GELOOF en LEVEN vzw



  
HOME

INHOUD


  TERUG NAAR INHOUDSOVERZICHT       


EEN NOTITIE OMTRENT SIMON VAN CYRENE

naar een notitie uit het boek van Vittorio Messori,  Hypothèses sur Jésus.  

Et vous, qui dites-vous que je suis?

In de drie eerste evangelies (Mattheüs, Marcus en Lucas, de zogenaamde Synoptische evangelies) is er tijdens de passie van Jezus sprake van een zekere Simon van Cyrene die door de soldaten gedwongen wordt om het kruis van Jezus te dragen.  

“Toen ze de stad uitgingen ontmoetten ze een Cyreneeër, Simon genaamd en vorderden hem tot het dragen van Jezus’ kruis” (Matt.27,32).  Bij Lucas klinkt het zo: “Toen zij Hem wegvoerden, hielden zij een zekere Simon aan, een man uit Cyrene, die van het veld kwam: hem belaadden ze met het kruis om achter Jezus aan te dragen” (Lucas 23,26).   De naam van deze toevallige voorbijganger, een man die achteloos van zijn veld komt, is op die manier in de Bijbel beland.  Een kleine anekdote om het lijdensverhaal wat op te smukken en wat concreet te maken?  Een mooie legende zoals die rond Veronica, die het aangezicht van Jezus afdroogt, zodat men kan aantonen dat zowel een man als een vrouw vol mededogen waren met de lijdende Jezus?  

Marcus echter voegt er een opvallend detail aan toe: “Zij vorderden een voorbijganger die van het veld kwam, Simon van Cyrene, de vader van Alexander en Rufus, tot het dragen van het kruis” (Marcus 15,21).  Blijkbaar zijn Alexander en Rufus voor Marcus (of voor de eerste christelijke predikanten die dit detail hebben doorgegeven) geen onbekenden; je zou zelfs veronderstellen dat ze zelf later deel zijn gaan uitmaken van de eerste christengemeenschap.   In dit verband is het wellicht goed om met open geest even stil te staan bij de bevindingen van een archeologische opgraving in 1962 in de Kedronvallei, vlakbij Jeruzalem.  Op een begraafplaats van notabelen legde professor Jukenik daar een familiegraf bloot uit de tijd van Jezus.  De opschriften vermelden - naast de namen van andere verwanten - een ‘Alexandrina, dochter van Simon’ en van een ‘Alexander van Cyrene’.  Volgens Dan Barag is het natuurlijk altijd mogelijk dat het hier gaat om een toevallige coïncidentie, maar een eenvoudiger besluit is dat heel de omgeving van deze opschriften bijzonder verwijzen naar deze Simon van Cyrene, de vader van Alexander en Rufus waarover Marcus spreekt.    

  TERUG NAAR INHOUDSOVERZICHT           TERUG NAAR THUISPAGINA