GELOOF EN LEVEN  JAARGANG 112 (2008) nr. 2

 

- LIED VAN HET BROOD  (eucharistie) Vincent Van Vossel CSsR

- KERK(GEBOUW) EN KERK(GEMEENSCHAP) + fr. Jeroen De Cuyper, Norbertijnerabt van -Tongerlo

- GEBED TOT DE HEILIGE GEEST  George Gernaert

- DOOR DE VADER GEZONDEN

- TOEVERTROUWD AAN DE HEER

- DE VERREZEN CHRISTUS VAN ABOENA MANSOER (1)

- EEN STORM IN DE FARWEST  Pieter De Smedt s.j.

- BEN JIJ CHRISTEN ? Ben Van Vossel

- ICONEN IN DE RUIMTE

- ONTSTAAN VAN DE ICONEN  P. R. Caremans s.j.

- BEZINNING BIJ DE VERREZEN HEER VAN ABOENA MANSOER (2) Commentaar: Ben Van Vossel

- EEN CHRISTEN EVANGELISEERT!  Ben Van Vossel

- OVERLEDEN

- KONGO – DE DOKKEN – DE ICONEN  Het getuigenis van René Caremans, redemptorist

- VAN MISSIONARIS-PILOOT TOT KLUIZENAAR (1)

- MEEGEDEELD

- CHRISTENEN IN IRAK  Ankawa.com en Compass Direct News

- PAULUS GOES WERELDWIJD (Paulusjaar)

- EXODUS "JIJ EN IK:EEN WONDER!"

- VOOR WIE? VOOR WAT? MENSEN GEOFFERD AAN IDEEËN   B.V.V.

- BOEKENMAND

- MYSTERY IN GHENT ” (Roman)

 

   ACTIVITEITEN BAGDAD - BEZINNINGEN - BIJBEL - BOEKEN - CHRISTEN in de WERELD - CHRISTELIJKE VORMING - CHRISTUS EN DE ISLAM -   DIAPRESENTATIES - EVANGELIE-LEZING - GEBED GEBEDSGROEP - GETUIGENISSEN - GEZINICONEN - INHOUD - JEZUS - JONGEREN - KERK en GELOOF - KERK WERELDWIJD - Figuren uit de KERKGESCHIEDENIS - KINDEREN - KUNST - LITURGIE - MEDIA -- MARIA - MARIA-KEFAS MORAAL - NADENKERTJES - NIEUW - NUMMERS - PARAY L.M. - PINKSTERSPIRITUALITEIT - PREKEN - ROEPING - SOCIALE INZET - SPIRITUALITEIT  THUISPAGINA UITZICHT - VERHALEN - VERVOLGINGWETENSCHAP - ZENDING -  ZONDAGSEVANGELIES (diapresentaties)

LIED VAN HET BROOD  (over de H. Eucharistie)

Vincent Van Vossel CSsR

 

De Zaaier heeft het graan verspreid,

zijn Vlees is Brood uit onze grond,

dat goud wordt in de zomertijd,

en rijp wanneer de maaier komt.

 

Keervers:

Wij zijn als vrienden aangezeten

verenigd door uw Geest,

om het geslachte Lam te eten:

het Brood van ’t Bruiloftsfeest.

 

Het Zaad, gedorst en fijngewreven,

zijn Lichaam wordt voor ons gekneed,

met handen van het kwaad doorsneden,

zijn lichaam mengt zich met ons leed: (Keerv.)

 

Ons Brood is rood en opgerezen,

want Jezus’ Lichaam draagt de kracht,

de gist die opstanding zal wezen,

van ’t nieuwe lichaam dat ons wacht. (Keerv.)

 

KERK(GEBOUW) EN KERK(GEMEENSCHAP)

 

+ fr. Jeroen De Cuyper, Norbertijnerabt van Tongerlo

Het kerkgebouw van de abdij van Tongerlo bestaat dit jaar 150 jaaar

(de kerkgemeenschap aldaar 878 jaar).

 

 

HEILIGE GEEST (gebed)

George Gernaert

Heilige Geest,

Neem alle hoogmoed van mij weg

maak mij deemoedig

en blijmoedig.

Geef mij een diepe, innerlijke,

geestelijke rust,

stilte en ontvankelijkheid

vol van de zachtheid,

tederheid en fijngevoeligheid van Jezus

met Zijn respect, aandacht en begrip.

Doe geheel mijn wezen, mijn hart,

mijn ziel en geest

en al mijn vermogens

open staan voor de aanwezigheid,

de ingevingen en tekenen

van de Heer Jezus

om Zijn Vrede, Vreugde en Vriendschap

te ontvangen

en in Uw Gemeenschap

en door Zijn Genade

te komen bij God de Vader

die de Liefde zelf is.

 

DOOR DE VADER GEZONDEN

 

TOEVERTROUWD AAN DE HEER

 

DE VERREZEN CHRISTUS VAN ABOENA MANSOER (1)

 

EEN STORM IN DE FARWEST

Pieter De Smedt s.j.

