken? Waar deed dat me echt iets? Of waar heb ik mij integendeel verzet tegen wat de Heer mij zegde?

Misschien zegt deze manier van mediteren of bidden je niets. Maar we kunnen hetzelfde ook ervaren in een heel andere context. Midden onze doodgewone dagen. Bijvoorbeeld: je voelt je uitgenodigd om iemand eens goedendag te gaan zeggen, je voelt je uitgenodigd om een ruzie wat bij te leggen, om je te verontschuldigen voor een onvriendelijk woord, je voelt je uitgenodigd om minder oppervlakkig te leven, om niet al te lichtzinnig of egoïstisch te leven, uitgenodigd om eens even te bidden, te vragen om kracht, je teevee eens uit te zetten en wat te praten of eens iets te lezen uit het Parochieblad…

Veronderstel nu eens dat je ingaat op die goede uitnodigingen en je voelt dan een soort vrede in je hart, een soort van ‘contentement’, zelfs al heeft het je misschien wat moeite gekost, wat tijd, wat onthechting… Wel, díe ‘innerlijke vrede’ … komt van God. Je bent ingegaan op wat Hij je vroeg. Hij heeft getoond dat Hij er is en dat Hij er is voor jou, dat Hij je leidt.


Misschien kunnen we deze eenvoudige regel van de heilige Ignatius eens een paar weken uitproberen. Het kan ons geloof in God en onze omgang met de levende God alleen maar versterken.


FRATERNITEIT VAN MARIA


Klein lustrum

In april/mei 2014 richtte de “Fraterniteit van Maria” haar 20ste iconencursus voor beginners in (Groot Begijnhof 19 te Sint-Amands-berg). Een reden om er even bij stil te staan.

De cursus ging door in 2 groepen (een op woensdag en een op donderdag) en dit gedurende 7 weken. Samen waren er 19 deelnemers; ze hebben allen de eindmeet gehaald en het resultaat mag gezien worden. Op donderdag 8 mei werden de iconen elk afzonderlijk gewijd in de loop van een mooie viering. Daarna was er voor de deelnemers en enige sympathisanten (de jongste, 13 maanden oud, was met oma en opa meegekomen; jong geleerd, oud gedaan) een taartenbuffet.


De Heilige Familie

De icoon die ze dit keer “schreven” (een icoon is in feite een geloofsbelijdenis die we ‘uitschrijven’ in lijnen en kleuren) was deze van “De heilige Familie”. Op de icoon wordt in verticale richting de H. Drievuldigheid weergegeven, de bron van alle gemeenschap en alle heiligheid; horizontaal: het Heilig Gezin van Nazareth. Bovenaan zweven dan nog 2 engelen met wierookvat om het heilig mysterie te eren.


Een deelnemer over de werkdag:

“De dag begint – na de begroeting - traditioneel met de Lauden, het liturgisch morgengebed, dat we zo goed mogelijk trachten te zingen (ieder volgens godsvrucht en talent). Dit helpt ons om de dag te beginnen met een blik op God en de vraag om ons te helpen het werk van deze dag als lofprijzing te willen zien. Na nog een kort gebed krijgen we de eerste aanwijzingen en dan … aan het werk. Geconsenteerd. Geduldig. Met overgave. Soms in stilgebed of bezinning. Maar ondertussen vraagt het maken van de juiste verf al onze aandacht, de juiste contourlijnen (en dat ze niet verloren gaan!) …

Na anderhalf uur zijn we aan een verpozing toe. Onder de veranda genieten we van een potje koffie of tee, een gebakje en … wat gezellig keuvelen. Strenge monniken zijn we niet.

Een halfuur later geeft pater Ben een onderricht met betrekking tot het onderwerp van de icoon die we aan het “schrijven” zijn. Daarna vieren we eucharistie. En tot onze verbazing (en een beetje onze frustratie) is dan de voormiddag voorbij.  Maar niet getreurd…  Want na de picknick en wat ontspanning beginnen we er weer aan. Nu een lange werktijd. Halfweg onderbreken we voor een kwartier aanbidding van het H. Sacrament. We willen dicht bij de Heer blijven en alles in zijn handen leggen, ons werk en ook onze zorgen; zijn vrede stroomt ons hart binnen. Daarna werken we nog tot 17.30 u.. Opruimen en een slotgebed met zegen.

Eenvoudig als kinderen vergelijken we dan wel ons resultaat met dat van de andere groep, we geven elkaar “heel professionele” (J) bemerkingen  en we zien wat er aan onze icoon nog moet gebeuren. Afscheid. We kijken al uit naar volgende week.”

