GELOOF en LEVEN vzw



  
HOME

INHOUD

Paus Franciscus, In het priesterschap is er geen plaats voor middelmatigheid

Rome (ZENIT.org) 2014-04-14

In het priesterschap “is geen plaats voor middelmatigheid, de middelmatigheid die steeds aanzet het volk Gods te gebruiken voor zijn eigen belang”, zo luidt de waarschuwing van paus Franciscus, die de seminaristen integendeel uitnodigt “mannen van gebed” te zijn “om de stem van Christus te worden die de Vader looft en ononderbroken ten beste spreekt voor de broeders”.

Paus Franciscus ontving op 14 april de gemeenschap van het Pauselijk Seminarie van Anagni: “Dierbare seminaristen, u bereidt zich niet voor op de uitoefening van een beroep, om functionarissen te worden van een onderneming of bureaucratische organisatie … Ik vraag, pas op dat u daar niet inloopt! U bent op weg herders te worden naar het beeld van Jezus, de Goede Herder, om te zijn zoals Hij en Zijn schapen te weiden.”

“Indien sommigen onder u niet bereid zijn deze weg te volgen, is het beter dat u de moed heeft een andere weg te kiezen.”



Toespraak van de paus


Dierbare broeders bisschoppen, priesters en seminaristen,


Ik groet u allen, u die de gemeenschap vormt van het Pauselijk College van Anagni. Ik dank de rector voor de woorden die hij in naam van u allen tot mij richtte. Een heel bijzondere groet aan u, dierbare seminaristen, die te voet naar Rome bent willen komen! Moedig! Deze pelgrimstocht is een heel mooi symbool van uw opleiding, die met enthousiasme en volharding moet doorlopen worden, in de liefde van Christus en in een broedergemeenschap.


Het College biedt als regionaal seminarie zijn diensten aan meerdere bisdommen van het Latium. In het spoor van zijn traditie qua opleiding, is het geroepen om in de Kerk van vandaag aan priesterkandidaten een ervaring aan te bieden die hun plannen voor hun roeping kan transformeren in een vruchtbare apostolische realiteit. Zoals alle seminaries, heeft ook het uwe tot doel toekomstige priesters voor te bereiden in een klimaat van gebed, studie en broederlijkheid. Deze Evangelische sfeer, dit leven vervuld van de Heilige Geest en menselijkheid, helpt degenen die er zich in onderdompelen, dag na dag de gevoelens van Jezus Christus, Zijn liefde voor de Vader en de Kerk, en Zijn voorbehoudloze aanhankelijkheid aan het volk Gods in zich op te nemen. Gebed, studie, broederlijkheid en tevens apostolisch leven: dat zijn de vier interactieve pijlers van de opleiding. Het geestelijk leven: sterk; het intellectueel leven: ernstig; het gemeenschapsleven en tenslotte het apostolisch leven; doch dit is geen volgorde volgens belangrijkheid. De vier punten zijn belangrijk; ontbreekt er één dan is de opleiding niet goed. En alle vier zijn interactief. Vier pijlers, vier dimensies waarop een seminarie zijn leven moet funderen.


U, dierbare seminaristen, u bereidt zich niet voor op de uitoefening van een beroep, om functionarissen te worden in een onderneming of bureaucratische organisatie. Wij hebben zo veel, zo veel priesters die halverwege zijn blijven staan. Het is pijnlijk dat zij er niet in geslaagd zijn de volheid te bereiken: zij hebben iets van functionarissen, een bureaucratische dimensie en dat doet geen goed aan de Kerk. Ik vraag u, let op dat u daar niet inloopt! U bent op weg herders te worden naar het beeld van Jezus, de Goede Herder, om zoals Hij te zijn, “in Zijn Persoon” (in persona) te midden van Zijn volk, om Zijn schapen te weiden.

Ten overstaan van deze roeping, kunnen wij zoals Maria aan de engel antwoorden: “Hoe zal dit geschieden?” (cf Lc. 1,34). “Goede herders” worden naar het beeld van Jezus is te groot en wij zijn zo klein … Dat is waar! Ik denk deze dagen aan de chrismamis van Witte Donderdag en zei tegen mezelf dat met deze gave die zo groot is, onze kleinheid sterk is: wij zijn bij de kleinsten onder de mensen. Het is waar, het is te groot; maar het is niet ons werk! Het is het werk van de Heilige Geest, met onze medewerking. Het gaat erom zichzelf nederig aan te bieden, zoals klei dat gevormd wordt, opdat de pottenbakker – God – het met water en vuur zou bewerken, met het Woord en de Geest. Het gaat erom binnen te treden in wat de heilige Paulus zegt: “Ikzelf leef niet meer, maar Christus is het die leeft in mij” (Gal. 2,20). Alleen zo kan men diaken en priester zijn in de Kerk, alleen zo kan men het volk Gods niet op onze wegen maar op de weg van Jezus leiden of eerder op de Weg die Jezus is.