 

BEN JIJ CHRISTEN ?

Ben Van Vossel

 

Geloof jij?

Het is al vele jaren geleden. Ik had aan de vicaris-generaal, verantwoordelijk voor het katholiek onderwijs in het bisdom Antwerpen gevraagd of er geen plaats vrij was als godsdienstleraar. Ik werd door hem uitgenodigd voor een gesprek op het bisdom. Ik ben de naam van die goede man vergeten, vicaris Raes, meen ik. In ieder geval, eens dat ik goed en wel in een fauteuil zat en een kopje koffie was gebracht, lanceerde die brave man het gesprek met de vraag: ‘Pater, gelooft gij?’

Aan dat soort vraag had ik me werkelijk niet verwacht, en wat ik als antwoord gaf was in feite niet ter zake: zo van ‘maar meneer de vicaris, anders zou ik toch geen priester blijven;  anders zou ik toch niet komen vragen om godsdienstles te geven enz.  In feite geen antwoord op zijn vraag. Tegenover mijn bijna verontwaardiging deed de  goede man dan alsof hij zich wat geneerde voor zijn vraag. Maar eigenlijk, ja, eigenlijk was dat een pertinente vraag, een vraag die echt op haar plaats was, de vraag die ieder godsdienstleerkracht zich terdege zou moeten stellen. ‘Gelooft gij?’ ‘Geloof ik?’

 

Ben jij christen?

Slechts een paar weken later – ik ken niet meer de juiste omstandigheden – kom ik in contact met iemand uit een protestantse vernieuwingsbeweging en die vraagt mij op  de man af (hij zag nochtans duidelijk dat ik een kruisje droeg op de kraag van mijn jas): “Ben jij christen?” Hij vroeg niet: ben jij katholiek, ben jij priester, ben jij godsdienstleraar of zoiets... Gewoon maar: “Ben jij christen?”

Een ontnuchterende vraag, zoals Jezus die stelt aan zijn vrienden, nadat ze volmondig en bijna elkaar overtroevend hebben naar voor gebracht wat de mensen over Hem zeggen… Maar dan vraagt Jezus: “En gij, wie zegt gij dat Ik ben?” Ik vermoed dat niet iedereen – na waarschijnlijk toch een kleine stilte - even snel als Petrus heeft kunnen antwoorden, met overtuiging heeft kunnen antwoorden.

Het zijn onvoorziene vragen die om een levensecht antwoord vragen: Gelooft gij? Ben jij christen? En gij, wie zegt gij dat Ik ben?

 

Jezus op de troon bij jou?

In een brief uit Medjugorje las ik nog onlangs een boodschap die Mirjana tijdens een persoonlijke verschijning van Maria ontving (2 december 2007). Het was in zekere zin een weinig opgewekte boodschap, maar wel een die ons kan helpen om tot het echt belangrijke in ons leven als christen door te dringen:

“Lieve kinderen,

wanneer ik vandaag in uw harten kijk,

vervult mijn hart zich

met droefheid en angst.

Mijn kinderen, hou een ogenblik halt

en kijk in uw harten.

Is mijn Zoon, uw God, er werkelijk

op de eerste plaats?

Zijn zijn geboden

werkelijk de maatstaf van uw leven?

Ik verwittig jullie opnieuw:

zonder het Geloof,

is er geen nabijheid van God,

is er geen Woord van God

dat het licht van het heil is

en het licht van een gezonde rede.”

Mirjana voegde er nog aan toe: “Met droefheid heb ik de Gospa gevraagd dat zij ons niet aan ons lot zou overlaten en dat zij haar handen niet van ons zou wegtrekken. Opnieuw heeft ze droef geglimlacht bij mijn vraag en zij is weggegaan. Ditmaal heeft ze niet gezegd: “Ik dank u”.

Mirjana heeft na de verschijning meegedeeld: “Onze Lieve Vrouw (de Gospa) was zeer bedroefd. Gedurende heel de verschijning waren er tranen in haar ogen”.

Mirjana heeft zelf ook een hele tijd geweend na de verschijning, alvorens de boodschap van de Maagd door te geven. (Je kan een video van Mirjana zien tijdens de verschijning van 2 december 2007 op onze website: www.geloofenleven.be  en daar surfen naar “nieuw” of “diapresentaties” (‘video van extase’).

De boodschap en de sfeer die er rond hing heeft diepe indruk gemaakt op de personen die ze gelezen hebben. Ze klonk net als de dringende oproep van een missiepredikant die het essentiële van het geloof nog eens duidelijk en met nadruk wil verwoorden en oproept tot radicale bekering.

Ook hier komt de niet te ontwijken vraag: “Kijk in uw hart. Is mijn Zoon, uw God, er werkelijk op de eerste plaats?  Zijn zijn geboden werkelijk de maatstaf van uw leven?”