Bedoeling

In de iconen ligt een heel stuk christelijke geloofsbelijdenis uitgeschreven “in lijnen en kleuren”. Zij hebben dus hun waarde op zichzelf en verwijzen naar de diepere realiteit die ze willen uitdrukken. Het is misschien een wat te westerse actiedrang die ons ertoe bracht om ze in te schakelen in het grote werk van de evangelisatie. Door met die “kleurrijke geloofsbelijdenis” bezig te zijn, komen we immers in contact met het christelijk mysterie en worden we uitgenodigd tot aanbidding en verering (wat de eerste bedoeling is van de iconen) maar door de bijhorende onderrichtingen en gebedstijden willen wij onszelf en de deelnemers aan de iconencursussen ook de kans geven om te groeien in de kennis en de beleving van de christelijke geloofsgeheimen. Evangelisatie is: het “Blijde Nieuws” doorgeven door woord en beleving.


Fraterniteit …

Hoewel wij reeds vóór 2006 bezig waren met het schilderen van iconen, onder kundige leiding van Trees, kregen we de ingeving dat het geheel, vooral ook de spiritualiteit van waaruit we die cursussen organiseerden, zeer gediend zou zijn als een kleine gemeenschap, een Fraterniteit, zich er achter zou stellen. 5 augustus 2006 hebben we dan de Fraterniteit van Maria opgericht van waaruit we nu deze cursussen organiseren. Enige van onze cursisten hebben zich aangesloten door zich kenbaar te maken en het engagement op zich te nemen dat ons tot een Fraterniteit maakt. Maar ook als je geen deel uitmaakt van de Fraterniteit ben je toch steeds van harte welkom op onze cursussen. We raden je aan eens te surfen naar de website van Geloof en Leven:

www.geloofenleven.be/iconen.html en daar de link te volgen naar de Fraterniteit van Maria, waar je dan meer uitleg vind over ontstaan, bedoeling, spiritualiteit en engagement van de Fraterniteit.


… van Maria

Op 5 augustus, vieren we het “Kerkwijdingsfeest van de basiliek Maria de Meerdere” (Maria Maggiore) die zich te Rome bevind. De eerste steen van die basiliek werd gelegd tijdens het concilie van Efese (431) bij de afkondiging van het goddelijk moederschap van Maria; het is de oudste Maria-kerk van de westerse wereld. Op 5 augustus 2006 hebben we de Fraterniteit dan toegewijd aan Maria, de Moeder Gods en ze onder haar bescherming gesteld.


Gebed van de Fraterniteit van Maria

Heer wij willen een fraterniteit vormen

die de naam draagt van Maria, de Moeder Gods.

Wij willen uw heilsplan ter harte nemen,

het bezingen en ervan getuigen door onze levenswijze

en doorheen het “schrijven” en verspreiden van iconen.

Wil ons helpen om U toegewijd te zijn

en om trouw uw liefde te verkondigen.

Moge Maria, de Moeder Gods, ons begeleiden in dit engagement.


Engagement in de Fraterniteit van Maria

1- Ik wil een goed christelijk leven leiden.

2- Ik wijd me elke dag toe aan Maria.

3- Ik bid elke dag voor de zussen en broers van de fraterniteit.

4- Ik beschouw elke dag enige tijd een icoon.

5- Ik wil me bekwamen in de kennis van de iconen.

6- Ik zet me mee in bij het inrichten van icooncursussen.

7- Ik bid dagelijks een tientje van de rozenkrans opdat Jezus mag erkend worden als Zoon van God en Redder van de mens.
8- Op een zinvolle wijze wil ik anderen in contact brengen met iconen.


BIDDEN IN HET GEZIN !

Medugorje

Lieve kinderen,

ik nodig jullie uit om de heiligheid in jullie gezin te beleven.

Zonder het gebed kan er geen heiligheid zijn.

Lieve kinderen, begin te bidden in jullie gezin.

De vrede en de vreugde zullen in jullie gezinnen terugkeren,

wanneer er in jullie gezinnen wordt gebeden.

(Oproep van Maria in Medugorje 5 mei 2006 Podbrdo)



BID  BID  BID

Medugorje

Geloof, mijn lieve kinderen, dat men met een eenvoudig gebed wonderen kan bewerken. Door je gebed openen jullie het hart voor God en Hij zal wonderen in je leven verrichten. Als jullie de vruchten zien, zal je hart zich vullen met vreugde en dankbaarheid tegenover God vanwege alles wat Hij doet in je leven, en door jullie ook voor anderen. Bid en geloof, mijn lieve kinderen, God geeft jullie genaden, maar jullie zien ze niet. Bid en je zult zien. Moge jullie dag gevuld zijn met gebed en dankzegging voor alles wat God jullie geeft.

