DOCUMENTATIEMAP MET
UITEENZETTINGEN - BESCHOUWINGEN - MEDEDELINGEN - 
VANUIT EEN KATHOLIEKE LEVENSVISIE

INHOUD - ACTIVITEITEN - NIEUW - KINDEREN - BIJBEL - DIAPRESENTATIES - GEBEDSGROEP - PARAY L.M. - MARIA-KEFAS - PREKENTHUISPAGINA - NADENKERTJES - NUMMERS - LITURGIE - ROEPING - GEZIN - JONGEREN - GETUIGENISSEN - MORAALHAHAHA - BOEKEN - MARIA - CHRISTELIJKE VORMING - ZENDING - KERK en GELOOF - CHRISTEN in de WERELD - Figuren uit de KERKGESCHIEDENISUITZICHT - INFO - MEDIA - GEZONDHEID - SPIRITUALITEIT - PINKSTERSPIRITUALITEIT - VERHALEN - KUNST - BEZINNINGEN -   GRIEKSE KERK BAGDAD -  WETENSCHAP - JEZUS (Isa al Masih) - GEBED - SOCIALE INZET - EVANGELIE-LEZING

- Waar was God in Haïti op 12 januari 2010 ?
- Benedictus XVI over Gezinscongres Valencia: Gezin, beleef je geloof en draag het uit
- Pastoraal Jaar van het gebed
- Christelijke ethiek onder spervuur
- Condoom: immoreel?
- Fatwa:  Godsdienst en Menselijkheid
- De richting van jouw leven beïnvloedt de richting van de wereld
- Allerheiligen: De dood en de christelijke hoop
- De aanslagen op 5 christelijke kerken te Baghdad (16 oktober 2004)
- Een ideetje rond "persoonlijk voortbestaan"
- Shoah-herdenking 3 okt. 2004
"Opa" (Euthanasie) Kortverhaal van Ralph Bettens
Drugs. Gedoogbeleid (lezersbrief De Standaard)
7 wortels van de verdrukking  (Mahatma Ghandi)
Het betwiste klooster van Opgrimbie (Een volk leeft niet van bomen alleen)
Respect gevraagd voor christelijke overtuiging
-  Drugs: een straatje zonder einde
Drugs overschaduwden mijn ware leven  door: Rafaël
-  Leven in het domein van Jezus. Durf je het aan? 
Gods kinderen aan ons toevertrouwd. Hoe uw kinderen helpen in deze tijd?
Mededelingen voor gezinnen

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

 

WAAR WAS GOD

IN HAÏTI OP 12 JANUARI 2010

TOEN DE AARDE BEEFDE,

TIENDUIZENDEN HET LEVEN LIETEN,

TIENDUIZENDEN GEKWETST WERDEN

TIENDUIZENDEN VELE GEZINS- EN FAMILIELEDEN

EN HAVE EN GOED VERLOREN?

WAAR WAS GOD?

Ben Van Vossel

 

Indringende vragen

Het verschrikkelijk gebeuren in Haïti doet heel wat gelovige mensen allerlei vragen stellen

- Waarom moet zo’n arm land, zo’n arme mensen getroffen worden?  Die hebben dat toch zeker niet verdiend?

- Waar is God?  Soms begrijp ik de Heer niet meer: een algoede Vader, een barmhartige Vader die zorg draagt  voor zijn kinderen, die bezorgd is voor de zwakken en kleinen… En nu dit!  Ik begrip er niets meer van…

 

Wie is schuldig? Geen goede vraag.

“Ze hebben dat toch niet verdiend?”. Inderdaad! Die arme mensen, die duizenden onschuldige kinderen… Die hebben dit niet verdiend. En waarom zouden de volwassenen het verdiend hebben, die meestal ook bijna niets hadden? De Voodoo? Och, er is voldoende echt christelijk geloof aanwezig in Haïti. Trouwens, sedert zijn onafhankelijkheid heeft Haïti slechts uitbuiting en armoede gekend.

Dit moeten we toch goed beseffen: die aardbeving staat niet zomaar in verband met het al dan niet verdiend hebben van slachtoffer te worden van zo’n natuurramp…

Je zou je dan immers ook de vraag kunnen stellen: waar hebben ze het verdiend om daar te wonen waar die aardplaten (zie verder) tegen elkaar komen en waar dan ook af en toe ernstige aardbevingen en aardschokken zich voordoen op die breuklijnen…

Soms kunnen we bepaalde natuurgrillen op de rug schuiven van de mens. Je zou je bv. kunnen inbeelden dat ondergrondse ontploffingen van atoom- of waterstofbommen, zoals die indertijd gebeurden, soms aan de oorsprong zouden liggen van sommige aardbevingen. Maar dat was hier niet het geval.

 

Wat doe je aan aardbevingen?

Dus moeten we gewoon zeggen:

dat die mensen daar op een verkeerde plaats woonden of/en dat de woningen niet waren aangepast aan een door aardbevingen bedreigde regio.

1° die mensen woonden daar op een verkeerde plaats. Hoezo?

In Wikipedia (en elders) kan je lezen dat een tektonische plaat (of schol) een stuk aardkorst is en dat de oppervlakte van de aarde uit zeven grote tektonische platen bestaat en een deel kleinere. Geologen weten die platen perfect liggen. Op de breuklijnen van die tektonische platen gebeuren de bevingen. Een aardbeving gebeurt meestal op een diepte van zo’n 30 kilometer en de plaats juist boven zo’n beving noemt met het epicentrum. Dit keer lag Haïti in het epicentrum, vlak boven de beving. Normaal verschuiven die platen zeer traag enkele centimeter per jaar, maar soms, als er in de aardkorst veel energie vrijkomt (de aarde heeft – gelukkig - ook nog een levende kern, zodat we niet bevriezen) krijgen we zo’n beving.

Waar hebben  de Haïtianen het verdiend om daar te wonen? Ja, en waar hebben wij het verdiend om hier in het Westen te wonen op een plaats waar zeer weinig aardbevingen plaats vinden (onze Euro-Aziatische tektische plaat eindigt in de Noordzee) en zeker niet van die orde van grootte? Wij hebben daar geen verdienste aan, net zo min als de mensen in Haïti het verdiend  hebben om daar te wonen en slachtoffer te worden van zulk een beproeving. Het gebeurt gewoon en hierboven gaven we de gekende wetenschappelijke uitleg. Daar zit God voor niets tussen.

2° Bovendien zijn hun woningen niet aangepast om aan eventuele  aardbevingen (hier zelfs 7 op de schaal van Richter) te kunnen weerstaan; zij zouden zich trouwens geen woningen kunnen veroorloven die aardbeving-bestendig zouden zijn.

 

God en de natuur

Maar als het niet de mens zijn schuld is, is het dan misschien de schuld van God? Als Hij goed en almachtig is, waarom belet Hij zoiets dan niet?

Ik denk niet dat God tegen die tektonische platen is gaan stoten om een aardbeving te veroorzaken. Het zou al te gek zijn om zoiets te gaan veronderstellen.

Maar kon Hij niet beletten dat zoiets gebeurde? De kerk bad vroeger tijdens de kruisdagen[1] toch ook o.m. dat we bevrijd zouden blijven van aard-bevingen, (terrae-motus). Dat drukte een groot vertrouwen uit, en we mogen zulke dingen gerust vragen aan God. Maar we moeten inzien dat God zich niet als een ‘deus ex machina’ overal gaat bemoeien met natuurlijke processen. Waarom moest moeder sterven? Waarom moest die jonge vrouw kanker krijgen en op korte tijd eraan bezwijken? Waarom is dat kind een mongooltje? Waarom zit ik met die handicaps?… Zo zijn er duizend-en-een heel concrete vragen die we kunnen stellen en als gelovig mens kijken we dan ook op naar God, in wie we geloven en op wie we vertrouwen. Met reden!… En soms geeft God ons een teken van zijn goedheid en macht, bv. in miraculeuze genezingen, maar dit is niet de normale gang van zaken.

 

Wat mensen kunnen doen, moeten ze doen

Moeten we dat verschrikkelijke dan maar aanvaarden?

We moeten zien wat wij als mens en als rijke naties kunnen doen. Die aardplaten, daar kunnen we niets aan veranderen. Aan de klimaatsverandering misschien wel iets.

Wat zouden we kunnen doen i.v.m. Haïti om dergelijk gebeuren te vermijden?

- Huizen bouwen volgens een ander concept, nl. die tegen aardschokken bestand zijn.

Geen hoogbouw meer in regio’s die gevoelig zijn voor aardschokken.

Bij de bouw van huizen en scholen zorgen voor een stalen carcas waarop een niet al te zwaar dak voorzien wordt; dat een school instort en alle driehonderd kinderen daarbij om het leven komen, mag zich niet meer voordoen en dat is ook echt te voorkomen.

En verder het lijden van de overlevenden (fysisch en psychisch) zoveel mogelijk verzachten.

Zorgen voor spoedige heropbouw (rekening houdend met wat we hierboven zeiden) en terug op poten zetten van een (betere) economische activiteit.

- Misschien is het ook het moment om eindelijk iets te doen aan de permanente armoede van het land. Probleem is dat je met een onafhankelijk land zit en met machthebbers die de mensen arm houden terwijl ze zelf leven uit de hand van buitenlandse investeerders en opkopers. Obama mag zijn mensen (zijn ondernemingen) misschien ook eens echt in het oog houden.

- Als gelovige mensen blijven we bidden voor Haïti, voor zijn bevolking, voor de getroffenen, jong en oud, voor de hulpverleners, voor de machthebbers en voor onszelf opdat wij allen zouden doen wat moet en kan gedaan worden.

 

Was Gods liefde even niet thuis?

Waar was God in Haïti op 12 januari 2010? 

Waar was de Vader in het jaar 33 toen zijn Zoon op het kruis aan het sterven was? Op dat kritieke moment bleef Jezus bidden: “Vader, aan U blijf Ik me toevertrouwen”. Hij bleef geloven in Gods eeuwige liefde. De verrijzenis was Gods antwoord.

Hoe zit het met ons? Aan zijn bange leerlingen vroeg Jezus: “Waar is uw geloof”? (Lk. 8,24).