Beste lezer(es): wat is uw antwoord op deze vragen? Hier kunnen we toch niet gewoon overheen lezen?

 

Uw rijk kome …

Hierboven kwam het evangelie reeds even aan bod met de vraag van Jezus: En gij, wie zegt gij dat Ik ben? Eigenlijk betekent dat toch wel: ‘Wie ben Ik voor u’ en ‘Wat beteken Ik voor u’, ‘Welke plaats bekleed Ik in uw leven’?

Wij bidden vrij vaak: “Uw Rijk kome”. Het is een van de beden uit het ‘Onze Vader’.  Het ‘Rijk van God’, het ‘Koninkrijk der hemelen’. Wij denken dan aan het hemels paradijs, maar we mogen het wat algemener zien als het Rijk waar God heerst, waar God koning is, waar Hij als koning erkend of aanvaard wordt. Ieder oprecht christen wil zeker tot het Rijk van God behoren. Het Rijk waar God koning is. Maar neem nu eens dat God koning wil zijn van uw hart, en koning wil zijn in uw leven. (Gelieve vorige zin nog eens te lezen). Hoe kan dat als in mijn hart zoveel andere zaken voorgaan, vóór God? Neem eens dat Hij het in mijn leven voor het zeggen mag hebben, hoe kan dat als ikzelf baas speel en alles op eigen houtje beslis? Als we dus bidden: “Uw Rijk kome”, menen we dat dan echt? Stellen wij ons hart en ons leven dan echt voor Hem open. Dat zijn serieuze beslissingen.

 

Jezus vertelt over het Rijk van God

Luister naar wat Jezus zegt (in de vorm van een parabel):

“Het Rijk der hemelen gelijkt op een schat,

verborgen in een akker.

Toen iemand hem vond, verborg hij hem weer,

en in zijn blijdschap ging hij alles te gelde maken wat hij bezat

en kocht die akker” (Mt. 13,44).

Of luister anders naar de volgende korte parabel:

“Ook gelijkt het Rijk der hemelen op een koopman,

op zoek naar mooie parels.

Toen hij een parel van grote waarde had gevonden,

ging hij alles verkopen wat hij bezat

en kocht haar (Mt.13,45-46).

Het Rijk van God: een verborgen schat waar de mensen geen weet meer van hebben; maar wat een vreugde als je die schat ontdekt, als je je bewust wordt wat het betekent kind van God te zijn, door God bemind te zijn, dat Hij koning wil zijn van je hart, dat Hij je leven wil binnentreden met zijn barmhartige liefde, dat Hij je de weg wil wijzen naar het echte geluk bij Hem… ja, alles zou je daar voor over (moeten) hebben.

 

Het Rijk van God: een kostbare parel, waar je al zo lang op zoek naar waart en nu, pas nu, begin je in te zien dat het volstaat aan God de toelating te geven je hart binnen te komen, er Heer en Meester te zijn en van heel je leven… Wat een vreugde! Je zet er alles voor opzij, je gaat zelf ook opzij staan om Hem de ereplaats te geven, Hem te laten beslissen over… over alles. Een diepe vrede daalt in je hart, al kost het je nog wel om telkens weer opzij te gaan staan voor Hem die het Licht, de Waarheid, het (echte) Leven is.

 

Lees in dit licht de Kerstboodschappen van Maria te Medjugorje:

Uit de Boodschap van 25 december 2007 tot Marija:

“Lieve kinderen,met grote vreugde in mijn hart

breng ik jullie de Koning van de Vrede,

opdat Hij jullie met zijn zegen zou zegenen.

Aanbid Hem en geef tijd aan uw Schepper

naar wie jullie hart verlangt.

Vergeet niet dat jullie op deze aarde voorbijgangers zijn

en dat de dingen jullie kleine vreugde kunnen schenken,

terwijl jullie, door mijn Zoon, het eeuwig leven gegeven wordt.

Daarom ben ik met jullie om jullie te leiden

naar datgene waar jullie harten naar verlangen.

Dank dat jullie gehoor hebben gegeven aan mijn oproep.

 

Uit de Boodschap van 25 december 2007 aan Jakov:

Lieve kinderen, vandaag nodig ik jullie op een bijzondere wijze uit jullie open te stellen voor God en dat elk van jullie harten vandaag de plaats mag worden waar Jezus geboren wordt.

Kinderen, heel die tijd dat God me toelaat bij jullie te zijn, verlang ik jullie te leiden naar de Vreugde van jullie leven. Kinderen, de echte vreugde van jullie leven is God. Daarom, kinderen, zoek de vreugde niet in de dingen van deze wereld, maar open jullie harten en verwelkom God.

Alles gaat voorbij, kinderen, alléén God blijft in jullie hart. Dank dat jullie gehoor hebben gegeven aan mijn oproep.