(Medugorje, Boodschap van 25 oktober 2002)




HET GELAAT VAN JEZUS


Een gebed

George

Barmhartige Vader,

doe het aanschouwen van het Gelaat van Jezus,

de Eniggeboren Zoon van God,

in ons een diepe dankbaarheid opwekken voor zijn nederige Menswording; daarin heeft Hij zijn Godheid geopenbaard, het Rijk van God verkondigd en ons opgeroepen tot bekering, opdat Hij onze Redder mag zijn.



Barmhartige Vader,

doe het aanschouwen van het Gelaat van Jezus aan het kruis

in ons een diep berouw opwekken over onze zonden, die zijn smarten vermeerderen en ons van Hem verwijderen en vervreemden, als schapen die weglopen van hun Herder.



Barmhartige Vader,

doe het aanschouwen van het Gelaat van Jezus, de Verrezen Heer,

in ons een diep verlangen opwekken naar zijn genade, zegen en ontferming, die zijn Godheid verhogen en ons in de ervaring van zijn aanwezigheid stellen, de gewaarwording van zijn nabijheid en het beleven van zijn tegenwoordigheid, bijzonder in het heilig Sacrament.



FIRST THINGS FIRST !


Iets voor priesters, diakens… en andere christenen

p. Cantalamessa


“Ik heb eens ergens een verhaal gelezen dat zeer goed toe te passen is op priesters en drukbezette christenen. Op een dag werd een oude professor als expert gevraagd om te spreken over een meer efficiënte tijdsindeling voor de hoge bazen van een paar grote Noord-Amerikaanse bedrijven.


Hij besloot een experiment te proberen. Hij stond op en haalde van onder de tafel een groot leeg glas te voorschijn. Hij nam tegelijk ook een dozijn stenen zo groot als tennisballen en legde die één voor één voorzichtig in het glas totdat dat vol was. Toen er geen stenen meer bij konden vroeg hij, “denken jullie dat dit glas vol is?” En iedereen antwoordde “Ja!”


Hij haalde van onder de tafel een doos vol steengruis tevoorschijn en goot dat over de grote stenen, het glas bewegend zodat het gruis tussen de stenen door kon glijden tot op de bodem. “Is het glas nu wel vol?” vroeg hij.  Nu iets voorzichtiger antwoorden de ‘leerlingen’: “Misschien nog niet helemaal.” De oude professor haalde weer iets tevoorschijn, een klein zakje zand dit keer en ook dat goot hij in het glas dat hij goed schudde. Het zand vulde de openingen tussen de stenen en het gruis. Toen vroeg hij, “Is het glas nu vol?” En zonder twijfelen antwoordde iedereen, “Nee!” Toen nam de oude man de schenkkan die op de tafel stond en goot het water in het glas, tot aan de rand.


Toen vroeg hij, “Welke grote waarheid wil ik u leren met dit experiment?” De stoutmoedigsten antwoordden: “Dit leert ons dat, zelfs als onze agenda helemaal vol is, we er nog altijd wel iets aan kunnen toevoegen.” “Nee,” antwoordde de professor. “Wat dit experiment laat zien is dat als je niet eerst de grote stenen in het glas doet, je er nooit in zult slagen ze er later in te krijgen.” En wat ik jullie wou leren is deze vragen te stellen aan uzelf: “Wat zijn de grote stenen, de prioriteiten, in ons leven?” Het belangrijkste is om deze grote stenen als eerste in onze agenda te zetten.


Sint Petrus leerde, eens en voor altijd, wat de grote stenen zijn, de absolute prioriteiten, van de apostelen en hun opvolgers, de bisschoppen en priesters … : Wij zullen “ons blijven toeleggen op het gebed en de bediening van het woord’” (Hand. 6:4).


Wij priesters zijn, meer dan wie ook, blootgesteld aan het gevaar om dat wat belangrijk is op te offeren aan dat wat snel moet gebeuren. Gebed, de voorbereiding van de homilie of de Mis, studie en vorming, dat zijn allemaal belangrijke dingen, maar niet dringend; als ze worden uitgesteld stort de wereld blijkbaar niet in elkaar, terwijl er zoveel kleine dingetjes zijn – een vergadering, een telefoongesprek – die wel dringend zijn. Dus stelt men systematisch de belangrijke dingen uit tot een ‘later’… dat soms nooit komt.