En vooral het woord van Paulus aan de christenen van Rome zou ons moeten aanzetten om alles wat meer met de ogen van het geloof te bekijken en het voorbijgaande aardse - hoezeer we ook begaan zijn met menselijk leed en dat zoveel mogelijk willen lenigen en voorkomen - wat meer vanuit Gods liefde en trouw, die “eeuwig duurt” (Ps.136!):

 

Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?

Verdrukking wellicht of nood, vervolging, honger,

naaktheid, levensgevaar of het zwaard?

36 Er staat immers geschreven:

Om Uwentwil bedreigt ons de dood de gehele dag;

wij worden behandeld als slachtvee.

37 Maar over dit alles zegevieren wij glansrijk,

dank zij Hem die ons heeft liefgehad.

38 Ik ben ervan overtuigd, dat noch de dood noch het leven,

noch engelen noch boze geesten, noch wat is noch wat zijn zal,

en geen macht 39 in den hoge of in de diepte, noch enig wezen in het heelal

ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods,

die is in Christus Jezus onze Heer.” (Rom. 8,35-39)



[1] De kruisdagen zijn de maandag, dinsdag en woensdag vóór Hemelvaartsdag. Tijdens de processie (soms doorheen de velden) werd er gesmeekt om zegen over de vruchten der aarde en om gespaard te blijven van allerlei onheil.

 

"Godsdienst en vrijheid"


Ik geloof niet dat ik Salmon Rushdie een sympathiek man zou vinden. Niet direct omdat hij aan zijn 4de vrouw toe is, zo zullen er nog wel mannen zijn (zelfs in de Duitse toppolitiek, vertelt iemand me), niet omdat hij een moslim is, niet omdat hij een schrijver is, maar omdat - naar ik eveneens hoor zeggen - hij de godsdienstige overtuiging van velen op een wat te scherpe wijze en blijkbaar met genoegen kwetst. Is dit zo? Is dit niet zo? Laat ons even aannemen dat het zo is, dan vindt ik Salmon Rushdie een van die moderne schrijvers die op weinig nobele wijze hun boterham verdienen. Maar laat ons nu eens aannemen dat hij het eerlijk meent en dat hij vindt dat hij het minder mooie in een godsdienst of in personen die in die godsdienst vereerd of geëerd worden moet ontmaskeren en zelfs neerhalen... Ik geloof dat ik dat niet graag zou hebben, waar het mijn godsdienst en mijn overtuiging betreft. Ik heb niet graag dat men de figuur van Jezus Christus, van Maria ... door het slijk haalt, vaak aan de hand van twijfelachtige bronnnen en door mensen die it de zoveelste bestseller grote winst weten te puren bij een lichtgelovig publiek.  Ik herhaal: "Ik zou dat niet graag hebben", en mogelijks ga ik daar zelfs op reageren, in gesprekken met mensen die ik ken, misschien zelfs door een stukje op deze webstek of met een lezersbrief enz...  MAAR...  In onze tijd een fatwa uitspreken. Vrienden. Laten we toch het hoofd niet verliezen. Voor mij is het geloof ook een (heel) stuk van mijn leven, geloven is voor mij heel belangrijk. Maar geloof is voor mij nog altijd een persoonlijke keuze en vooral een persoonlijk engagement tegenover God (voor een ander kan dat Allah zijn of Jahwe of ...).  Juist of de dag van het Offerfeest (20/1/2005) van de moslims bereikt ons het bericht dat Khameini van Iran de fatwa heeft vernieuwd tegen Salmon Rushdie; deze mag dus - volgens het moslimgeloof - door iedere moslimgelovige gedood worden. Reden: hij heeft het juiste geloof de rug toegekeerd.  Rushdie kan dus maar best weer onderduiken. Maar als ik zo iets hoor dan vraag ik me af: zitten wij nu opnieuw in het stenen tijdperk? Hoe kan een moderne moslim zulke nonsens aanhoren zonder duizeling of alsof men het in Keulen hoort donderen? Ik zou nog kunnen aannemen dat zo'n hoofdman van de moslims over Rushdie zegt: "Vrienden, hiermee verklaar ik dat dit geen rechtgelovige meer is en ik raad je aan zijn boeken niet te lezen, want ze breken ons geloof af." Als Khameini vindt dat hij op die manier zijn gelovigen, vooral de gewone mens, helpt, voor mij niet gelaten. Maar een ander mens, die niet van jouw gedacht is, die iets verkeerds zegt tegen jouw overtuigting, naar het leven gaan staan... in onze tijd? In de middeleeuwen of nog wat later zal dat ook wel gebeurd zijn, in de Islam en binnen de katholieke kerk, maar in onze tijd! Mensen!  Laten we met de mensheid stappen vooruit zetten op de weg van de evolutie. Ik vind het geloof een belangrijke hefboom om de mensheid vooruit te helpen, maar laten we bepaalde uitwassen van het geloof (van om het even welk geloof en nadat we eerst goed geluisterd hebben naar wat er in feite bedoeld wordt) aanklagen, duidelijk ontmaskeren, maar zonder de betrokkenen naar het leven te staan. We zijn tenslotte mensen, niet? En zijn "ongelovigen" ook geen mensen?

 

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info - Bijbel

 

PERSBERICHT

 

Shoah-herdenking 3 oktober 2004

WIE VERGEET IS GEDOEMD TE HERHALEN

 

De Sint-Egidiusgemeenschap organiseert, in samenwerking met de joodse gemeenschap van Antwerpen, een herdenkingswandeling ter herdenking van de 15.000 Antwerpse slachtoffers van de shoah. Zij is ervan overtuigd dat de herinnering aan het leed dat de joodse gemeenschap door het nazi-regime werd aangedaan essentieel is voor de uitbouw van een democratisch Europa, dat zijn minderheden respecteert. Enkele recente antisemitische incidenten tonen aan dat concrete solidariteit met de joodse gemeenschap in ons land vandaag nodig blijft.

 

De kaarsjeswandeling vindt plaats op zondagavond, 3 oktober 2004 en vertrekt om 20.00u bij het Centraal Station. De wandeling vat om 20.00u aan bij het Centraal Station van Antwerpen. Aan het einde ervan wordt een korte plechtigheid bij het monument van de gedeporteerden aan de Belgiëlei gehouden, met enkele korte toespraken en een symbolisch moment. Het einde is voorzien rond 21u15.

 

Info: Sint-Egidiusgemeenschap, Kammenstraat 51, 2000 ANTWERPEN

Tel: 03/231.48.37

www.santegidio.be

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

DE RICHTING VAN JOUW LEVEN 
BEÏNVLOEDT
DE RICHTING VAN DE WERELD

Het is nog zo'n oude spreuk van de Bond zonder Naam: "Verbeter de wereld, begin met jezelf"! 
Het is ook een diepe christelijke gedachte: Wt we nu aan goedheid, verdraagzaamheid, behulpzaamheid, vrede... beleven, bengen we als niet te vernietigen verworvenheid in in de evolutie van de mensheid. De evolutie verloopt nu vooral op het vlak van het geweten. 
Het afbreken van humaniteit zal zich vooral voltrekken door onrecht, hardheid, gewetenloosheid en platte zelfzucht. Concrete wegen tot die doodsgang zijn egoïsme, wrok en haat en ook een soort fundamentalistische ingesteldheid. Belichaming daarvan zie je in de uitbuiting van arme landen, de vulgaire en oppervlakkigheid stimulerende mediatendenzen, de moordenaars die zich op een godslasterlijke wijze beroepen op God die ze als een mensvijandige God afschilderen. Wees heilig zoals Ik heilig ben, zegt de Heer. Schoonheid, goedheid, liefde, waarheid worden zo een opgave voor ieder van ons.

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

 

Aanslagen op 5 christelijke kerken te Baghdad

 

Naar o.m. een bericht  van Aljazeera (van 16/10/04).

Vorige nacht hebben bomladingen 5 kerken beschadigd in Bagdad, evenwel zonder slachtoffers te maken. De ontploffingen vonden plaats in de tijdspanne van anderhalf uur, aldus Abd al-Rahman. Volgens hem was er enkel uitwendige schade waarbij alle ruiten stuk gingen.  Als we evenwel naar de beelden kijken van de verschillende kerken, dan stellen we vast dat verscheidene ernstig beschadigd werden. Van het Griekse kerkje werden 3 muren als het ware weggeblazen en het inwendige van de kerk door brand verwoest. Zo luidt ook het relaas van de dienstdoende priester.

De reeks aanslagen begon om 4 uur ’s ochtends (1 u. GMT) met St.-Jozefskerk in de Nafaq al-Shurta wijk.  De andere betrokken kerken waren St.-Jacobuskerk en St.-Georgiuskerk (St.-Joris) in de Doerabuurt, de Rome-kerk in de Karadabuurt en St.-Thomaskerk in de Mansoerwijk.

In augustus hadden gelijkaardige (en eveneens gelijktijdige) aanvallen nog 4 kerken in Bagdad en een in Mossoel beschadigd; daarbij kwamen toen 7 personen om en waren er tientallen gewonden. Het was toen de eerste aanslag tegen de  christelijke minderheid sedert de inval van de Verenigde Staten.  

 

Uit een bericht van een priester:

"Deze nacht is mijn kerk, samen met 5 andere gebombardeerd. Rond 5 uur werd een grote portie dynamiet aan de deur van de kerk gelegd door een viertal personen, die dan wegliepen. Bij de ontploffing scheurde de deur, en er ontstond een hevige brand in de kerk, als een vulkaan, zegden de getuigen. Het vuur was zo hevig dat de kerk ontplofte en drie muren kapot sprongen. Alles binnenin is verbrand, het altaar, de stoelen, de boeken en ikonen, niets is overgebleven, tenzij de klok in de toren, maar die valt misschien ook nog naar beneden. De pompiers zijn gekomen en konden het vuur meester, maar alles was weg. Het was een schoon grieks kerkje, gebouwd in 1958. Nu helemaal zwart en half in puin. pijnlijk. Niemand begrijpt waarom. Het armste kerkje van Baghdad waar niemand politiek gemotiveerd is. Het was de eerste Ramadan, en dan moeten ze iets speciaals doen, om een decoratie in het paradijs te verwerven.  Gelukkig waren er geen doden, of zwaar gewonden."