 

ICONEN IN DE RUIMTE

 

ONTSTAAN VAN DE ICONEN

P. R. Caremans s.j.

 

In 1976 nam Pater Guido Van Hunsel zaliger, leraar van esthetica aan het college van het Eucharistisch Hart te Essen, in samenwerking met dhr. Rogier tal van foto’s van iconen waar pater R. Caremans zaliger - zelf iconograaf – telkens een korte commentaar bij schreef. Als  inleiding op het fotoalbum plaatste hij volgende korte maar verantwoorde tekst over het ontstaan van de ‘iconografie’ binnen de christelijke kerkgemeenschap.

 

“Paulus bracht naar Hellas Christus en zijn leer:

een nieuwe kerkgemeenschap...

die voor hemelse mysteries naar een eigen aard zocht, een nieuwe stijl

als antipode, als een bewust zich afzetten tegen schoonmenselijke,

maar heidense, zielloze beeldenrijkdom.

De Blijde Boodschap is geen mythologie!

 

Handelslui gingen en keerden naar en van Egypte,

toen sedert mensenheugenis een Griekse kolonie.

Ook bedevaarders pelgrimeerden

naar de graven van heilige kluizenaars in de woestijn…

en ontdekten meteen de eeuwenoude dodencultus,

met zijn verbijsterende mummieportretten,

beelden van de vergeestelijkte mens, in eeuwige vrede en rust.

Van daar naar de eeuwige zalige ‘Rust in God’

is maar een stap,

wel een hemelbrede stap.

 

En zo verschenen, na korte of langere tijd van bezinning en ervaring, heilige afbeeldingen, als christelijke mummieportretten

eerst op de muren van hun bescheiden bedehuizen …

en na jaren ontwikkeling – en beeldenstrijd – op het kleine paneel.

 

 

Een nieuwe kunst van

een nieuwe kerkgemeenschap.

Geduldig werk van vrome handen,   gewijd voor de eredienst,

heiligdom geworden:

Icoon.

 

“Evangelie voor ongeletterden”

“Predicatie in lijn en kleur”

“venster op de Eeuwigheid”

 

 (Lees verder over pater Caremans op blz. 64 tot 66)

 

BEZINNING BIJ DE VERREZEN HEER VAN ABOENA MANSOER (2)

Commentaar: Ben Van Vossel

 

EEN CHRISTEN EVANGELISEERT!

Ben Van Vossel

Een christen gelooft, bidt, een christen viert, een christen brengt “GOED NIEUWS” door woord en leven. Dit laatste vormt soms een probleem.

We hadden ooit een (maandelijkse) gebedsgroep van zo’n 50/60 jongeren. Waw! Er werd gezongen, lofliederen, vaak in het Engels, er werd duchtig  in de handen geklapt, gemusiceerd met guitaren en drums, er werd onderricht gegeven. We noemden die samenkomsten LLL: Lofprijzing – Luisteren - Leven. De laatste L stond er om te beduiden dat het niet volstond te Lofprijzen en naar Gods woord te Luisteren, je moest ook van (en volgens) dat woord gaan LEVEN.

Als voornaamste kenmerk van het christelijk LEVEN - zo waren we van oordeel - dienden wij ons vooral te richten naar wat Jezus zei: “Hieraan moeten de mensen kunnen zien dat je mijn leerlingen bent, aan de liefde die je hebt voor elkander”, en nog zo’n woord van Jezus: “Ik geef jullie een nieuw gebod, je moet elkaar liefhebben zoals Ik jullie heb liefgehad”. Kortom: het gebod van de naastenliefde als de andere zijde van het gebod van de liefde tot God.

Een prachtidee. En dus… kwam er de uitnodiging tot die jonge mensen om zich te engageren tot een maandelijks (of was het wekelijks?) bezoek aan een of enkele bejaarden in een bepaald bejaardentehuis. De Bejaarden BezoekPloeg was geboren, de B.B.P.. Voorstel was om die bezoeken aan bejaarden per twee te doen; Jezus zond zijn leerlingen ook vaak twee aan twee uit. Een tiental jongeren gaven zich op. En wat werd het resultaat? Twee ploegen functioneerden goed. En één ploeg hield het enige maanden uit. Daarna was het afgelopen. Maar men heeft nog lange tijd verder gezongen en geluisterd (LL).

Zo zijn er veel gebedsgroepen van christenen, en gemeenschappen, en allerlei christelijke verenigingen die heel mooie samenkomsten houden, heel vroom… maar niet vruchtbaar zijn naar buiten.

Niet getuigen van de verrezen Heer door hun woord, hun levensgetuigenis of hun dienstbaarheid.

Spijtig, maar dat kan niet! En dat blijft niet duren.

Ofwel – als je bijvoorbeeld een contemplatieve groep bent – zal dat toch een stilzwijgend getuigenis zijn, ofwel moet je door geschreven, of gesproken woord getuigen en naast dat woord er ook de daadwerkelijke dienst aan medemensen bij plaatsen als waarmerk. Anders ben je als een dorre rank aan de wijnstok.