Voor een priester betekent het plaatsen van de grote stenen als eerste in het glas concreet dat men de dag begint met tijd voor gebed en dialoog met God, zodat de activiteiten en andere verplichtingen niet alle ruimte gaan innemen.”


Ik sluit af met een gebed van Abt Chautard:


“O God, geef de Kerk veel apostelen,

maar wek in hun hart een dorst naar een intieme band met U

en tegelijkertijd een verlangen om te werken voor de naaste.

Geef allen een contemplatieve activiteit

en een actieve contemplatie.”




PASTOOR MICHAËL COP


In onze reeks over “De boerenkrijg in het Waasland” kwam in dit nummer naar voor dat er door de Franse bezetter ook streng werd opgetreden tegen priesters die zich niet wilden neerleggen bij de verplichting tot de eed van haat tegen het koningschap en tot de geloofsinvulling en catechese zoals de Franse staat dat voorstond. Zoals vele priesters en seminaristen werd ook pastoor M.F. Cop slachtoffer van een op hol geslagen staatsapparaat, dat de vrijheid van religie blijkbaar niet hoog in het vaandel droeg. Toegegeven, er was bij de bevolking heel wat wrevel naar de Franse bezetter toe omwille van de opeisingen van goederen èn van zeer veel jonge rekruten voor het mens verslindende Franse leger. En aangezien de priesters aan de kant van hun (Vlaamse) volk stonden… kon een botsing niet uitblijven.

Deze uiteenzetting steunt vooral op Geocaching.com (die zelf putte uit: G.K. Kockelberg, Hoekskes & Kantjes van Burcht, Zwijndrecht en Sint-Anneke) en de thesis van Ophelia Ongena : “Pastoors tussen conservatisme en moderniteit. Een prosopografische studie naar de houding van de seculiere clerus van het Waasland tegenover de kerkhervormingspolitiek van de centrale overheid (1780-1830)”.


Pastoor Cop

Op 19 april 1755 werd Michaël Franciscus Cop geboren te Burcht. Zijn vader, Cornelius Cop, was afkomstig van Niel; zijn moeder van Haasdonk. Vader Cop was een rijke steenbakker en genoot heel wat aanzien daar in Burcht. Zijn Middelbare studies deed hij in Mol. Daarna trok hij naar de artesfaculteit van de Universiteit te Leuven die als voorbereiding gold voor de verdere studies van Godgeleerdheid, Rechten of Geneeskunde; vermoedelijk volgde hij dan ook theologie aan het Gentse seminarie. In 1772 werd hij priester gewijd en benoemd tot hulppriester van de pastoor van Destelbergen bij Gent.

In 1787 werd hij onderpastoor in Zwijndrecht, op de linker Scheldeoever bij pastoor J. Varendoncq. Het werd een positieve samenwerking en toen 10 jaar later de pastoor op rust ging, werd Michaël Cop er zelf pastoor in april 1796.


Arrestatie en ballingschap

De problemen begonnen vanaf 1797 vanwege de uitvoering van de revolutionaire wetten, die ook de religie aan banden legden (o.m. 7 vendémiaire van het jaar 4= 30 sept. 1795). Resultaat van de strubbelingen was dat eind september ’97 de kerk gesloten werd. Eind oktober werd zelfs het kruis van de kerktoren weggenomen; een in Franse kleuren beschilderde haan kwam in de plaats en de kerkdeuren werden verzegeld (januari 1798).

Priesters moesten de eed van trouw aan de republiek afleggen; iets wat pastoor Cop weigerde. Zo werd hij dus een “onbeëdigde priester”. Hij moest onderduiken. Een tijdlang was hij veilig in de woning van chirurgijn Menges in de Moortelstraat (nu R. Orlentstraat) te Zwijndrecht, maar tenslotte werd hij daar toch gegrepen, naar Sint-Niklaas en daarna naar Gent overgebracht.

Na enige tijd ging de tocht doorheen Frankrijk van gevangenis naar gevangenis op weg naar Rochefort (Fr.), van waaruit hij met een konvooi (o.m. 119 priesters) zou verscheept worden.