Op zondag 17 oktober, de dag na de verwoesting van  hun kerk, vierden de christenen daar toch de Eucharistieviering. Midden de zwartgeblakerde muren van de ook inwendig sterk gehavende kerk werd een kindje gedoopt; de arme christelijke gemeenschap wou daarmee een teken stellen dat ze blijft geloven in nieuw leven voor hun kerk en dat ze van geen wijken willen weten. De bomaanslagen gebeurden op de eerste dag van de Ramadan, een klassieke gelegenheid om iets te ondernemen voor fundamentalistische moslims. Toch ligt het ook vooral politiek: hoe sterker de coalitietroepen hun invloed laten gelden, des te sterker worden de christenen gezien als staande aan de kant van die “christenen” uit het Westen en zij zijn een gemakkelijk doelwit. Anderzijds is het mogelijk dat een en ander toch door vreemde elementen is gebeurd, want de wijk van de Griekse kerk (voor de Chaldese christenen)  is eigenlijk een wijk van arme mensen, die helemaal niet politiek geïnteresseerd zijn. Tussendoor mogen we ook wel eens bedenken dat 600 jaar vóór de Islam, er reeds christenen waren in het tweestromengebied. Zij voelen zich daar ook vandaag nog thuis, maar worden nu wel bedreigd door, ja, door wie eigenlijk?  De Chaldeeuwse christenen, de grootste groep christenen in Irak, claimen trouwens dat zij nog (ongeveer) dezelfde taal spreken als Christus (het Aramees). Overigens is het betreurenswaard dat in onze tegenwoordige tijd er nog gelovigen, van welke religie dan ook (christenen, moslims, hindoe's) , zich geroepen voelen om met criminele middelen een andere geloofsgroep in haar bestaan of haar eigendommen te belagen. Na de aanslagen heeft geen enkele groep de verantwoordellijkheid ervoor opgeëist. De aanslagen werden trouwens veroordeeld door de Vereniging van Moslimleraars (Association of Muslim Scholars) een soennitische geestelijke groep waarvan men meent dat ze banden hebben met sommige opstandelingen. “De Islam steunt het aan de gang zijnde terrorisme niet”, zei Sheik Abdoel Sattar Abdoel-Jabbar, lid van die Vereniging.

Een evenwichtige reactie op de recente aanslagen kwam van Zaya Yousef, een geestelijke die ook verantwoordelijkheid heeft in de St.-Joriskerk: “De aanslag op deze kerken is een criminele daad met als doel Irak te destabiliseren en religieuze problemen te scheppen. Maar dat zal niet gebeuren omdat we allen als broeders samen leven in dit land doorheen goede en kwade dagen”.

In Irak leven zo’n 750.000 christenen (verspreid over verschillende ritussen). Maar de angst voor het zich uitbreidende fundamentalisme neemt wel toe sedert de val van Saddam Hoessein. Honderden christenen zijn reeds naar Jordanië en Syrië gevlucht.

Wij nodigen u uit om deze christenen-in-angst op te nemen in uw voorbedegebed.

Om anderszins te helpen bij het herstel van de zwaar gehavende St.-Georgiuskerk hebben wij een steunfonds geopend, waarvan u de gegevens hieronder vindt. Een gelegenheid om de christenen en hun priesters  te bemoedigen en ze in de gelegenheid te stellen hun ernstig beschadigde kerk zo goed mogelijk te kunnen opkalefateren.  

Bankrekening: 892-5905324-50  van
Geloof en Leven vzw
Voskenslaan 56

9000  GENT

VERMELDING: Steunfonds Kerk, Baghdad

 

Bericht van 11/11/04

"Gisteren werden er weer 2 kerken volledig geteisterd. Een andere kerk, juist naast die van ons werd bedreigd, maar de soldaten kwamen bijtijds. Ook bij de fakulteit waar we doceren, was er een vuurgevecht, zodat we een paar weken verlof gekregen hebben. Het is ook juist einde van de Ramadan en dan is er toch overal vrijaf. Het eerste stadium van het herstel van mijn kerkje is voorbij. Al de muren zijn nu uitgebroken, en het binnenwerk is wat opgekuisd, nu moeten ze beginnen aan de gewelven die allemaal zwart zien, en waar de bedekking van afvalt."

 

Naar aanleiding van de vermoedelijke moord op Margaret Hassan, sociaal voelende medewerkster van Care. Het zijn soortelijke mensen die de wereld een menselijk gelaat geven, een gelaat waar God van droomt. Maar ook deze  - door hun groot hart - profetische mensen vallen ten prooi aan het geweld en de onverbiddelijkheid van oorlogssituaties. Wij bidden voor haar, haar gezin en vrienden.

 

Uit een bericht van 17 nov. 2004 "Hier gaat het elke dag slechter. Margaret was een van onze parochianen. We waren vrienden en ze hielp met wat schoolgerief voor de kinderen. Ze had een groot hart. Ik hoop maar dat die knuppels van overzee er een les uit trekken. 

De kerk staat nu zonder muren open, en ze gaan al het zwart wegschrepen uit de koepel en gewelven, vooraleer het bouwen zelf kan beginnen. "

 

 

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

 

 DRUGS.   GEDOOGBELEID

Wij geven hier een lezersbrief weer die op 5 december gepubliceerd stond in De Standaard onder de titel “Cannabis (1).  Er zullen ook wel pro-stemmen aan het woord geweest zijn.  Het getuigenis dat hier volgt is in ieder geval van een insider en is een aanfluiting voor het gedoogbeleid van deze regering en van allen die menen dat van het een niet het ander komt.

“Mister Joint was jarenlang mijn grootste vriend.  Ik ontmoette hem ’s ochtends, bij het openen van mijn ogen, want dan was zijn gezelschap het leukst.  “Ha”, hoor  ik de nette heren en dames hasjrokers al zeggen, “een hasjjunk aan het woord.  Maar zo is het niet bij ons!”  Ook ik wist wel beter.  Lekker ontspannen!  Zalig die muziek, de reggaemasters in je kamer!  En die kleuren… de natuur!!!!  “Niet zaniken”, zei ik, “de wereld is mooi.  Soft drugs maakt mensen beter”.

Vandaag, vijf jaar na de laatste joint, achttien na de eerste, raak ik stilaan weer in orde.  Mijn geheugen wordt beter, mijn woordenschat en taalgebruik zijn nog lang niet zoals voorheen, maar dat komt nog wel, de karakterstoornissen zijn verdwenen, de agressie, de luiheid ook, en zo kan ik nog een tijdje doorgaan.  Toch meen ik dat ik mezelf terugvind.

Het was ooit anders.  Hennepgebruik dompelde mijn ogen in een hooghartige, verdwaasde uitstraling, je kon me beter mijden.  Maar regelmatig gebruiken doet nog veel meer.

Ik vervreemdde van mijn (niet rokende) vrienden, familie, de mensen op straat, de wereld.  Cannabis is een gewiekste slang die me vele jaren een plezant rad voor de ogen draaide, die “aura” van onschuld en plezier is haar sterkste wapen.

Op een dag tref je ze aan je voeten, dat lieve, magische diertje.  Je maakt heel wat pret samen, lachsalvo’s bij de vleet.  Ik werd gauw een regelmatig roker en dacht nog steeds: The world is mine!  Inmiddels was de slang heel zachtjes rond mijn middel gekropen.

Je hebt hoegenaamd niets in de gaten, het is een erg leuke drug, een partydrug voor geoefende gebruikers, vrijen in een roes, je denkt hemels te denken, doorzicht, inzicht, kunst, o kunst!  Tot de dag dat de slang je keel heeft bereikt en je hersens gaat beglijden met afhankelijkheid.

Ik veranderde, begon heel anders te denken, mij anders te gedragen, sommige collega-gebruikers werden letterlijk gek, haast iedereen schichtig, velen eenzaam.  Iedere dag stoned, je hebt wat te verbergen: je enige vriend, je meester, de hennepslang.  Klinkt dit niet zoals parasieten doen?  Alle drugs zijn geestelijke parasieten.

Lieve, brave, verstokte hasjrokers, bewijs jezelf dat je drie maanden zonder kan en denk dan na over je zogenaamde onafhankelijkheid.  Ik vermoed, maar hoop niet, dat het je zweet en tranen kost.  Maak je vrij!”   (Peter Callens, Willebroek)

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

  SEVEN SOCIAL SINS

door Mahatma Ghandi

In het gastenkwartier van de abdij van Orval (Trappisten) las ik tijdens het Bronkamp van de Maria-Kefasgemeenschap (voor een honderdtal tieners) volgende tekst van Ghandi. 

 

Les racines de l’oppression

 

* La politique sans principe

* La fortune sans le travail

* Le plaisir sans la conscience

* Le savoir sans humanité

* La commerce sans morale

* L’ adoration sans le sacrifice de soi

 

7 Sociale zonden

“De diepe oorzaken van de verdrukking”

 

- Politiek zonder princiep

Een politiek die enkel macht en invloed als doelstelling heeft en niet het ware goed van de burgers, is een politiek die naar onderdrukking leidt, langsheen’ brood en spelen’, misleiding, vriendjespolitiekcorruptie, klassengerecht…  Voortdurende zelfkritiek en attente publieke kritiek is noodzakelijk.

- Fortuin zonder arbeid

‘Wie niet werkt, zal ook niet eten’ schreef Paulus, verwijzend naar mensen die uitzagen naar de terugkomst van de Heer Jezus en daarom niet meer werkten en maar op de kap van anderen leefden.  Wij wijzen nu soms beschuldigend naar werkelozen, migranten, en het kan zijn dat daar sommige zaken moeten rechtgetrokken worden.  Maar voor onszelf is het een uitnodiging om onszelf in te zetten, om niet te menen dat onze (materiële, geestelijke, psychische) rijkdom ons verheft boven medemensen, ons recht geeft om hen als slaven te gebruiken en zelf ongehinderd te genieten van iets waar we zelf niets voor gedaan hebben.

- Genot zonder geweten

God plaatste de mens in een paradijs verhaalt ons het eerste bijbelboek.  We lezen in die parabool dat de mens tot geluk geroepen is, voor de vreugde geschapen is.  Maar altijd volgens Gods verlangen, altijd in overeenstemming met de verheven roeping een bestemming van de mens als kind van God.  Als we genot enkel omwille van het genot nastreven zonder respect voor onze eigen menselijkheid en de persoon van de ander, staan we weer voor een bron van verdrukking van de mens, zowel van onszelf als van de ander.