In de kerk moet dat alles immers aanwezig zijn en blijven: Het geloof, het samenkomen rond het woord van de Heer en om de sacramenten te vieren, de verkondiging én de daadwerkelijke naastenliefde. Dan pas heb je de kerk van Jezus. Elke christelijke gemeenschap zal aan die 4 kenmerken van de Kerk een plaats moeten geven in haar leven. Natuurlijk zal deze of gene christelijke groep het ene aspect wat meer beklemtonen dan het andere, maar de gerichtheid naar die kenmerken moet wel aanwezig blijven.

En ieder christen moet zich voor die kenmerken openstellen.

Evangelisatie: is dat ook voor mij?

- Het Blijde Nieuws uitdragen gebeurt heel eenvoudig wanneer een vader of moeder hun kind spreken over Jezus, wat over Hem vertellen en ook over de weg die Hij getoond heeft naar het geluk. (Dat kan ook een oma of opa, of oom of tante doen). Maar soms vraagt het wat meer moed om ook aan onze ouder wordende kinderen in alle eenvoud te getuigen wat het geloof voor jou betekent, of in je krant een rustig maar helder antwoord te geven op een of andere gemene of lasterlijke uitspraak van een of andere BV die zich wat wil profileren. Of misschien gewoon je mening zeggen op je werk, in je bureel, op een wijze manier (en misschien eerst even spreken met de Heer wat je best doet en hoe)…

- Maar Blij Nieuws brengen betekent ook: mensen laten delen in de welvaart, in de nabijheid, in je kundigheid of verstand, mensen die door de natuur of hun familiale omstandigheden daar grotendeels van verstoken zijn: mensen van hier, mensen veraf, mensen van eigen volk, allochtone mensen.

Het is niet goed om maar één van die twee manieren in praktijk te brengen: je vervalt dan ofwel in louter filantropie, of in leeg geëvangeliseer zonder daden, waar Jacobus in zijn brief nogal mee spot.Maar dit is wel duidelijk: uit ons gebed, uit onze vieringen, uit onze enthousiaste lofprijzing moeten daden volgen…

Had u een idee? Voor uzelf? Voor uw gebedsgroep? Voor jullie als echtpaar of als gezin?

 

 

OVERLEDEN

 

KONGO – DE DOKKEN – DE ICONEN

 

Het getuigenis van René Caremans, redemptorist

Pater Caremans, Redemptorist, werd geboren te Hoboken op 20 maart 1907; zijn ouders waren Louis en Maria Van Hasselt. Hij was een van die humoristische mensen, die u aanvankelijk wat choqueren door hun woorden en u wat paf doen staan. Wanneer je hem beter leerde kennen, trof je enkel een positieve ingesteldheid aan. Maar plezant doen, dat kon hij niet laten. Was dat het Antwerpse of Hobokense dat er in zat, ik weet het niet, het zat in hem gebakken. Dat wil niet zeggen dat zijn levensweg steeds over rozen liep. Hij zal nog vage herinneringen gehad hebben aan W.O.I, maar later in ieder geval heel duidelijk aan de 2de wereldoorlog. Zijn ideaal van priester-redemptorist had hij toen al mogen verwezenlijken. Hij werd geprofest te St.-Truiden op 21 sept. 1927 en priester gewijd te Beauplateau-Tillet op het feest van Maria-ten-hemel-Opneming, 15 augustus 1932. Zijn humaniora-studies had hij grotendeels in Hoogstraten gedaan, maar de laatste twee jaren (poësis en rethorica) deed hij te Essen aan het College van het Eucharistisch hart. Hij zou daar later nog naar terugkeren.

 

Beperkte activiteit hier en in Kongo

René had geen al te sterke gezondheid. Misschien was dat de reden dat hij niet zo onmiddellijk voor de missies benoemd werd maar eerst enige tijd doorbracht in Essen, Jette, Roeselare en Gent? Het zal hem als vurige jonge priester wel hard gevallen zijn. Wat een opluchting toen hij dan toch op 15 augustus (!) 1936 benoemd werd voor de vice-provincie Kongo. Op 14 oktober meert hij aan te Matadi. Samen met zijn reisgenoot p. Léon Dereau doet hij daar eerst zijn 2de noviciaat onder leiding van p. Koenraad Schepens tot februari 1937. Dan wordt hij naar Kimpese gezonden om op het juvenaat voor aspirant-broeders van de congregatie les te gaan geven. In maart 1939 wordt hij benoemd voor Kasi; kort daarop wordt hij evenwel ziek en blijkt dat het apostolaat in Kongo te zwaar valt voor zijn gezondheid. Uitgeput bereikt hij het thuisland op 18 juli 1939. Waarschijnlijk erg ontgoocheld over de mislukte start van zijn apostolaat. De liefde voor de missies zal hem echter niet verlaten.  