Op 1 juli schreef hij aan zijn ouders (wij bewaarden de oorspronkelijke taal):


Zeer beminde ouders,

Ik heb den brief van den Eerw. Heer Schatten zeer wel ontvangen, door welken ik versta dat gij zeer geaffligeert zijt om mijn ongelukkig lot. Het is waer, het is zwaer en moeyelijk om te verdraegen, hetgene wij in 29 verschillende koten hebben uytgestaen, dog het was ons zagt en aengenaem om dat het voor Jesus was dat wij hetzelve leden, wel wetende dat den discipel niet beter is als den meester. Vervolgens dan gij moet verblijd wezen dat ik van die ongelukkige afgevallene priesters niet en ben, sijnde verzekerd van den glorie, na onze strijd met de goddelijke gratie volbracht te hebben. Voor de rest ik verhoop dat gij en geheel de familie welvarende zijt, gelijk ik, God dank, nog ben en verhope dat God U alle nog langen tijd in de zelve zal bewaeren. Wij zijn nog altijd in dezelve gesteltenisse van te vertrekken, want de fregat ligt nog altijd gereed en dagelijks worden de Engelsche schepen gezien. Adieu, bid voor mij zeer beminde ouders.

Uwen ootmoedigen dienaer en zoon, M.F. Cop.


Vanuit Rochefort werd hij op 2 augustus 1798 samen met 119 priesters ingescheept op  de ‘La Bayonnaise’ met bestemming Frans Guyana, aan de Noord-Oostkunst van Zuid-Amerika, waar Frankrijk een strafkolonie had voor antirevolutionairen. Het was de revolutionairen menens en hun methoden waren radicaal. Het doet denken aan de Sovjetunie zoveel jaar later waar Siberië en heel de ‘Goelag-archipel’ ook een afdoende maar onmenselijke maatregel waren.


Treurige afloop

Frans Guyana was geen vakantieparadijs. Het tropenklimaat, slecht eten en ziekte putten de verbannen priesters vlug uit. Later kon men wel in Sinnaman een woning huren en beter eten kopen. Maar alles samen waren de leefomstandigheden uiterst moeilijk. In januari 1799 werd pastoor Cop ziek. In zekere zin was hij er nog beter aan toe dan de meeste andere Vlaamse geestelijken die samen met hem naar Guyana waren overgebracht; uiteindelijk overleefden er maar 9.  En dan deed men een ontsnappingspoging per boot. Men wou langs een rivier de zee bereiken (in de nacht van 11 op 12 mei). Alles samen waren ze 9 Vlamingen en 4 Fransen, waaronder 3 priesters en de stuurman. Men bereikte Nederlands Guyana en enige dagen later zeilde men verder door naar Fort Oranje. Daar kregen ze evenwel de raad om nog verder door te varen omdat de Fransen naar hen op zoek waren. Een storm sloeg hen uit hun koers en ze spoelden aan op een onbekende kust. Uitgehongerd trokken ze door een moerassig bos en totaal uitgeput bereikte ze op 27 mei Corentin. Gelukkig kon men een boot kopen en koers zetten naar Fort St-André aan de Berbice-rivier in Engels Guyana, waar men toekwam op 3 juni.

Cop en een collega waren ondertussen zeer ziek geworden. De collega (priester De Neve) overleed twee dagen later. Men trok verder naar de hoofdplaats Demerary (nu Georgetown). Bij het regelen van de overvaart naar Engeland had men geldtekort en er waren te weinig plaatsen beschikbaar aan boord. Ook mocht pastoor Cop niet mee omdat hij aan bloedloop leed. Tenslotte werd alles toch nog geregeld en op 1 juli scheepten de 5 overblijvende Vlamingen in op de Mercury, een Engels slavenschip op thuisvaart.

Op 3 juli werd dan de terugreis aangevat. Zwaar stormweer en de schrik voor Franse schepen vertraagden echter de reis. Een week later, op 10 juli, na opnieuw een stormnacht werd pastoor Cop 's morgens dood aangetroffen; P. Dumon, pastoor van Mannekensvere en J.B. De Bay, priester te Brugge, stelden zijn overlijdensakte op en gaven hem diezelfde dag een zeemansgraf ter hoogte van de Kleine Antillen. Op 21 augustus 1799 bereikte de "Mercury" de haven van Liverpool.


* * *


Op 24 september 1860 werd aan de kerk van Zwijndrecht een gedenksteen onthuld ter nagedachtenis van E. H. Cop. Deze steen werd in 1945 beschadigd door een V2-bom. Het Davidsfonds herstelde de steen en plaatste op 16 oktober 1955 een herdenkingsplaat aan de woning in de Moortelstraat (Orlentstr.) waar Cop aangehouden werd. Deze huisjes zijn evenwel sinds jaren verdwenen en vervangen door appartementsgebouwen.


De lotgevallen van pastoor Michel Cop tonen ons het treurig lot van een priester die zijn volk en zijn geloof trouw bleef. “De dienaar is niet beter dan zijn Meester; hebben ze Mij vervolgd, ze zullen ook u vervolgen…” schreef hijzelf.