- Wetenschap zonder menselijkheid

Wetenschap die zich niet in dienst stelt van de mensheid, de promotie van de mens, wordt voor de mens tot verdrukking.  De industriële revolutie in haar beginfase heeft de arbeider tot het radertje van een machine gemaakt, zonder aandacht voor de arbeider als mens noch voor zijn sociale verantwoordelijkheid voor zijn gezin.  Er zijn sociale revoluties nodig geweest om die verwording terug wat recht te zetten.  Sommige van die revoluties, zoals het marxisme, hebben de arbeider dan weer geweldig benadeeld door hem in dienst te stellen van een sisteem.  Hoe anders klonk de stem van Jozef Cardijn: Jonge arbeiders, jullie zijn kinderen van God.  Jullie hebben recht op respect!

- Handel zonder moraal

In het Nieuwe Testament lezen we : JAK.4,17 Wie goed zou kunnen doen maar het nalaat, doet zonde. JAK.5,1 En nu gij die rijk zijt: weent en jammert om de rampen die over u komen. JAK.5,2 Uw rijkdom is verrot, uw mooie kleren zijn door motten aangetast, JAK.5,3 uw goud en zilver is verroest. Die roest zal tegen u getuigen en als een vuur uw vlees verteren. Schatten hebt gij verzameld, terwijl het de laatste dagen zijn. JAK.5,4 Hoort, het loon dat gij hebt onthouden aan de arbeiders die uw velden hebben gemaaid, roept luid, en de kreten van uw oogsters zijn doorgedrongen tot de oren van de Heer der heerscharen.. JAK.5,5 Gij hebt op aarde gezwelgd en gebrast, gij hebt u vetgemest voor de dag van de slachting.

- Aanbidding zonder zelfoffer

Vroomheid zonder naastenliefde is God niet welgevallig lezen we bij verscheidene profeten.  Jezus (‘Leer wat het zeggen wil: barmhartigheid wil ik en geen offers’) en de schrijvers van het Nieuwe Testament laten daarover ook geen twijfel.  Vroomheid en godsdienstigheid waarbij de mens niet zichzelf gaat inzetten, zichzelf gaat invoegen in wat God ten diepste verlangt, blijft een lege vroomheid.  Men moet als het ware intreden in de gezindheid van God zelf, en dat gaat niet zonder zelfoffer.  Anders komt men terecht in een soort fundamentalisme ofwel magie waarbij men God koest houdt met wierook en uiterlijke godsdienstpraktijken maar niet tot diepe godsdienstigheid komt.  Als men God koest houdt, kan men zijn eigen wegen gaan en dat leidt altijd naar onheil voor de mensheid.

(commentaar: Ben Van Vossel cssr)

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

RESPECT GEVRAAGD VOOR CHRISTELIJKE OVERTUIGING

 Gisteravond hebben veel landgenoten een getuigenis van koning Albert II gezien op teevee. Ik had enkel op de radio gehoord dat er uiteenlopende reacties waren over de toespraak van de koning. Personen die ik hoorde waren echter eensluidend positief en ze wisten te vertellen dat op de nederlandse teevee dat getuigenis werd afgedaan als 'de biecht van een koning'. Negatieve en afbrekende racties waren er dus ook vernam ik. Een getuigenis van zo hoog gehalte wordt echter helemaal niet neergehaald wordt door kleingeestige en bekrompen uitingen van onbegrip tegenover de grootheid van een levensgetuigenis. Die negatieve reacties stonden trouwens in het verlengde van een soort bitsige bezetenheid waarmee allerlei teveefiguren (waarvan er sommige slechts korte sketches brachten) getracht hebben het christelijk en katholiek Kerstfeest en -geloof te bezwadderen. Op zo'n momenten toont de vrijdenkerij en het antichristelijk element zich van zijn laagste kant en misschien zelfs van zijn ware kant. Op zo'n momenten begrijp je wat Pascal ooit zei over het atheïsme, nl. dat het een bewijs van denkkracht is... tot op zekere hoogte. Je kan je namelijk als convenabel mens moeilijk indenken dat je de gevoelens van tienduizenden landgenoten zomaar gaat kwetsen met je eigen bekrompen overtuiging, juist op een moment dat die talrijke landgenoten een eeuwenoud gebruik en eeuwenoude overtuiging - waarin heel wat diepmenselijke en medemenselijke waarden steken - aan het vieren zijn. Wie van ons lacht met de ramadan van de moslims ? Waarom lacht men met christenen die Kerstmis gaan vieren ? Een aantal bekende Vlamingen, joernalisten, publiciteitsfirma's en op de handen gedragen humoristen zouden dringend eens een cursus in elementair menselijk respect voor bevolkingsgroepen en voor de overtuiging van anderen moeten volgen; onze media zouden heel wat minder vulgariteit en cynisme ten beste geven. Ik vrees echter dat het nog een tijdje zal doorgaan. Ondertussen kunnen we ons als christenen enkel wat harden in het incasseren en neerkijken op zoveel laagheid en gemeenheid. De lachers kunnen ze aan hun kant hebben, van humaniteit geven ze weinig blijk. We moeten misschien ook een soort van compassie aankweken voor die uitingen van onbenul en wellicht van neurosen van een aantal van die bekende gezichten die het niet kunnen laten de gevoelens van een groot aantal medeburgers telkens en telkens weer te kwetsen. In die zin is het wellicht goed voor hen ook te bidden om innerlijke genezing maar ook voor hun onnadenkende luisteraars of kijkers aan wie ze hun neurosen doorgeven.

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

GODS KINDEREN AAN ONS TOEVERTROUWD

Dat een christelijke opvoeding van je kinderen in deze tijd geen lachertje is, moet ik jullie wellicht niet komen vertellen. Als je op dat vlak nog geen moeilijkheden ondervond, ben je een gelukkige uitzondering. We krijgen af en toe telefoontjes van ouders die ons zeggen dat hun kind van 5 jaar op school uitgelachen werd omdat het in zijn kinderlijke eenvoud vertelde over God of 'naar de kerk gaan'. Kinderen die reeds in een geestelijke strijd gewikkeld zijn. Het is dus van groot belang dat zo'n kleine christen in het gezin op een goede manier opgevangen wordt, een kleine christen die aan vervolging was blootgesteld. Want je kan die weerbaar maken (op de goede manier, nl. door hem de geborgenheid te geven voor zijn christelijk geloven, zodat het persoonlijk kan worden, en tevens leert bidden voor wie Jezus nog niet kennen) of je kan hem laten wegvluchten in 'dan zeg ik maar niets meer over God op school'. Zo'n kleine vervolgden - soms zelfs door leerkrachten - lopen er vandaag meer rond dan we vermoedden.

Voor onze tieners is de leefwereld nog ingewikkelder. Zij willen graag zijn als de andere tieners, zij willen bij de grote groep tieners horen: dat is het beeld dat ons door de media geschetst wordt. Godsdienst hoort niet thuis in die leefwereld, waarin zij zich moeten bewegen. Hachelijk voor zo'n jonge mensen. De meesten van de volwassenen gelovigen hebben dat niet meegemaakt. Ook hier moet het gezin, moeten de ouders heel in het bijzonder hun taak als christelijke ouders opnemen, een prachtige maar uiterst moeilijke taak 'in deze tijd'. Dat gebeurt niet op de eerste plaats door 'je moet dit' en 'je moet dat'. Christelijke ouders moeten ervoor zorgen dat hun kinderen boeiende christelijke dingen beleven als gezin en dit moet in een ontspannen sfeer kunnen gebeuren. Wat bedoelen we daarmee? Trek er met je gezin eens op uit, maar zorg dat je onderweg eens een abdij kunt binnenspringen, bij een nieuwe christelijke (katholieke) gemeenschap eens langs kunt gaan, een mooie viering kunt meemaken, een bedevaartsplaats aandoet (niet te lang, het moet niet vervelend worden voor de kinderen), het optreden van een christelijke groep... En natuurlijk moeten de ouders zich dan ook samen met de kinderen weten te ontspannen, spelen en ravotten in bos en hei. Dat zich samen ontspannen moet ook boeiend zijn; je moet als het ware kind zijn met je kinderen, echt gezellig kunnen samenzijn. Je moet daarvoor minstens iedere week een goed (passend voor iedereen) en intensief uur kiezen in het gezin, we noemen dat wel eens 'de gezinsavond'.

Buiten wat je met het gezin meemaakt is het van belang dat je opgroeiende kinderen ook buiten het gezin boeiende christelijke zaken kunnen meemaken. Soms kan een goede jeugdbeweging daarin gedeeltelijk voorzien (bv. Europascouts), soms een uitstap of kamp georganiseerd door een christelijke gemeenschap of een parochiaal of diocesaan initiatief. We verwijzen o.m. naar het winterkamp voor tieners dat de Maria-Kefasgemeenschap organiseert. U hebt reeds ondervonden dat op het vlak van godsdienstige en kerkelijke opvoeding er nog maar weinig verwacht kan worden van heel wat katholieke scholen. Dit neemt niet weg dat we als christelijke ouders ons niet meer moeten laten horen op school, op vriendelijke, evenwichtige maar overtuigde manier.