Predicatie…  met mondjesmaat

Na enige maanden is zijn gezondheid wat hersteld, maar dan dreigt de 2de wereldoorlog los te breken. Zo verblijft hij dan van 1940 tot 1945 in ons huis van Roeselare, enkel onderbroken door een vorming in de predicatie te Gent (nog een stuk 2de noviciaat) van januari tot mei 1941. Tijdens deze oorlogsjaren preekt hij enige retraites en recollecties, maar zelfs voor dat werk blijkt zijn gezondheid niet robuust genoeg.  

Dan maar “Dokwerker” in dienst van de missies

Er komt echter een andere levensvulling in de plaats, meer in de lijn van zijn missiedroom. In juni 1945 wordt hij benoemd te Antwerpen om de missieprokuur opnieuw op te starten (Broeder Gabriël Menten die vóór de oorlog de verzendingen deed naar onze missies van Kongo en de West-Indies was op 16 maart 1944 overleden). Nu de grenzen na de oorlog opnieuw geopend waren, neemt pater Caremans dat werk weer op en hij gaat dit gedurende 21 jaar volhouden. Duizenden (jawel!) kisten, koffers, postzendingen brengt hij naar de dokken om verscheept te worden, voornamelijk naar Kongo. Hij noemde zichzelf de bassin-werker, de ‘dokwerker van de missionarissen’ omdat hij zo vaak naar de Antwerpse dokken moest voor zijn dienst van het missiewerk.  

Missietentoonstellingen

Maar stilaan, langsheen een zijdeur van zijn opdracht, ontluikt er een andere roeping in hem. Om geld in te zamelen voor zijn missieprokuur,  het missiewerk van onze paters en broeders bekend te maken en tegelijkertijd mensen uit te nodigen om het mee te ondersteunen organiseerde hij tentoonstellingen in verschillende provinciesteden. Bij die exposities kwamen ook zijn artistieke talenten tot uiting en tot ontwikkeling. Voor de tentoonstelling ter gelegenheid van het Heilig Jaar te Rome maakt hij een hele miniatuurweergave van de missie van Kimpese. Maar dan gebeurt er plots dit dat hij in de casino van Gent naast zijn stand met het interieur van een Oekraïense woning ook een iconostase oprichtte (waar hij zelf 25 iconen voor schilderde): een soort wand, gedecoreerd met iconen, die normaal haar plaats heeft vóór het altaar in omzeggens alle Orthodoxe en geüniëerde kerken. Zijn interesse voor de missies had hem niet alleen in contact gebracht met onze missionarissen in Kongo, de Antillen, Haïti, maar ook met onze Vlaamse paters die decennialang in Oekraïne (en Canada) gewerkt hadden bij christenen van de (met Rome verbonden) Melkitische kerk, tot ze door de Communisten werden buitengezet. Hij heeft zich verdiept in de Oosterse kunstvorm van de iconen, heeft zich laten vormen in het icoon-schilderen (in Basel, Zwitserland) en dit gaat nu de rest van zijn leven bepalen, ook van zijn geestelijke groei. Een nieuwe periode in zijn leven kondigt zich aan.

 

Iconograaf

Het woord ‘iconograaf’ betekent eigenlijk: beeldschrijver. Een icoon, een afbeelding van Christus of een of andere heilige, is immers een met het penseel in vormen en kleuren geschreven geloofsbelijdenis of geschreven gebed. In 1966 wordt p. René ontlast van zijn werk in de missieprocuur. Hij is blij benoemd te worden in Essen waar hij zich in alle stilte en rust volledig kan toeleggen op het schilderen van iconen. Reeds vroeg in de morgen was hij bezig in zijn atelier, en met aandacht en een vaste hand toverde hij die beelden van een geestelijke wereld uit zijn penselen met behulp van de met eigeel aangelengde kleurpigmenten, voorbeelden van oude Oosterse meesters. Hij heeft ook meerdere tentoonstellingen georganiseerd voor zijn iconen. Vele malen (64 tot 66) heeft hij de icoon van Onze Lieve Vrouw van Altijddurende Bijstand geschilderd. In een vergeten zijgang van ons klooster van Gent, hangt nog een mooie, reuzengrote kopie van deze icoon, evenwel gruwelijk geschonden door personen die iconen niet meer naar hun geestelijke en menselijke waarde wisten te schatten.

 

Calvarie op weg naar huis

Het werd 1979 toen p. Caremans voelde dat zijn handen het penseel niet meer konden vasthouden of ze trefzeker aanwenden. Een pijnlijke artritis die enkel te dragen was dankzij een hele reeks pijnstillers had alle gewrichten aangetast. Zijn stijve en beverige vingers konden niet meer uitvoeren was zijn geest zou willen. Dit werd zijn groot offer… Nu duurden de dagen ontzettend lang. Het gebed van het iconen schrijven moest nu tot een ander gebed omgesmeed worden. Op zijn kamer, in de kapel praatte hij met God. Wat er in hem leefde moest hij nu bijna woordeloos uitzeggen naar zijn aanbeden Heiland en vereerde heiligen. Als hij alleen was deed hij het ook wel halfluid. Drie onafgewerkte iconen bleven verlaten in zijn atelier.