Vandaag worden op heel wat plaatsen in de wereld nog priesters en zeer veel gelovigen om hun geloof vervolgd. In ons gebed mogen wij die vele vervolgde christenen een plaats geven en acties steunen die op een menselijker wereld en dus ook een menselijker behandeling van andersdenkenden aansturen.


DE STOEL


Tekst van een ingezonden diapresentatie ‘La Silla’


Toen de priester de kamer binnenkwam vond hij de arme man in bed, zijn hoofd gesteund op twee kussens.  Naast het bed stond een stoel, zodat de priester dacht dat de man verwacht had dat hij hem zou komen opzoeken.


- Ik neem aan dat u me verwachtte? zei hij.

- Nee, wie bent u?  zei de zieke.

- Ik ben de priester die uw dochter heeft geroepen om met u te bidden. Toen ik binnenkwam viel me de lege stoel naast uw bed op, ik dacht dat u wist dat ik u een bezoek zou brengen..

- O ja, die stoel…  Vindt u het vervelend om de deur dicht te doen? vroeg de zieke.

De priester deed verrast de deur dicht.

De zieke ging verder:

- Ik had het nog nooit tegen iemand gezegd, maar ik heb mijn hele leven lang niet geweten hoe ik moest bidden.

Als ik naar de kerk ging hoorde ik altijd over het gebed spreken, hoe je moet bidden en welke voordelen dat meebracht, maar altijd dat bidden, ik weet het niet…. Het gaat het ene oor in en het andere uit.

Hoe dan ook, ik had geen idee hoe het moet. Dus… heb ik al lang geleden het bidden er helemaal bij laten zitten.

En voor mij was dat zo, tot ongeveer vier jaar geleden. Toen deelde ik mijn probleem mee aan mijn beste vriend en hij zei tegen mij iets heel bijzonders:

‘José, zei hij, het doel van bidden is gewoon een gesprek te hebben met Jezus. Kijk, zo moet je het aanpakken…

Je gaat op een stoel zitten en je zet een lege stoel tegenover je en met geloof kijk je naar Jezus die tegenover je zit,  Dat is niet raar om te doen want Hij heeft gezegd : “Ik zal altijd bij je zijn’.


- Okay, dacht ik na dit gesprek, ’t is het proberen waard. En dus praatte ik tegen Hem en luisterde naar Hem, op dezelfde wijze als u het vandaag met mij doet.

Ik deed het één keer, maar het beviel me zo goed dat ik ermee door ben gegaan, iedere dag ongeveer twee uur.

Ik let er altijd goed op dat mijn dochter het niet ziet… want zij zou me misschien laten opnemen in de psychiatrie".


De priester was diep geraakt toen hij dit hoorde en zei tegen José dat het heel goed was wat hij deed en dat hij er vooral nooit mee moest ophouden.

Hij zei toen samen met José een gebed, gaf hem de zegen en ging terug naar zijn parochie.


Twee dagen later belde de dochter van José de priester om te zeggen dat haar vader gestorven was.

De priester vroeg:

- Is hij vredig gestorven?

- Ja toen ik het huis uitging , ongeveer om twee uur ‘s middags, riep hij me en ben ik naar hem toegegaan.

Hij zei dat hij van me hield en hij kuste me.

Toen ik na enkele boodschappen een uurtje later weer thuis kwam vond ik hem dood.

Maar er was iets vreemds aan die dood, want het leek alsof hij vlak voor zijn dood de stoel bij zijn bed naar zich toe getrokken had en er zijn hoofd op had neergelegd. Zo heb ik hem gevonden.

Wat denkt u daarvan, wat zou dat toch kunnen betekenen?


De priester die diep ontroerd was, droogde zijn tranen en antwoordde:

- Laten we hopen dat we allemaal op een zo vredige manier mogen heengaan.



OUD WORDEN IN DEZE TIJD


Gevonden door Jozef Buyens

Het is gewoon niet voor te stellen,
Je moet met een mobieltje bellen,
Je kunt er ook een tekst op lezen
Je moet altijd bereikbaar wezen
En dat kan dus niet gewoon
Met een doodgewone telefoon.
 
Wil je een treinkaartje kopen,   nee, niet naar de balie lopen,
Daar is niemand meer te zien,    je kaartje komt uit een machin(e).
Je moet dan overal op drukken    in de hoop dat het zal lukken.
Pure zenuwsloperij,    achter jou zie je een rij
kwaad en tandenknarsend staan,   want de trein komt er al aan.
 