Voor de jongeren en jongvolwassenen is christelijke opvoeding nog hachelijker, natuurlijk. Zij groeien op in een jongerencultuur - waar veel volwassenen een dikke kluif aan verdienen en waar de door kijkcijfers en dus door onbenulligheid gestimuleerde media een niet onbelangrijke rol in spelen - waarin niets godsdienstigs meer steekt. De sociaalvoelende dimensie die af en toe naar boven komt - en waar we blij mee zijn - is te weinig vanuit christelijke geest geïnspireerd en doordringt in ieder geval niet het hele leven. Wat doe je met jonge mensen die vrijdagavond de megadancing induiken en bij het sluitingsuur de volgende dancing opzoeken die dan opent (ik spreek van een situatie in het Waasland). Wat een leegte komt over die jonge mensen die zo hun weekends doorbrengen. Niet meer alleen kunnen zijn en toch niet kunnen komen tot diepgaande menselijke contacten. Probeer ermee in dialoog te blijven. Bepreek ze niet teveel. Maar getuig af en toe van wat jij wel als diepmenselijk ervaart in de samenleving. Wijs hen op de gebrokenheid en het niet uitgegroeid zijn van mensen en relaties waar de echte liefde-voor-anderen, de zelfvergeten liefde ontbreekt. En bid voor hen tot Gods Geest, dat Hij hen vrij zou maken van de dwang van een zinledige kultuur, hen zou genezen van hun eenzaamheid en niet-onderkende angst voor de realiteit en hen zou openen op Gods liefdevolle zorg en zijn droom over hun leven-in-zending. Het waren maar enkele ideeën ter overweging en uitwisseling voor jullie als echtpaar. (bvv Uit: "Samen op Weg" mededelingsblaadje van de Gezinswerking van de Maria-Kefasgemeenschap)

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

MEDEDELINGEN:

- Wij willen personen en gezinnen uitnodigen om zich ertoe te verbinden regelmatig te bidden voor priesterroepingen in de Vlaamse kerkgemeenschap. We geven daarmee gehoor aan Jezus' aansporing: 'Vraag daarom de Heer van de oogst arbeiders te zenden om te oogsten'. Personen die daartoe wekelijks een aanbiddingstijd willen houden en gezinnen die elke Donderdag die intentie in hun Gezinsgebed willen brengen vragen we zich kenbaar te willen maken op ons adres.

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

 GAAN LEVEN IN HET RIJK VAN CHRISTUS: durf je het aan ?

Uit een onderricht over 'leven onder de heerschappij van Jezus'

Ben Van Vossel cssr

Het Rijk van Christus.

Pater Raniero Cantalamessa heeft een van zijn boeken de titel gegeven: "La vie dans la seigneurie du Christ", "Het leven in de heerlijkheid van Christus", de heerlijkheid, verstaan als het gebied dat Jezus toebehoort (la vita nella signoria di Cristo), Het leven in het Rijk waar Christus de Heer is.

Wat met ons?

Ieder van ons heeft wel zo'n idee hoe Jezus' Rijk eruit zou moeten zien; ik bedoel, hoe iemand, hoe een gezin, hoe een gemeenschap, een parochie, een kerk eruit zou moeten zien opdat het "Gebied van Jezus" zou zijn. Je komt personen en gemeenschappen tegen waar die geest van Jezus als het ware van afstraalt. Het hangt wat van onszelf af of we er de ogen voor hebben om dat te zien, het is ook een genadegave van de heilige Geest deze goede opmerkzaamheid te hebben, zodat het uw hart raakt en ge u uitgenodigd voelt om ook wat meer dat Rijk in u toe te laten.

Hoe is dat met de gemeenschap waarvan wij lid zijn, hoe is dat met ons gezin, hoe is dat met jou? Laten we eens zien waar Jezus' Rijk reeds doorbreekt, waar het nog afwezig lijkt, waar het te zwak aanwezig is. Ook als we vaststellen dat er nog van alles ontbreekt, kan dat nooit een reden tot ontmoediging zijn, eerder tot vertrouwvol roepen tot de Heer: uw rijk kome over ons, uw rijk kome midden onder ons, uw rijk kome in mij… Tracht dus mee te denken met een open hart.

De wil van God

Christus Heer laten zijn, binnentreden in het Rijk van Jezus, binnen zijn gebied. Dat gebied heeft als opschrift hetgeen de broeder-Redemptorist Gerardus op zijn kamerdeur geschreven had: "Hier wordt de wil van God gedaan". Dat staat in eerste instantie boven het leven van Jezus als mens: Toen zei Ik: Hier ben Ik. Zoals er in de boekrol over Mij geschreven staat, Ik ben gekomen, o God om uw wil te doen. Eerst zegt Hij: `Slachtoffers en gaven, brandoffers en zoenoffers hebt Gij niet gewild, die konden U niet behagen', hoewel de wet voorschrijft dat ze gebracht moeten worden. En dan zegt Hij: `Hier ben Ik, Ik ben gekomen om uw wil te doen'. Hij schaft dus het eerste af om het tweede te laten gelden. Door die wil zijn wij geheiligd, eens voor al, door het offer van het lichaam van Jezus Christus (Hebreeën 10,5-10). Je vind dat niet enkel in de Hebreeënbrief, maar ook in Joh. 4,34 "Mijn spijs is, de wil te doen van Hem die Mij gezonden heeft en zijn werk te volbrengen." In Joh.19,30 "Toen Jezus van de zure wijn genomen had, zei Hij: 'Het is volbracht. ' Daarop boog Hij het hoofd en gaf de geest. "

Ook uit het Onze Vader kunnen we leren hoe Jezus' Rijk eruit ziet:

"Onze Vader die in de hemel zijt, Uw Naam worde geheiligd; Uw Rijk kome, Uw wil geschiede Op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood. En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven hebben aan onze schuldenaren. En leid ons niet in bekoring, maar behoed ons voor het kwaad. Want als gij aan de mensen hun fouten vergeeft, zal uw hemelse Vader ook u vergeven; maar als gij niet vergeeft aan de mensen, zal ook uw hemelse Vader uw fouten niet vergeven" (Mt.6,9-15). En eigenlijk weerspiegelt heel de Bergrede en kort gezegd heel Jezus’ leven het eigenlijke van zijn Rijk, zijn leefsfeer, zijn gebied.

Wil u dat Rijk binnentreden?

Zou jij soms in dat gebied van Jezus willen leven, onder zijn leiding, in zijn nabijheid? Dan willen we dat gebied eerst nauwkeuriger ont-dekken, er zo eens in rondlopen en ondertussen reflexies maken naar ons eigen leven toe. Om te zien of we wel echt in dat machtsgebied van Jezus willen leven.

Heer Jezus heeft een hofken

Eerst ter illustratie een middeleeuws liedje over het rijk. Het komt wel uit een milieu van begijntjes en weerspiegelt dus vooral de deugden die zij trachtten te beleven:

Heer Jezu heeft een hofken, daar schoon bloemen staan. Daarin zo wil ik rusten gaan, 't is welgedaan. De leliekens die ik daar zag, zijn suyverheyt. De soete violette zijn ootmoedigheyt…Maar d' allermooiste beste bloem daar in dien hof dat is de Here Jezu zelf, dus zij Hem lof…

Zo is het: het gebied van Jezus, dat is Jezus zelf. Jezus is het die hier moet gevolgd en nagevolgd worden. Hij is het model. Zijn Rijk binnentreden zal dan ook te maken hebben met Hem ontmoeten.

"Een andere keer zei Jezus tot hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Ik ben de deur van de schapen. Allen die voor Mij zijn gekomen, zijn dieven en rovers, maar de schapen hebben niet naar hen geluisterd. Ik ben de deur. Als iemand door Mij binnengaat, zal hij worden gered; hij zal in) en uitgaan en weide vinden (Joh. 10,7-9).

"Jezus antwoordde hem: 'Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader tenzij door Mij. Als gij Mij zoudt kennen, zoudt gij ook mijn Vader kennen (Joh. 14,6-7).

Jezus, de deur van de schaapsstal, Jezus de deur van ja clublokaal, de deur van je gebedshuis of gemeenschapshuis, de deur van jouw huis, de deur van … Jezus, het alles van mijn leven.

Jezus' aanwezigheid of: de levende relatie met Jezus

Alles begint dus met Jezus. Voor ons, christenen is het belangrijk dat we een persoonlijke relatie hebben met de Heer Jezus. Dat we leven in zijn aanwezigheid. Dat ons bidden en mediteren echt met Hem te maken heeft. Dat wij Hem het volle gewicht laten in onze beslissingen, in ons persoonlijk op weg zijn, in onze verantwoordelijkheden naar anderen toe.

Het is van belang dat we hier een aantal ballonnetjes doorprikken, waar we ons mee paaien, gewoonten die we hebben aangenomen. Veel van die zaken doen we omdat sommigen vanuit negatieve ervaringen met het geloof, de kerk, personen van de Kerk. Men vindt het geloof niet echt zinvol meer, zelfs gevaarlijk. Het sektedossier (in België) heeft ons allen nogal argwanend, achterdochtig gesteld tegenover radicaal op weg gaan vanuit het geloof. En vorig jaar verscheen een boek "Ex-non"; je kan je wel wat indenken dat er heel wat lijden is geweest bij mensen die in structuren zaten die weinig menselijk waren, en dan zijn het alleen maar de grote heiligen en de sterke (geestelijke) naturen die daar op de goede manier weten op te reageren… Dat boek evenwel breekt in feite het religieus leven bijna tot op de grond af en stelt het omzeggens gelijk met sekten. Dat iemand vanuit zijn beperkte ervaring zulke toepassingen durft trekken is onverantwoord. Maar soortgelijke publicaties kunnen ons innerlijk wantrouwig maken tegenover radicale keuzen.

Consequent geloven

Op weg gaan als gelovige, is niet zo eenvoudig, ook niet voor een herboren christen. Met herboren christen bedoel ik iemand die de genade van de vernieuwing mocht meemaken, die Christus op een vernieuwde wijze mocht ervaren. Die een persoonlijke relatie heeft met de Heer. En ook dat nieuwe leven vraagt om groei. Men is niet automatisch volwassen in dat nieuwe leven. Dat nieuwe leven is ook niet zozeer de vrucht van x aantal retraites, x aantal gelezen boeken, x aantal diepzinnige gesprekken of overdenkingen.

Vooraf: gebed en stille overweging

De groei van dat nieuwe leven is meestal het gevolg van tijd maken voor God in aanbidding, meditatie, overweging van Gods woord. De vrucht daarvan is dat men stilaan open komt voor de levensomkerende keuze: God mag mijn leven leiden. Op dat moment wordt er een nieuwe gelovige geboren. God mag mijn leven leiden. Ik moet niet van alles en nog wat gaan doen voor God, ik moet gaan doen wat God wil. Ik moet niet voortdurend presteren voor God, dit en dat nog doen, ik moet God zijn werk laten doen in mij en door mij. Kortom, ik moet op God gericht leven, ik moet luisterend leven. En wat God me dan toont, dàt moet ik doen.