Zijn predicatie waren evenwel de vele iconen, met eindeloos geduld en toeleg in kleuren geschreven, volgens oude regels. Zoals hij zelf samenvatte (je kan het elders in dit nummer lezen): ikoon: “Evangelie voor ongeletterden”, “Predikatie in lijn en kleur”, “Venster op de eeuwigheid”.

Hij overleed in de kliniek van Kapellen op 21 april 1982 op 75-jarige leeftijd. In zijn adressenboekje op zijn kamer had hij genoteerd: “Als ik naar Huis zal vertrokken zijn, zullen ze willen weten waar ik ben. Ik verwacht alle dagen de dood. Maran atha! Welkom, Heer! Voor alles: fiat”.

 

VAN MISSIONARIS-PILOOT TOT KLUIZENAAR (1)

 

 

MEEGEDEELD

 

CHRISTENEN IN IRAK

Ankawa.com en Compass Direct News

Aanslagen in Bagdad en Mossoel

Bericht van 18 febr. 2008: Gisteren explodeerde een autobom aan de buitenkant van een Chaldeeuwse (katholieke) kerk in Noord-Irak waarbij 2 mensen getroffen werden, zo verklaarde een bisschop van Bagdad. De ontploffing was de 10de aanslag tegen Irakese kerken op twee weken tijd.

De Chaldese hulpbisschop van Bagdad, Schlemon Warduni, bevestigde dat de ontploffing buiten de Tahira-kerk ten Westen van Mossoel's al-Shifaa-wijk slechts 2 personen geraakt had..

Volgens de christelijke Irakese website Ankawa.com had de politie bericht gekregen, dat een verdacht voertuig geparkeerd stond buiten de kerk en daarom hadden ze de wijk afgesloten en wachtten ze op een team van bomexperten, toen plots de bomauto explodeerde. De explosie verwondde een politieagent en een niet-geïdentificeerde vrouw en beschadigde de kerk en ruiten in de omgeving. De aanslag kwam exact twee weken nadat 2 kerken in Kirkoek, zo'n 141 km . ten Noorden van Bagdad, tegelijkertijd werden gedynamiteerd.

Die explosies vonden in snelle opeenvolging plaats kort voor 17 uur buiten de Chaldese Katedraal en de Syrisch Orthodoxe St.-Efremkerk. Bij deze explosies werd niemand verwond. Van de Chaldese kerk werden de omgevende muur en de ruiten vernield. Een priester vertelde dat de aanslag gebeurde aan de achterkant van de katedraal waar we normaal christelijk onderricht geven, maar op dat ogenblik hadden we daar geen activiteiten. Deze explosies grepen plaats enige dagen na blijkbaar gecoördineerde bomaanslagen tegen 4 kerken en 3 kloosters in Bagdad en Mossoel op 6 januari waarbij 6 slachtoffers vielen.  De explosies maakten zo een einde aan een periode van relatieve kalmte waarin de belegerde Irakese christelijke gemeenschap een lichtpunt begon te zien in het geweld.  

Bedroefd en bevreesd

Een zekere troost en bemoediging in deze beproevingen was de reactie van de Eersteminister van Irak, Nouri Al-Maliki, die beloofde de kerkverwoesters te vervolgen en hij zei ook nog dat zijn regering echt bekommerd is om de veiligheid van de christelijke wijken, aldus de arabische website Elaph.com (8 jan.).

Maar met het geweld tussen de sjiïische en soenitische milities dat almaar doorgaat in Irak, valt het te bezien voor hoeveel veiligheid de regering zal kunnen zorgen. "Veel mensen werden gedood en velen werd ontvoerd dit jaar, dit heeft tot gevolg dat onze mensen bedrukt en bevreesd zijn", stelt bisschop Warduni. Hij had het ook over de moeilijkheid om te redeneren met de terroristen, die niet alleen kerken maar ook moskeeën aanvallen. "Dit alles gaat in tegen God, want dit zijn gebedshuizen".  Warduni deed een oproep tot alle gelovigen over de hele wereld om zich in te spannen om terrorisme en geweld tegen onschuldige mensen in Irak te beëindigen. Volgens officiële zegslui vormden de Irakese christenen 3 % van de bevolking vóór 2003. De voortdurende chaos en de rechtstreekse aanvallen op deze religieuze minderheid heeft tienduizenden gedwongen hun huizen (en zelfs hun land) te ontvluchten.