Bij de bank wordt er geen geld    netjes voor je uit geteld.
Want dat is tegen de cultuur,    nee je geld komt uit de muur.
Als je maar de code kent,    anders krijg je vast geen cent.
Om je nog meer te plezieren,    mag je internetbankieren
Allemaal voor jouw gemak,    heb je alles onder dak.
Niemand die er ooit naar vroeg,    blijkbaar is het nooit genoeg.
 
Man, man, man wat een geploeter,    alles moet met een computer.
Anders sta je buiten spel,    op www, punt nl.
Vind je alle informatie,    wie behoedt je voor frustratie.
Als dat ding het dan niet doet,    word je even toch niet goed.
Maar dan roept men dat je boft,    je hebt immers Microsoft.
Ach, je gaat er onderdoor,    je raakt gewoonweg buiten spoor.
Nee het is geen kleinigheid . . .     oud worden in deze tijd.
 
     

GROEI KATHOLIEKE KERK


KerkNet/CNS 5 mei 2014

Volgens de recentste statistieken van de Heilige Stoel blijft de rooms-katholieke Kerk wereldwijd gestadig groeien. Zowel het aantal gelovigen als het aantal priesters en diakens is het voorbije jaar licht gestegen, terwijl het aantal religieuzen net als de jaren voordien is gedaald.

Volgens het nieuwe Statistische Jaarboek van de Katholieke Kerk waren er op 31 december 2012 wereldwijd 1,228 miljard gelovigen. Dat is 14 miljoen of 1,14 procent meer dan in 2011. Die aangroei is ook iets hoger dan de aangroei van de wereldbevolking in dezelfde periode (1,09 procent). Katholieken vormen 17,5 procent van de wereldbevolking. Het meest 'katholieke' continent blijft Amerika, waar katholieken 63,2 procent van de bevolking vormen. Het minst katholieke continent is Azië, waar de katholieke geloofsgemeenschap nauwelijks 3,2 procent van de bevolking vormt.





BEREID JE VOOR OP TEGENSPOED

b.v.v.

Op de Gebedsavond kregen we een woord uit het Oudtestamentisch boek ‘Jezus Sirach’. Het is een boek met heel wat praktische inzichten.


Na een tijd van lofprijzing en lofgezangen vroegen we de Heer om een woord, want meestal wil Hijzelf ook wel iets zeggen na ons gebazel. Iemand las dan een tekst voor uit Sirach 2,1-6. Ik noteer die tekst hier even:

Mijn zoon, wanneer gij de Heer gaat dienen, bereid u dan voor op beproevingen 2 Laat uw hart de juiste weg inslaan en laat het sterk zijn, en wind u niet op als de tegenspoed komt. 3 Houd u aan Hem vast en laat Hem niet los: dan zult gij uiteindelijk verheven worden. 4 Alles wat u overkomt moet ge aanvaarden; gij moet geduldig zijn in de wederwaardigheden die u vernederen. 5 Want goud wordt in het vuur beproefd en de aan God welgevallige mens in de oven van de vernedering. 6 Vertrouw op Hem en Hij zal u helpen; bewandel rechte wegen en stel uw hoop op Hem.


Een gedegen communist zou Karl Marx zeker achterna praten door te zeggen dat deze tekst ‘opium voor het volk’ is. Er klinkt immers iets in door van “alles maar aanvaarden wat u overkomt; geduldig zijn in de wederwaardigheden van het leven”. Dat geurt echt naar passiviteit, berusting in wat er gebeurt in plaats van uw leven in handen te nemen en zelf voor oplossingen te zorgen…


Nu is het natuurlijk zo dat God ons inderdaad de wereld in handen heeft gegeven, niet om daar alles maar zijn gang te laten gaan, maar om alles op de best mogelijke manier te beheren en in de best mogelijk richting te sturen. In die zin zijn we ‘schipper naast God’.


Maar als christen laten wij ons niet wijsmaken dat de gebraden kippen ons ooit zomaar in de mond zullen vliegen, dat alle lijden en pijn, alle tegenkanting en moeilijkheden eens verleden tijd zullen zijn. Dat het ‘aards’ paradijs van het Marxisme en van onze moderne consumptiemaatschappij (waar media en politiekers groot over doen, tegenstrijdige beloftes doen terwijl ze wel weten dat dit zand in de ogen strooien is van Jan-met-de-pet); dat paradijs bestaat niet en is een zinloze waanidee. Om de eenvoudige reden dat alleen God God is en de mens nog altijd mens blijft met zijn ingebakken egoïsme. Dat wil zeggen: wat we zijn en wat we tot stand brengen is niet steeds eenduidig goed.  