Deze christelijke houding verwerf je je niet zo eens heel even omdat je die keuze maakt. De keuze is: tijd maken voor God opdat Hij tot je hart kan spreken!! Van daaruit zal het gevolg komen dat Hij je leven kan gaan leiden, dat jij zijn stem zult beluisteren, dat jij bereid zult zijn Hem te volgen in alles, in plaats van Hem voor de voeten te lopen en van alles en nog wat te willen doen zonder dat Hij het je vraagt. Gebed dus, aanbidding, lofprijzing, stille overweging van Gods woord…

Wat is dan verder consequent christelijk leven ?

Vaak zijn dat ook heel concrete keuzen. Ik kan dit of dat doen. Ik heb zin om dat te doen, maar de Heer toont me dat ik dat andere zou moeten doen. Welke keuze maak ik dan?

Het heeft echter als diepe bron en fundament het persoonlijk op weg zijn met de Heer. Ik maak hier even abstractie van de tijden waarin we de Heer niet meer zo aanwezig voelen. Het gaat over de diepe keuze:

"Heer, leid Gij mijn leven. Ik wil niet zelf meer aan het stuur zitten. Ik laat jou de beslissing, ook al gaat mijn concrete verlangen eerder daar of daar naar uit."

"Op U stel ik mijn vertrouwen. Door dik en dun weet ik en geloof Ik dat waar Gij me leidt, dat daar het heil ligt voor mezelf en voor anderen".

De wereld heeft ons hart aangetast

* In plaats van mijn kind aan te zetten om naar een bezinning voor jongeren te gaan, een samenkomst van Taizé-groepen, stuur ik hem naar die hobbyclub, want dat is belangrijk voor zijn algemene ontwikkeling. Hij moet zoveel mogelijk ontwikkelingsmogelijkheden benutten om later in het leven goed te lukken, zijn plan te kunnen trekken, evenwichtig te zijn... Ik moet met mijn zoon, mijn dochter kunnen uitpakken bij anderen. Of hij of zij ook echt groeit in de relatie tot Christus ligt me niet zo nauw aan het hart. Ik ben blij als het zo zou zijn, maar hij of zij hoeft er geen andere zaken voor laten vallen…

* Ik acht het heel belangrijk om heel de krant, van begin tot einde uit te lezen; dat ik die dag nog geen tijd maakte voor stille overweging van een of ander Schiftwoord, van de lezingen van de zondag… daar lig ik niet van wakker. Terwijl ik toch weet, vlijmscherp weet, dat zonder die stille afspraak met de Heer en zonder dat luisteren naar zijn woord mijn leven nooit tot diepgang zal komen. Ik ben een vlinder, ik moet van alles en nog wat weten, over alles kunnen meespreken… of de Heer dat ook echt belangrijk vindt is voor mij geen punt. We moeten toch in de wereld leven, we moeten toch kind van onze tijd zijn, we moeten toch niet buiten de realiteit gaan leven… Nee, de Heer is zelf binnen onze realiteit komen leven, maar waar is ons hart ondertussen? Rust ons hart in de Heer, of in al dat rusteloze dat ook de rust uit ons hart wegneemt?

* Ik loop van links naar rechts, rusteloos zoekend naar religieus amusement, allerlei devoot bezigzijn, terwijl de Heer mij tot consequente inzet uitnodigt, mij in contact wil brengen met de nood van mensen, geestelijke nood, materiele of sociale nood… Maar ik heb geen tijd - en vooral geen zin - om me daaraan grondig te interesseren. Of ik heb mezelf een menigte religieuze verplichtingen geschapen die me in feite beletten om echt naar de Heer te kunnen luisteren. Ik ben een kwezel geworden en verlies mijn tijd met allerlei beuzelarijen, voorspellingen, verschijningen, hemelse boodschappen, maar de wil van God dringt zich niet duidelijk meer op.

* Ik heb het zo druk met evangelisatie, ik moet dit nog voorbereiden, dat moet ik nog organiseren, ik voel me belangrijk. De tijd is kort, we moeten profiteren van het gunstige ogenblik om Gods werk te doen en mensen voor Hem te winnen. Inderdaad: we moeten Gods werk doen. Maar dat moeten we goed onderscheiden.

Een alomvattende keuze

* Onze kinderen helpen om niet al te zeer op te gaan in bijkomstige zaken, vraagt een wijze aanpak. Je gaat een kind niet dit of dat speelgoed ontnemen omdat het al te zeer opgaat in zijn spel. Toch heb ik het bij ons thuis meegemaakt dat we geen monopolie mochten spelen omdat het op de eerste plaats niet verliep zonder ruzie; iemand voelde zich stilaan verliezen en normaal gesproken wordt in dat spel een rijke steeds rijker en een arme steeds armer. Dat gaf reuze-frustraties. Er stak nog een tweede zaak in gecombineerd met een derde. De tweede was dat men sterk op de financiële toer ging, steeds maar meer geld wou en anderzijds zich ook hard moest opstellen, aan de ander niets toegeven. Het educatieve aspect van zo’n spel kun je dan wel sterk betwijfelen.

Daar kun je nu op reageren als volgt: ja maar, later gaan ze ook in een harde, competitieve wereld terecht komen en dan moeten ze zich ook weten in stand te houden, zich weten te verdedigen. De maatschappij is geen caritatieve inrichting, die zich het meest bekommert om de zwakke, die schulden kwijtscheldt en mensen opnieuw een startkapitaal geeft… Dus…

Een andere mogelijkheid is dat je je wel eens moeit met zo’n spel, en wanneer iemand al te zeer in de verdrukking dreigt te komen de vraag in het midden gooit hoe je dit nu best als een spel kunt laten blijven. Dat is een uitnodiging aan de verliezer om zijn verlies aan te kunnen. Okay. Maar die moet dan verder dat spel meespelen, en gedurende een kwartier of langer daar voortdurend zijn verminderend kapitaal gaande slaan, terwijl hij de anderen verbeten hun best ziet doen om hem maar verder uit de markt te spelen en onderling competitie te voeren… Hoe ga je het spelelement hier bewaren. Nogmaals, waar steekt hier het educatieve element?

Je kan dat als jongeren en als volwassenen voor mijn part rustig spelen. Een zekere oefening in competitie kan zijn functie hebben (ik ben geen psycholoog), maar we moeten goed weten tot welk soort maatschappij en tot welk soort menselijke relaties wij onze kinderen wensen op te voeden. Als we daar Jezus Heer-zijn niet wensen te laten meespelen, dan is dat een duidelijke keuze.

* Ik was eens een stripverhaal aan het lezen van toentertijd nog kleine neefjes. In die boekjes treedt een nogal zelfstandige juffrouw op, moderne outfit enz… die in allerlei avontuurlijke situaties terecht komt. In het bewuste boekje gaf dat kind daar een striptease ten beste om een paar schurken af te leiden. Ik dacht: wat een gif wordt hier die jonge kinderen ingespoten, onder de mom van een onschuldig beeldverhaal. Ik heb het onrechtstreeks aan mijn zus meegedeeld. Ik meen dat de reactie was: wat moet je die gasten anders geven, al hun vrienden hebben die stripverhalen. Een psycholoog (Bogaert) zei ons eens op een Gezinsdag dat je moet weten waar uw kinderen zijn, dat je niet mag doen alsof je neus bloedt, dat je eerst en vooral in eigen huis moet weten waar uw kinderen zijn. In wat voor wereld ze worden binnengeleid? Je hoeft geen 'verontruste ouders' te zijn, maar ouders die herders zijn. Ik ben er niet van overtuigd dat je op deze manier kinderen opzadelt met een zwakke persoonlijkheid. Het is gewoon je verantwoordelijkheid als ouders opnemen en ervoor zorgen dat uw huis ook tot het domein van Jezus behoort.

Niemand moet mij komen vertellen dat je zo een sektarisch gelaat begint te vertonen. Onze keuze is wel bewust een andere dan de makers van de meeste stripverhalen, Canvasprogramma’s e.d.

* Ik wil nog iets verder gaan. Maar dit zou je als ouders met elkaar moeten bespreken, christelijke ouders onderling, vernieuwde ouders onderling en daar consequente keuzes maken. Ik bedoel de TV-programma’s. En ik spreek hier vooral over jongere kinderen. Ik ken een gezin waar vader nogal wat overuren doet en moeder met haar 4-5 kinderen toch wel haar handen vol heeft in het huishouden, en de kinderen een hele woensdagnamiddag voor de TV liggen en alles opzetten wat dan voorgeschoteld wordt, en ’s avonds heel druk met allerlei computerspelletjes bezigzijn, een zenuwachtig gedoe waar ze aan verslaafd zijn. Ik weet het, het gaat hier natuurlijk over twee verschillende dingen. Het vraagt echter een hele inspanning van de ouders om wat op de hoogte te zijn van wat hun kleine gasten bekijken en uitrichten. Dit alles moet natuurlijk op natuurlijke wijze gebeuren; ook als je echte zorg ervaart voorje kinderen, zal je je gewone werk moeten doen, je ontspanning nemen en… veel overlaten aan de zorg van God.

Een kleine illustratie: Jezus Heer laten zijn.