Het is waar, in het begin is de bedoeling niet altijd geheel oprecht. Maar ik durf zeggen: anders, zou moeilijk zijn. Wij hebben allemaal van die kleine dingen die niet altijd een oprecht bedoeld zijn, maar dat lost zich mettertijd op, door dagelijkse bekering. Denken wij aan de apostelen! Denken wij aan Jakobus en Johannes, de ene wou eerste minster en de andere minister van economische zaken worden, want dat was het belangrijkste. De apostelen hadden die oprechte bedoeling nog niet, zij dachten aan andere dingen en de Heer heeft hun bedoeling met veel geduld gecorrigeerd en uiteindelijk was hun bedoeling zodanig dat zij hun leven gegeven hebben in de verkondiging en het martelaarschap. Wees niet bang!” “Maar ik weet niet goed of ik priester wil zijn omwille van de promotie … - Bemint ge Jezus ? – Ja. – Spreek met uw geestelijke vader, spreek met degenen die in de opleiding staan, bid, bid, bid en ge zult zien dat de oprechte bedoeling komt.”


En deze weg betekent alle dagen het Evangelie overwegen, om het met uw leven en de verkondiging door te geven; dat betekent Gods barmhartigheid ervaren in het sacrament van de verzoening. Dat mag men nooit achterwege laten! Biechten, altijd! Zo wordt u edelmoedige en barmhartige bedienaars omdat u Gods barmhartigheid over u zal voelen. Dat betekent, zich voeden met geloof en liefde voor de Eucharistie, om er het christenvolk mee te voeden; dat betekent mannen van gebed zijn om de stem van Christus te worden die de Vader looft en voortdurend ten beste spreekt voor de broeders (cf Hebr. 7,25). Gebed van voorspraak, zoals die grote mannen dat deden – Mozes, Abraham – die voor hun volk met God streden, dat moedige gebed tot God. Als u – maar ik zeg het met mijn hart, zonder te willen beledigen! – als u, als sommigen onder u, niet bereid zijn deze weg, met deze ingesteldheid en ervaringen te volgen, is het beter dat u de moed heeft een andere weg te zoeken. Er zijn veel manieren om in de Kerk een christelijk getuigenis te geven en veel wegen leiden naar heiligheid.


In de navolging van Jezus door het priesterschap is er geen plaats voor middelmatigheid, de middelmatigheid die steeds aanzet om het heilige volk van God te gebruiken voor zijn eigen belang. “Wee de herders van Israël die zichzelf weiden in plaats van hun kudde!” (cf Ez. 34,1-6), riepen de profeten zo krachtig uit! En Augustinus herneemt deze profetische zin in zijn De Pastoribus, dat ik u aanbeveel om te lezen en te overwegen. Wee de slechte herders omdat het seminarie, laat ons de waarheid zeggen, geen toevlucht is voor al de beperkingen die wij kunnen hebben, een toevlucht voor psychologische zwakheden of een toevlucht omdat ik de moed niet heb vooruit te gaan in het leven en een plaats zoek om mij te beschermen. Nee, dat is het niet. Als uw seminarie dat was, zal het een hypotheek worden voor de Kerk! Nee, het seminarie is er echt om vooruit te gaan, vooruit te gaan op de weg. En wanneer wij de profeten “wee!” horen zeggen, moge dit “wee!” u ernstig doen nadenken over uw toekomst. Vroeger zei Pius XI dat het beter is een roeping te verliezen dan een risico te nemen met een onzekere kandidaat. Hij was alpinist, hij wist wat hij zei.


Zeer dierbare vrienden, ik dank u voor uw bezoek. Ik dank u dat u te voet gekomen bent. Ik begeleid u met mijn gebed en zegen en ik vertrouw u toe aan de Maagd Maria, die Moeder is. Vergeet Haar nooit! De Russische mystieken zeiden dat men in momenten van geestelijke onrust, zijn toevlucht moet nemen onder de mantel van de heilige Moeder Gods. Kom er nooit onder uit! Met Haar mantel bedekt. En alstublieft, bid voor mij !




Vert. Maranatha-gemeenschap