 

 

PAULUS GOES WERELDWIJD

 

Dat Paulus het Blijde Nieuws wereldwijd wou verkondigen, wisten we natuurlijk al. We hebben in ‘Geloof en Leven’ een lange reeks aan hem gewijd en daarin verscheen hij ons als wereldwijde verkondiger van het Goede Nieuws dat Jezus gebracht heeft, het Goede Nieuws dat Jezus zelf is. In het plan van de Voorzienigheid heeft Paulus de taak gekregen - en op zich genomen - om dat Goede Nieuws te brengen naar mensen van buiten zijn eigen geloofskring,  het Judaïsme. Zonder tekort te doen aan hen aan wie het Blijde Nieuws het eerst verkondigd werd en voor wie de ‘beloften aan de vaderen gedaan’ op de eerste plaats golden, mocht Paulus begrijpen dat Gods plan in Jezus, de Gezalfde, alle mensen betrof. Wat een vreugde (voor ons als niet-Joden)! Wat een grote, liefhebbende God, onze God.

Paus Benedictus de 16de heeft vorig jaar in de basiliek "Sint Paulus buiten de muren" afgekondigd dat er een Paulusjaar zou gevierd worden van 28 juni 2008 tot 29 juni 2009, 2000 jaar na zijn geboorte. Natuurlijk zal dat jaar vooral gevierd worden in Rome, de plaats van zijn martelaarschap en vooral in de basiliek van St.-Paulus buiten de muren. De paus ziet dat jaar ook als een vernieuwde uitnodiging en kans tot eenheid tussen de christenen zoals hij het op het einde van zijn preek uitdrukte: "Moge Paulus het verlangen naar de volle eenheid van alle leden van het mystieke Lichaam van Christus doen voortgaan".

 

EXODUS "JIJ EN IK:EEN WONDER!"

Website van "Jij en Ik: een Wonder!": http://www.jijenik.be

 

 

VOOR WIE? VOOR WAT? MENSEN GEOFFERD AAN IDEEËN

B.V.V.

Eigen gelijk en … geweld

Ik heb “Stalingrad” nog maar eens gelezen. Een oorlogsroman. Tijdverlies?

Als je dat boek de eerste keer leest doe je het zowat zoals je een oorlogsroman leest, een beetje vanuit een morbide belangstelling voor oorlogsfeiten, in dit geval voor de totale afgang van het geweldige leger van Hitler na zijn schroeiende inval in Rusland (en Oekraïne), zijn grandioze successen, zijn wraakroepende excessen en moordpartijen op weerloze burgers (vooral door de SS-brigades), de ongelooflijke vernedering van de Russische mens (slavenvolk)...

Nu lees ik dat boek met andere ogen. Ik volg de mens. Ik tracht te begrijpen. Ik tracht na te gaan wat er gebeurd is, met welke bedoeling, ja, met welke uiteindelijke bedoeling dat alles gebeurd is. En of dit wel de juiste manier was, of dit “überhaupt” ergens toe kon leiden…? Op zulke krankzinnige wijze het belang van één overtuiging, van één volk, van één partij, van één opinie, van één man na te streven ... ten koste van al de rest!

We zien dan voor onze geest het gebeuren van de twee wereldoorlogen, de kolonisering, de Golfoorlogen, de communistische wereldrevolutie(s), het gebeuren van het moslimterrorisme, allerlei genociden in Afrika en elders...

 

Voor wie en waartoe?

Voor wie gebeurt dit alles? En wat is het uiteindelijk doel? Met de bijkomende vraag of vragen: Wat valt eraan ten offer? Hoeveel mensen offert men op  en welke menselijke waarden treedt men met de voeten?  Voor wie? Voor wat?

Zelfs op het kleine niveau van ons eigen bezigzijn in deze wereld, van de eigen kleine beweging waar we deel van uitmaken, is het van het allergrootste belang te weten voor wie we leven en handelen en wat de uiteindelijke bedoeling is van ons handelen. Want dit zal dan ook dat handelen zelf evenals de manier waarop we handelen sterk (moeten) beïnvloeden en de uiteindelijke waarde ervan bepalen.

Als christen hebben we meer nog dan anderen de verplichting om na te gaan of ons leven en ons handelen nog echt met God te maken heeft en of het nog echt bezield wordt door Gods heilswil die het goed van de mens, van elk mens op het oog heeft. De ultieme dwaasheid van het verleden toont wegen tot bekering..

 

BOEKENMAND

MOREELS, Réginald -  & PINXTEN Rik -, De grote Transitie. Gesprekken tussen een gelovig arts en een antropoloog zonder God. Lannoo2007, 144 blz., 14,95 EUR.

SINGELBERG

WILSSENS, M-A -, e.a. Singelberg. Het kasteel en het land van Beveren. Lannoo 2007, 271 blz., € 45. Verscheen gelijktijdig in een Nederlandse, Franse, Engelse, Duitse en Spaanse editie.

 

MYSTERY IN GHENT” (Roman)

Father John and the Just Judges’ (Father John en de ‘Rechtvaardige Rechters’)

By Neb Singleberg