Ik las onlangs een boek over christelijke meditatie (Malcolm Smith, "Mediteren kun je leren"). Christelijke meditatie is nog steeds iets heel anders dan door hindoeïsme of boeddhisme beïnvloede meditatie. De schrijver heeft geleerd dat je Gods woord moet nemen, Gods Geest dat woord laten verlichten en dan heel je leven eraan onderwerpen. Mooie theorie. Maar ga dat maar eens toepassen. De heilige Geest Gods woord 'laten uitbroeden'. De schrijver, ondertussen een drukbezet predikant in Ierland voelde dat hij iedere maand een hele dag zijn gedachten op de Heer moet gericht houden en die hele dag daaraan besteden. Dat had onmiddellijk resultaat: het kleine kerkje in Market Hill begon zich met mensen te vullen en was spoedig te klein om de menigte te kunnen bevatten die zich erin propte. En onder de menigte bevond zich ook een slager, Bob Flanagan. Wegens het succes is er iemand die aan de predikant zegt: Je zou echt eens naar Amerika moeten komen om daar te preken. Even later, na een preek in Belfast geeft een jonge predikant van een Pinkstergemeente uit Canada hem een uitnodiging voor Canada. Als je komt zal geen kerk te groot zijn. En hier komt nu onze slager op de proppen: die vond dat hij wat achterstallige tienden moest betalen. "Met een rood gezicht duwde hij een envelop in m'n handen en vluchtte naar zijn auto." Krakend nieuwe ponden, ter waarde van 60 à 70.000 frank. Dat is ongetwijfeld bedoeld als reisgeld naar Canada, dacht onze succespredikant.. Maar diep in zijn hart zat hij met een stuk onvrede. Met zijn gezin gaat hij in Belfast de vliegtickets bestellen. Hij betaalt en mag tot 15 juni nog van gedacht veranderen; daarna geven we geen geld meer terug. "No problem", lacht hij, maar in zijn hart blijft er iets wringen. Er is een stem in hem die zegt: "Nee". Hij spreidt dan zo'n vlies uit à la Gideon. "Heer , ik moet morgen daar gaan preken: als het weer toch opklaart tegen alle vooruitzichten in en als er zeer veel volk op afkomt, dan is dat een teken dat u wilt dat ik naar Canada ga". 't Is mooi weer en er was veel volk. Maar hoe content hij ook is, in zijn hart blijft het "nee" klinken. Hij laat dan ook nog de 15de voorbijgaan. Maar hij krijgt duidelijk die innerlijke stem van de Heer die hem zegt: "als je naar Canada gaat, zal het zonder Mij zijn".

Dan geeft hij toe: hij rijdt naar Belfast om de vliegreis af te zeggen. Onderweg begon zijn hart te zingen, zelfs al zou hij er 60.000 frank aan inboeten. Ook zijn vrouw had niet geprotesteerd. Bij het reisagentschap krijgt hij te horen dat iemand zijn plaats kan innemen en dat hij zijn geld kan terughebben. Heel verbaasd vraagt hij zich af hoe dit alles in elkaar steekt. Hij ziet in dat hij gewoon getracht heeft om God te doen zeggen wat hijzelf wou. "Je wist wat je te doen stond, je had helemaal geen vlies nodig" (p.147).

Leven in het Rijk waar Christus de Heer is. Leven in het Rijk waar Gods wil geschiedt. Leven onder de leiding van de heilige Geest. Een fantastisch leven!

 Thuispagina - Top van documentAllerlei thema's - Aanverwante links - Activiteiten - Preken - Gebedsavondnieuw  - Uitzicht - info

Bedenkingen rondom drugs

door Ben Van Vossel cssr

"Sedert de tijd dat de mensheid tot de jaren van verstand kwam is de drugplaag een van de ergste afwijkingen op de weg naar meer menselijkheid en groeiend menselijk bewustzijn" (bvv).

Drugdealer:
persoon m/v (soms nog een kind), die in grote of zeer kleine hoeveelheid drugs bezorgt aan een ander persoon (m/v, volwassene, jongere of kind) en daardoor deze laatste een straatje zonder einde instuurt.

De bedoeling van de drugdealer (die we in dit artikel met niet te veel sympathie omgeven) komt meestal neer op het volgende:

Geldgewin (met als droevig bijverschijnsel de ontmenselijking van degene aan wie men de drugs levert). Dit geldgewin gebeurt om te voorzien in de uitgaven voor eigen verslaving of om zich te verrijken en zich grotere en soms extreme luxe te kunnen permitteren (ten koste dus van de verslaving en de langzame ontbinding als menselijke persoon van degene die men ‘te grazen heeft’).

2° Soms is het bovenstaande (i.c. geldgewin) wel de uiteindelijke bedoeling, maar biedt men eerst een tijdlang gratis (‘onder vrienden’ je weet wel) een of andere (meestal aanvankelijk soft-)drug aan, tot de persoon in kwestie er zelf begint om te vragen en het straatje-zonder-einde zich begint te openen, meestal definitief.

3° Soms, zo’n enkele keer, gebeurt het uit medelijden (maar wat is medelijden?) of om wat gezelligheid te scheppen in familie- of vriendenkring of klasgenoten (maar je bent er nooit zeker van, ze zijn zo gewiekst) of om zelf voor iemand heel stoer en cool door te gaan… Dat zogenaamde medelijden toont zich soms ten aanzien van personen die erg teruggetrokken zijn of met allerlei angsten en complexen geplaagd zitten (in gezelschap, op fuiven e.d.), die zich alleen voelen of thuis of bij de studies wat problemen hebben…

4° We willen hier wel bij vertellen dat sommige kinderen tegen hun wil in gedwongen worden om drugs te dealen (door hun ouders of familie of in het geval van straatkinderen door bendeleden die hen bedreigen om ze aan het drugdealen te houden). Aldus T. Raick die besluit dat sommige drugdealers dus inderdaad niet ‘kozen’ voor dit bestaan .

Wat de drugdealer bewerkt, bewust of onbewust, is uiteindelijk de menselijke ondergang van zijn slachtoffers die hij/zij tot druggebruik en -verslaving brengt. Drugdealers zijn m.a.w. gevaarlijke of hersenloze (maar dan zijn ze nog een gevaar voor de samenleving) individuen en meestal geslepen en gevaarlijke criminelen. (Hoe ze zelf tot dit drugdealen gekomen zijn laten we hier buiten beschouwing). Deze jonge of volwassen criminelen tref je in alle milieus, in alle gelegenheden, onder alle vormen en in zowat alle leeftijden aan. Zelfs kinderen worden gebruikt om andere kinderen van lage schoolleeftijd tot druggebruik te brengen. De ‘american way of life’, de Amerikaanse levensstijl uit de jaren ’60 is nu bij ons gearriveerd tot in de kleinste gemeenten.

Waar de drugdealer opereert? Voor drugdealers zijn alle gelegenheden goed: de megadancing, klasfuif (of gewoon tijdens de lesuren), familiefeestjes, aan schoolpoorten (of net achter de hoek) en onlangs hoorde ik van iemand die de gewoonte had het kerkplein voor zijn criminele bezigheid te gebruiken. Eén rotte appel, zelfs in een christelijke groep, kan onherstelbare schade aanrichten.

De druggebruiker:

Een wat naïeve (in de zin van onwetende) of argeloze of zichzelf wat smoesjes wijsmakende persoon die drugs aanneemt en gebruikt. (Het komt natuurlijk ook voor dat men helemaal niet op de hoogte is van wat men je aanbiedt! Zie hierover even iets onder 2-).

Motieven van de druggebruiker

Motieven om vrijwillig - aarzelend of gulzig - tot druggebruik te komen kunnen zeer uiteenlopend zijn:

1- Sommigen komen met de dooddoener: "Ik gebruik enkel softdrugs; die zijn zelfs minder schadelijk dan nicotine en minder verslavend dan alcohol en die zijn beide sociaal aanvaard binnen bepaalde perken".

Over het verslavende effect wordt echter ook vandaag nog gediscussieerd en er zijn nog twee pijnlijker vaststellingen: a) De meeste gebruikers van softdrugs komen ook vaak tot gebruik van harddrugs zoals cocaïne en heroïne, gewoon al omdat ze in die sfeer van het druggebruik zitten. b) Bovendien vertonen ook gebruikers van softdrugs vaak veranderingen in hun persoonlijkheid en verminderde luciditeit (verminderd bewustzijn, al kunnen ze op een of ander vlak wel meer inspiratie of groter creativiteit hebben, maar wat is daarvan het voordeel - gezien op het vlak van de hominisatie - als je menselijk bewustzijn op een lager pitje wordt gezet?).

2- Onbewust kan men ook drugs innemen. Er gaan verhalen over verdovende drugs die in je glas gedaan worden in cafés of dancingcafetaria en in ieder geval krijg je wel eens een niet zo onschuldige sigaret gepresenteerd, zelfs met de aansporing vooraf ‘dit moet je eens proeven, zie, onvoorstelbaar!’ en met daarna de vraag: ‘enne, wat vond je ervan?’

Zelfs al ben je een bedeesde of is de ander je beste vriend (?), reageer op die momenten niet positief! Men toonde je de weg naar de hel, naar een leven van verslaving, ellende, menselijk verval. Het ‘straatje zonder einde’. Een enkele keer wordt jouw weigering wèl aanvaard.

3- Misschien voelde je je in de wolken met je eerste wiet, joint… Happy, wunderful, high, ontkomen aan de angst, de problemen, aan het je onwennig voelen in je lijf… Ik zeg je: je staat aan de start van een leven van ellende en ontmenselijking ofwel van je eigen bewuste ontplooiing.

Kies nu direct om met het bewuste deel van de mensheid te groeien naar een betere wereld en daaraan met klaar hoofd en rijk gemoed mee te helpen. Zo dadelijk is het te laat om de weg terug te gaan. Zet onmiddellijk een stap terug.

Hoe ontkom je aan de wurggreep van de drugs

Mijd de vrienden of andere personen die jou de drug hebben opgesolferd (ook al zijn het familieleden of zogenaamde ‘vrienden’ of mensen aan wie je iets verplicht bent), mijd ze als de pest en zeg hun in ieder geval, klaar en duidelijk, dat je met hun gif niets te maken wil hebben, dat jij mens wil blijven, dat je jezelf wil blijven, dat je die kunstmatige opkikkertjes niet nodig hebt om voluit te leven als mens. Heb geen schrik dit te zeggen en luister niet naar hun o zo rationele en mooi geformuleerde uitleg… Ook zij zijn reeds slachtoffer van een wereldomspannende drughandel in handen van de drugmaffia. Legalisering van softdrugs zou enkel een toegeven zijn aan een consumptiemaatschappij en een willoze mensheid die haar eigen ondergang bewerkt. Werk daaraan niet mee! Vanaf de eerste keer dat iemand je ‘iets’ presenteert moet je jouw eigen standpunt bekend maken; soms wordt dit gerespecteerd. Als men nog een tweede keer met het aanbod aankomt, breek dan radicaal met die personen, zelfs als het in hun aanbod enkel over softdrugs ging.

De ouders van de druggebruiker

- Een erge ervaring

Voor de meeste (weldenkende en oprecht bezorgde) ouders is het als een donderslag bij heldere hemel. Ze staan gewoon verbijsterd. Mijn jonge? Onze dochter? Niet mogelijk! Maar de twijfel grijpt hen al naar het hart, dat ineenkrimpt. En er is niets zo brutaal als een feit.