Denk aan de uitvinding van de auto en de verkeersinfarcten, aan het naar boven pompen van ‘aardolie’ en de vervuiling door uitlaatgassen, aan het ozongat, de wapenwedloop, de etterbuil van de slavernij. Hoe is het bv. mogelijk dat Amerika, na de ontvoering van 200 Nigeriaanse meisjes door Boko Haram de eigen bevolking nog moet overtuigen van “Real men don’t by girls” (echte mannen kopen geen meisjes!)… We bouwen samen aan een betere wereld, maar vaak zijn onze motieven en onze daden inderdaad aangetast door het egoïsme. Welke instantie werkt consequent en zonder kwalijke nevenwerking aan positieve beïnvloeding van de mens? Welke partij? Welk medium? Welk programma?

De waanidee van het ‘paradijs hier op aarde’ is in feite ‘opium voor het volk’, ‘volksverlakkerij’ zou men in de verkiezingsstrijd zeggen.


Laten we daarom toch maar eens luisteren naar wat Sirach zegt:

“Mijn zoon (en dochter), wanneer gij de Heer gaat dienen, bereid u dan voor op beproevingen.”

Dat klinkt negatief, inderdaad, het klinkt ontmoedigend, maar het is gewoon de realiteit. Liefde, ouderschap, inzet voor anderen, werk… Dat zijn positieve zaken, vreugde brengende zaken, maar ze gaan gemakkelijk gepaard met ontgoochelingen, kwetsuren, vermoeidheid, ontmoediging, hartzeer, nood aan verzoening …

Je moet dat weten, zegt Sirach, ook als je alles wil doen voor God, kan je dat nog zweet en tranen kosten. Wie zei ook weer: “Liefde is een werkwoord”? Het vraagt dagelijkse inzet, veel water in de wijn doen, jezelf voorbijzien voor het geluk van de ander, moeite doen om zaken uit te praten, om te vergeven, te herbeginnen… Wees erop voorbereid!

Sirach zei ook:

Laat uw hart de juiste weg inslaan en laat het sterk zijn, en wind u niet op als de tegenspoed komt.

Sirach windt er dus geen doekjes rond. Je moet kiezen, kiezen volgens het licht dat God u geeft en dan moet je consequent zijn, ook als een en ander wat tegengaat.


En dan komt opnieuw zo’n helder woord dat een Marxist weer opium zal noemen.

Houd u aan Hem vast en laat Hem niet los: dan zult gij uiteindelijk verheven worden.

Dit woord viel tijdens die gebedsavond echt samen met het evangeliewoord (in de Eucharistieviering even daarvoor) over de Wijnstok en de ranken waar Jezus zegt:

Los van Mij kunt gij niets!

Betekent dit dat we zelf niets kunnen of niets moeten doen? Natuurlijk niet. Maar we moeten er ons wel bewust van zijn dat we er in de wereld niet alleen voor staan. Sommigen zullen in hun secularisatie-manie menen van wel.

Evenwichtig christen-zijn echter is weten dat we zonder de Heer niets tot stand kunnen brengen dat eeuwigheidswaarde heeft. Er moet aan onze kant altijd een goed begrepen nederigheid zijn. Nederigheid is een teken van realiteitszin. Bedoeld is dan dat we God erkennen. En dat we erkennen dat wijzelf kleine onvolmaakte mensen zijn. Als het ons moeilijk valt om dat te erkennen, moeten we misschien maar eens opzien naar Jezus. Hij is op de laatste plaats gaan staan.

Het mysterie van zijn Menswording betekent immers een totale ontlediging, die haar voltooiing vond in de voetwassing en de slavendood aan het kruis. En zijn begrafenis. Een zware afdeksteen er voor. Schluss. Out! Maar – excuseer - dat was zijn overwinning.

En als mens verschenen heeft Hij zich vernederd, Hij werd gehoorzaam tot de dood, tot de dood aan een kruis. Daarom heeft God hem hoog verheven.  (Filippenzen 2,7-9a)

Die totale toewijding aan de Vader. Daar heeft Hij voor ons alle geluk mogelijk gemaakt. Hij is de deur van de schapen.

Met recht en reden mag Hij nu zeggen: Los van Mij kunt ge niets !

Omdat Hijzelf op de laatste plaats is gaan staan en zo de wereld heeft opgetild tot het welbehagen van God.


Aan uw voeten Heer,

is de hoogste plaats.

Daarom kniel ik neer bij U.

Om bij U te zijn,

is de grootste eer;

daarom buig ik mij voor U.


(Zingt een Nieuw Lied  656)