De jongere ontkent eerst, maar geeft het dan toe. Hij neemt echter niet veel. Juist wat extacy of een of andere soft. En dan nog niet vaak. Even later zal hij wel vertellen dat hij al twee, drie jaar drugs gebruikt: "Maar ik ben lang niet de enigste in mijn klas. Veel van mijn vrienden doen het trouwens ook. De beste. De sympathiekste". Met zijn woorden boort hij je de grond in. ‘Hoe kan zo’n gestudeerde snotaap nog zo stom zijn! Wat neem je? Wat rook je?’ Op een paar weken tijd geeft die ‘snotaap’ je in een paar korte toelichtingen een spoedcursus in wat er zoals op de markt is en wat er op dit ogenblik zowat het best in de markt ligt bij zijn soortgenoten: prijs/kwaliteit en wat het meest ‘in’ is qua toepassing (roken, slikken, injecteren, inhaleren…). En opnieuw duizelt het in je hoofd.

- Een breuk

Je maakt je kwaad. Hij brult tegen. Je wordt razend. Je vrouw of je echtgenoot kalmeert u. Zegt dat je het met brullen toch niet zult halen. Eerder stukken maken, ja, een breuk veroorzaken. Je kan beter praten. Over oorzaken en gevolgen. Je, over het waarom. En dan de jongere tot inzicht (trachten te) brengen. Okay. Je bedwingt je. Maar spoedig stel je vast dat met die snaak maar weinig te praten valt. Of misschien lukt het toch en kan je hem doen inzien wat een ellende het druggebruik met zich meebrengt en maakt hij de allerbeste voornemens… die hij zelfs enige weken in praktijk brengt. Je herleeft. Tot je merkt dat een kleine stresssituatie hem opnieuw naar zijn god drijft, zijn heil, zijn al, zijn DRUG.

- Jullie relatie op de proef gesteld

Je gaat eraan kapot. Die drug brengt een loodzware druk over je gezin. En op een bepaald ogenblik barst het. Hij/zij gaat de deur uit. Je herademt. Een paar uur slechts. Want het blijft toch je kind. Je leeft met een bloedende wonde in je hart. Je krijgt woorden met je echtgeno(o)t(e) die hem/haar nog geld toesteekt (dat in de bodemloze put van het druggebruik verdwijnt). Je begint elkaar te verwijten. Jouw schuld dat het zover gekomen is? Jouw reactie was totaal verkeerd! Had jij hem maar wat beter begeleid. Jij hebt nu deze beslissing om weg te gaan in de hand gewerkt. Ja, maar zag jij dat niet dat we hier allemaal aan kapot gingen? Is het nu beter! De drugduivel krijgt alles kapot, zelfs jullie relatie die nochtans goed was.

- Schuldgevoelen

En dan lees je iets over het voorkomen van druggebruik en er valt een loodzware last van zelfverwijten en schuldgevoel over je: Werd er in jullie gezin voldoende gepraat samen, kon de jongere zich uitspreken? Was er een echt huiselijke sfeer? Wat er ook voldoende - goed aangewend - gezag en menselijke maar klare afspraken? Werd er gesproken over de gevaren van de huidige maatschappij en de goede houding tegenover allerlei excessen ervan? Kon de jongere voelen (ervaren) dat je hem/haar gaarne zag? Werd er in je gezin voldoende zingeving aangereikt op een gezonde manier of was er hoofdzakelijk sprake over consumeren, presteren, consumeren, bezitten, verdienen…?

Denk er natuurlijk aan dat de beste stuurlui aan wal staan en dat die wel eens met stenen durven gooien. Het is in deze tijd geen sinecure om jonge mensen te begeleiden naar volwassenheid.

De hulpverlener

De klassieke hulpverlener i.v.m. alcoholisme antwoordde op je vraag wat je kon doen voor de alcoholieker: "Niets, tot de dag dat hij zelf, uit vrije wil, een ontwenningskuur wil volgen, maar dat zal hij/zij niet doen zolang hij/zij niet met de rug tegen de muur staat. En dan nog." Een andere hoorde ik antwoorden: "Hij moet eerst tot op de bodem gezonken zijn. Een ongeluk veroorzaakt hebben met dodelijke afloop. Zijn goede vrienden, zijn job, zijn huis, zijn vrouw en kinderen kwijtgeraakt zijn… alvorens zijn frank valt…"

Voor de drugs waarover wij het hebben - en de bingo en kansspelen mag je daar gerust ook bijrekenen - is het niet zoveel anders. Spijtig genoeg is ondertussen de persoonlijkheid reeds zo veranderd en is zijn/haar wil zozeer verzwakt dat een terugweg en een radicale keuze voor een - mogelijks doeltreffende - therapie bijna uitgesloten is.

Tot op de bodem gezonken zijn en dan maar hopen dat hij ervaren heeft

1° dat hij/zij compleet verslaafd is. Verslaving betekent dan dat men niet meer zonder kan, dat men nood heeft aan steeds meer en dat er reeds een soort persoonlijkheidsverandering optreedt;

2° wat een pest die verslaving is voor de gezondheid, het bezit (wat men er reeds aan uitgaf), het gezin.

3° dat hij/zij er uit eigen kracht (wil, karakter, beslissing) niet meer van losraakt.

4° dat hij/zij zich tot een degelijke hulpverlening moet wenden, zich daar volledig voor moet openstellen (en niet zo meer eventjes); dit veronderstelt een grote mate van nederigheid.

5° dat hij volledig en radicaal moet breken met het milieu dat hem tot druggebruik bracht en hem/haar in gevangen houdt (die bepaalde vriendenkring of uitgaansgezelschap).

Ook het christelijk geloof kan hulp bieden bij drugverslaving.

- Door de omgeving van de druggebruiker: de christelijke gemeenschap moet zich bewust zijn van het enorme probleem van het druggebruik o.m. voor jonge mensen en kinderen. Het is dan van belang dat in de voorbeden van de kerkgemeenschap die situatie ook verwoord wordt. Christelijke ouders zullen het niet opgeven om samen te bidden voor hun jongen of meisje dat aan drugs is verslaafd. Zij zullen niet de dwaasheid hebben om die jongere zomaar geld in handen te geven dat onmiddellijk voor drugs gebruikt wordt. Anderzijds zullen ze hem/haar in hun liefde blijven dragen, zonder ook maar iets van sympathie te tonen voor de duivel van de verslaving. Zij moeten volhardend en vurig bidden voor het aanschijn van de levende God. Wellicht is er ook de opgave van de preventie: christenen moeten op de barricaden staan van de drugbestrijding en de drugspreventie. Ook jonge christenen moeten weerbaar gemaakt worden om zelf alle drugs af te wijzen en klare begrippen te hebben daaromtrent en durf aan te kweken om er tegenin te gaan in de eigen jongerenwereld.

- Door de druggebruiker zelf:

* Wilkerson: Ik verwijs hier naar wat David Wilkerson in zijn boek "Hoe het verder ging" schrijft over allerlei problemen waarmee jongeren te maken krijgen. Ik verwoord het op eigen manier: Ook vanuit een christelijke benadering van het drugprobleem zal men de jongere zover moeten krijgen dat hij echt van de verslaving af wil en hij/zij moet toegeven dat hij/zij in feite aan het einde zit. Wil je echt ophouden met die drugs?

Vervolgens moeten we hem durven zeggen dat hij niet op eigen kracht die verslaving zal overwinnen. Ze hebben trouwens al zoveel keer geprobeerd eruit los te komen, alles hebben ze geprobeerd om vrij te komen van de bron van hun moeilijkheden… en steeds was er die terugval.

Tenslotte mag de jongere, na een soort bekering, een soort van wonder verwachten van de kant van Christus. Dit moet een sterke toewending zijn, niet zomaar eventjes eens iets uitspreken. Is het ernstig, dan zal men het meemaken dat de Heer ofwel verandering brengt in de omstandigheden of op geheimnisvolle wijze de begeerte naar de drugs wegneemt. Wilkerson getuigt dat hij in het leven van die jonge mensen ook echt wonderen zag gebeuren.

* Het christelijk gebed: Ik ben er ook van overtuigd dat de toewending naar Christus en de aangehouden aanroeping van Christus (bv. het Jezusgebed : ‘Heer Jezus Christus, Zoon van God, ontferm U over mij’) inderdaad zijn gevolgen gaat hebben. In het katholieke gebed is ook de aanroeping van Maria op haar plaats: ‘O Maria, zonder zonde ontvangen, bid voor ons die onze toevlucht tot u nemen’, of: ‘Onder uw bescherming nemen wij onze toevlucht, heilige Moeder Gods; versmaad onze gebeden niet in onze nood, maar verlos ons altijd van alle gevaren, o glorierijke en gezegende Maagd’.

De vrucht van ons gebed kan zijn dat er rechtstreeks een soort bevrijding zich manifesteert, maar in veel andere gevallen zal het zo zijn dat we stilaan in aanraking komen met wegen die kansen bieden tot bevrijding uit de wurggreep van de drugs (bepaalde therapieën of gemeenschappen waar men ondervinding heeft met het opvangen van drugverslaafden). Het is dan van belang onmiddellijk die kansen tot bevrijding te grijpen en - terwijl men in contact blijft met een te vertrouwen begeleider - deze weg van bevrijding ten einde toe te gaan om zo weer tot leven te komen als vrij mens en zo mogelijk opnieuw je plaats in te nemen in de opbouw van een betere wereld.

oktober 1999

INHOUD - ACTIVITEITEN - NIEUW - KINDEREN - BIJBEL - DIAPRESENTATIES - GEBEDSGROEP - PARAY L.M. - MARIA-KEFAS - PREKEN - REDEMPTORISTEN - THUISPAGINA - NADENKERTJES - NUMMERS - LITURGIE - ROEPING - GEZIN - JONGEREN - GETUIGENISSEN - ETHIEKHAHAHA - BOEKEN - MARIA - VORMING - ZENDING - KERK - CHRISTENUITZICHT - INFO - MEDIA - GEZONDHEID - SPIRITUALITEIT - PINKSTERSPIRITUALITEIT - VERHALEN - KUNST - BEZINNINGEN -